Artikel 91, Wetboek van de Btw
(Met ingang van 01.01.2002 worden de in dit artikel opgenomen bedragen in euro uitgedrukt (Art. 2, 9° en 5, § 5, 1° en 2°, KB 20.07.2000))
§ 1. Een interest van 0,8 pct. per maand is van rechtswege verschuldigd wanneer de belasting niet voldaan is :
1° binnen de termijn die ter uitvoering van de artikelen 52, 53, eerste lid, 4°, 53ter, 2° en 53octies, is gesteld;
2° binnen de termijn die ter uitvoering van artikel 53nonies is gesteld;
3° binnen de termijn die ter uitvoering van artikel 54 is gesteld, voor de belastingplichtigen bedoeld in artikel 8.
De interest wordt om de maand berekend over het totaal van de verschuldigde belasting, afgerond op het dichtstbijzijnde lagere veelvoud van 10 euro. Ieder begonnen tijdvak van een maand wordt voor een gehele maand gerekend.
De interest van een maand wordt slechts gevorderd indien hij 2,50 EUR bereikt.
§ 2. Wanneer de in artikel 59, § 2, bedoelde procedure uitwijst dat de belasting werd voldaan over een ontoereikende maatstaf, is van rechtswege een interest van 0,8 pct. per maand verschuldigd te rekenen vanaf de inleidende daad van de procedure; die interest wordt op de in § 1 bepaalde wijze berekend.
§ 3. Een interest van 0,8 pct. per maand is van rechtswege verschuldigd over de sommen die moeten worden teruggegeven :
1° met toepassing van artikel 76, § 1, eerste lid, te rekenen vanaf het verstrijken van de in deze tekst bepaalde termijn;
2° met toepassing van de bepalingen van de achtste richtlijn nr. 79/1072/EEG, van 6 december 1979, betreffende de harmonisatie van de wetgevingen der Lid-Staten inzake omzetbelasting - Regeling voor de teruggaaf van de belasting over de toegevoegde waarde aan niet in het binnenland gevestigde belastingplichten, voor de aanvragen om teruggaaf ingediend vanaf 1 oktober 1997, te rekenen vanaf het verstrijken van de termijn van zes maanden bepaald in artikel 7, punt 4, van die richtlijn. Wanneer evenwel de Administratie van de BTW, registratie en domeinen aanvullende inlichtingen vraagt op basis van artikel 6 van voornoemde richtlijn, wordt de loop van die termijn geschorst tijdens een periode die ingaat op de datum van de verzending van het verzoek om inlichtingen aan de belastingplichtige en die eindigt op de datum waarop de belastingplichtige voldaan heeft aan zijn verplichting om de nodige inlichtingen te verschaffen om de gegrondheid van zijn aanvraag om teruggaaf te beoordelen.
De interest wordt om de maand berekend over het totaal van de terug te geven belasting, afgerond op het dichtstbijzijnde lagere veelvoud van 10 euro. Ieder begonnen tijdvak van een maand wordt voor een gehele maand gerekend.
De interest van een maand is slechts verschuldigd indien hij 2,50 EUR bereikt.
§ 4. De moratoire interesten over in te vorderen of terug te geven sommen die niet in de §§ 1, 2 en 3 zijn bedoeld, zijn verschuldigd tegen de rentevoet in burgerlijke zaken en met inachtneming van de terzake geldende regelen.
§ 5. De Koning kan, wanneer zulks ingevolge de op de geldmarkt toegepaste rentevoeten verantwoord is, de in de §§ 1, 2 en 3 bedoelde interestvoeten aanpassen.
