Artikel 12:74, WVV

Art. 12:74.§ 1. Onder voorbehoud van de paragrafen 2 en 3 gelden voor de oprichting van ieder van de nieuwe vennootschappen alle voorwaarden die dit wetboek voor de gekozen vennootschapsvorm stelt. De artikelen 5:4, 6:5 en 7:3 zijn niet van toepassing.
  § 2. Ongeacht de rechtsvorm van de nieuwe vennootschap, moet haar oprichting, op straffe van nietigheid, bij authentieke akte worden vastgesteld. In die akte worden in voorkomend geval de conclusies van het in artikel 12:78 bedoelde verslag van de commissaris of de bedrijfsrevisor of [2 gecertificeerd accountant]2 opgenomen.
  § 3. Indien een verslag werd opgesteld overeenkomstig artikel 12:78, zijn de artikelen 7:7, 7:12 en 7:13, tweede lid, tweede volzin, en 7:14, eerste lid, 2° en 7°, niet van toepassing op de naamloze vennootschap [1 , de Europese vennootschap en de Europese coöperatieve vennootschap die door de splitsing tot stand zijn gekomen]1.
  Indien een verslag werd opgesteld overeenkomstig artikel 12:78, zijn de artikelen 5:7, 5:9 en 5:12, eerste lid, 2 en 5°, niet van toepassing op de besloten vennootschap die door de splitsing tot stand is gekomen.
  Indien een verslag werd opgesteld overeenkomstig artikel 12:78, zijn de artikelen 6:8, 6:10 en 6:13, eerste lid, 2° en 5°, niet van toepassing op de coöperatieve vennootschap [1 die door de splitsing tot stand is]1 gekomen.
  ----------
  (1)<W 2020-04-28/06, art. 203, 002; Inwerkingtreding : 06-05-2020>
  (2)<W 2023-05-25/04, art. 84, 013; Inwerkingtreding : 16-06-2023>

  
Bron: Justel