Artikel 7:222, WVV

Art. 7:222. Wanneer de andere dan rechtstreekse dochters aandelen of winstbewijzen van hun genoteerde moedervennootschap aan- of verkopen, dienen zij de artikelen 7:215, § 1, 4°, en 7:218, § 1, 1°, 2° en 4°, in acht te nemen.
  Het eerste lid geldt evenwel niet wanneer de aandelen of winstbewijzen van de moedervennootschap of de certificaten die betrekking hebben op deze aandelen of winstbewijzen, in het bezit zijn van een onrechtstreekse dochtervennootschap die in haar hoedanigheid van professionele effectenhandelaar een beursvennootschap of een kredietinstelling is.

  
Bron: Justel