Artikel 6:117, WVV
Art. 6:117.Indien komt vast te staan dat de leden van het bestuursorgaan bij het nemen van het besluit als bedoeld in artikel 6:116 wisten of, gezien de omstandigheden, behoorden te weten dat de vennootschap ten gevolge van de uitkering redelijk niet meer in staat zou zijn haar schulden te voldoen zoals bepaald in artikel 6:116, zijn zij tegenover de vennootschap en derden hoofdelijk aansprakelijk voor alle daaruit voortvloeiende schade.
De vennootschap kan elke uitkering die in strijd met de artikelen 6:115 en 6:116 is verricht [1 terugvorderen van de aandeelhouders of alle andere personen ten behoeve van wie de uitkering is beslist]1, ongeacht hun goede of kwade trouw.
----------
(1)<W 2020-04-28/06, art. 130, 002; Inwerkingtreding : 06-05-2020>
De vennootschap kan elke uitkering die in strijd met de artikelen 6:115 en 6:116 is verricht [1 terugvorderen van de aandeelhouders of alle andere personen ten behoeve van wie de uitkering is beslist]1, ongeacht hun goede of kwade trouw.
----------
(1)<W 2020-04-28/06, art. 130, 002; Inwerkingtreding : 06-05-2020>
Bron: Justel
