Artikel 7:191, WVV

Art. 7:191.De algemene vergadering die moet beraadslagen en besluiten over de kapitaalverhoging, over de uitgifte van converteerbare obligaties of over de uitgifte van inschrijvingsrechten, kan met naleving van de aanwezigheids- en meerderheidsvereisten voorgeschreven voor een statutenwijziging, in het belang van de vennootschap het voorkeurrecht beperken of opheffen. Het voorstel daartoe moet speciaal in de oproeping worden vermeld.
  In dat geval verantwoordt het bestuursorgaan in het in artikel 7:179, § 1, eerste lid, of in artikel 7:180, eerste lid, bedoelde verslag uitdrukkelijk de redenen voor de beperking of opheffing van het voorkeurrecht en geeft het aan welke de gevolgen daarvan zijn op de vermogens- en lidmaatschapsrechten van de aandeelhouders.
  In het in artikel 7:179, § 1, tweede lid, of in artikel 7:180, tweede lid, bedoelde verslag beoordeelt de commissaris of de in het verslag, dat het bestuursorgaan overeenkomstig het tweede lid heeft opgesteld, opgenomen financiële en boekhoudkundige gegevens in alle van materieel belang zijnde opzichten getrouw zijn en voldoende om de algemene vergadering die over het voorstel moet stemmen voor te lichten. Als er geen commissaris is, wordt deze beoordeling verstrekt door een bedrijfsrevisor of een [1 gecertificeerd accountant]1 aangewezen door het bestuursorgaan.
  Wanneer de verantwoording bedoeld in het tweede lid, of de beoordeling bedoeld in het derde lid ontbreken, is het besluit van de algemene vergadering nietig.
  Het besluit van de algemene vergadering om het voorkeurrecht te beperken of op te heffen moet worden neergelegd en bekendgemaakt overeenkomstig de artikelen 2:8 en 2:14, 4°.
  ----------
  (1)<W 2023-05-25/04, art. 84, 013; Inwerkingtreding : 16-06-2023>

  
Bron: Justel