Artikel 3:6/5, WVV
Art. 3:6/5. [1 § 1. Tenzij de vennootschap bedoeld in artikel 1:12, 1° en 2°, onder het toepassingsgebied van artikel 3:6/1, § 1, eerste lid, 1°, valt, mag de duurzaamheidsinformatie in het jaarverslag van die vennootschap worden beperkt als volgt:
1° een korte beschrijving van het bedrijfsmodel en de strategie van de vennootschap;
2° een beschrijving van het beleid van de vennootschap met betrekking tot duurzaamheidskwesties;
3° de belangrijkste feitelijke of potentiële negatieve effecten van de vennootschap op duurzaamheidskwesties, en de maatregelen die zijn genomen om dergelijke feitelijke of potentiële negatieve effecten in kaart te brengen, te monitoren, te voorkomen, te beperken of te verhelpen;
4° de voornaamste risico's voor de vennootschap in verband met duurzaamheidskwesties en hoe de onderneming die risico's beheert;
5° essentiële indicatoren die nodig zijn voor de informatieverschaffing bedoeld in 1° tot 4°.
Het bestuursorgaan neemt deze beperkte duurzaamheidsinformatie in het jaarverslag van de vennootschap bedoeld in artikel 1:12, 1° en 2°, op grond van Europese standaarden van duurzaamheidsverslaglegging voor kleine en middelgrote ondernemingen en die de Europese Commissie door middel van de gedelegeerde handelingen bedoeld in artikel 29quater van Richtlijn 2013/34/EU heeft vastgelegd.
§ 2. Paragraaf 1 is ook van toepassing op:
1° kleine en niet-complexe instellingen bedoeld in artikel 4, lid 1, punt 145), van Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012;
2° verzekeringscaptives: de ondernemingen bedoeld in artikel 15, 21°, van de wet van 13 maart 2016 op het statuut van en het toezicht op verzekerings- of herverzekeringsondernemingen;
3° herverzekeringscaptives: ondernemingen bedoeld in artikel 15, 22°, van de wet van 13 maart 2016 op het statuut van en het toezicht op verzekerings- of herverzekeringsondernemingen.
§ 3. De vennootschappen die de duurzaamheidsinformatie beperken overeenkomstig paragraaf 1, worden geacht te hebben voldaan aan de vereiste van artikel 3:6, § 1, tweede lid, tweede en derde zin.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2024-12-02/07, art. 17, 024; Inwerkingtreding : 30-12-2024>
1° een korte beschrijving van het bedrijfsmodel en de strategie van de vennootschap;
2° een beschrijving van het beleid van de vennootschap met betrekking tot duurzaamheidskwesties;
3° de belangrijkste feitelijke of potentiële negatieve effecten van de vennootschap op duurzaamheidskwesties, en de maatregelen die zijn genomen om dergelijke feitelijke of potentiële negatieve effecten in kaart te brengen, te monitoren, te voorkomen, te beperken of te verhelpen;
4° de voornaamste risico's voor de vennootschap in verband met duurzaamheidskwesties en hoe de onderneming die risico's beheert;
5° essentiële indicatoren die nodig zijn voor de informatieverschaffing bedoeld in 1° tot 4°.
Het bestuursorgaan neemt deze beperkte duurzaamheidsinformatie in het jaarverslag van de vennootschap bedoeld in artikel 1:12, 1° en 2°, op grond van Europese standaarden van duurzaamheidsverslaglegging voor kleine en middelgrote ondernemingen en die de Europese Commissie door middel van de gedelegeerde handelingen bedoeld in artikel 29quater van Richtlijn 2013/34/EU heeft vastgelegd.
§ 2. Paragraaf 1 is ook van toepassing op:
1° kleine en niet-complexe instellingen bedoeld in artikel 4, lid 1, punt 145), van Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012;
2° verzekeringscaptives: de ondernemingen bedoeld in artikel 15, 21°, van de wet van 13 maart 2016 op het statuut van en het toezicht op verzekerings- of herverzekeringsondernemingen;
3° herverzekeringscaptives: ondernemingen bedoeld in artikel 15, 22°, van de wet van 13 maart 2016 op het statuut van en het toezicht op verzekerings- of herverzekeringsondernemingen.
§ 3. De vennootschappen die de duurzaamheidsinformatie beperken overeenkomstig paragraaf 1, worden geacht te hebben voldaan aan de vereiste van artikel 3:6, § 1, tweede lid, tweede en derde zin.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2024-12-02/07, art. 17, 024; Inwerkingtreding : 30-12-2024>
Bron: Justel
