Artikel 3:8/2, WVV
Art. 3:8/2. [1 § 1. De dochtervennootschap die deel uitmaakt van een groep waarvan de uiteindelijke moederonderneming niet onder het recht van een lidstaat valt en waarvan het totaal van de inkomsten van die groep op de balansdatum voor elk van de laatste twee opeenvolgende boekjaren blijkens de geconsolideerde jaarrekening van de groep meer bedraagt dan 750.000.000 euro, stelt een verslag inzake informatie over de inkomstenbelasting betreffende die uiteindelijke moederonderneming op over het meeste recente van deze twee opeenvolgende boekjaren. De Koning bepaalt de vorm en de inhoud van het verslag.
De dochtervennootschap is niet langer aan de in het eerste lid bedoelde verplichting onderworpen wanneer het totaal van de inkomsten van de groep op de balansdatum voor elk van de laatste twee opeenvolgende boekjaren blijkens de geconsolideerde jaarrekening van de groep het grensbedrag van 750.000.000 euro niet meer heeft overschreden.
De inkomsten bedoeld in het eerste en het tweede lid worden gedefinieerd volgens het stelsel voor financiële verslaglegging waarop de geconsolideerde jaarrekening van de uiteindelijke moederonderneming is gebaseerd.
Een dochtervennootschap die overeenkomstig artikel 1:24 als kleine vennootschap wordt beschouwd, is niet onderworpen aan de in het eerste lid bedoelde verplichting.
Een dochtervennootschap of een verbonden vennootschap waarvan de moederonderneming van een andere lidstaat een verslag inzake informatie over de inkomstenbelasting heeft opgesteld en openbaar gemaakt overeenkomstig de voorschriften van die lidstaat is niet onderworpen aan de in het eerste lid bedoelde verplichting.
§ 2. De Koning kan het in paragraaf 1 vermelde cijfer wijzigen, na overleg in de Ministerraad en na advies van de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2024-01-08/03, art. 9, 017; Inwerkingtreding : 05-02-2024>
De dochtervennootschap is niet langer aan de in het eerste lid bedoelde verplichting onderworpen wanneer het totaal van de inkomsten van de groep op de balansdatum voor elk van de laatste twee opeenvolgende boekjaren blijkens de geconsolideerde jaarrekening van de groep het grensbedrag van 750.000.000 euro niet meer heeft overschreden.
De inkomsten bedoeld in het eerste en het tweede lid worden gedefinieerd volgens het stelsel voor financiële verslaglegging waarop de geconsolideerde jaarrekening van de uiteindelijke moederonderneming is gebaseerd.
Een dochtervennootschap die overeenkomstig artikel 1:24 als kleine vennootschap wordt beschouwd, is niet onderworpen aan de in het eerste lid bedoelde verplichting.
Een dochtervennootschap of een verbonden vennootschap waarvan de moederonderneming van een andere lidstaat een verslag inzake informatie over de inkomstenbelasting heeft opgesteld en openbaar gemaakt overeenkomstig de voorschriften van die lidstaat is niet onderworpen aan de in het eerste lid bedoelde verplichting.
§ 2. De Koning kan het in paragraaf 1 vermelde cijfer wijzigen, na overleg in de Ministerraad en na advies van de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2024-01-08/03, art. 9, 017; Inwerkingtreding : 05-02-2024>
Bron: Justel
