Artikel IV.35, WER
Art. IV.35.[1 § 1. De functies van voorzitter, auditeur-generaal, directeur economische zaken, directeur juridische zaken [3 , directeur planning en budget]3 en personeelslid van de Belgische Mededingingsautoriteit zijn onverenigbaar met de gerechtelijke functies, met de uitoefening van een openbaar mandaat toegekend door verkiezing op een ander niveau dan het lokale of provinciale niveau, met elke bezoldigde functie of openbaar ambt van politieke of administratieve aard, met de ambten van notaris en gerechtsdeurwaarder, met het beroep van advocaat, met de militaire status en met de functie van bedienaar van een erkende eredienst.
§ 2. De functies van assessor-ondervoorzitter en assessor zijn onverenigbaar met de uitoefening van een openbaar mandaat toegekend door verkiezing op een ander niveau dan het lokale of provinciale niveau, met elke bezoldigde functie of openbaar ambt van politieke of administratieve aard, met uitzondering van ambten in instellingen van hoger onderwijs, met de ambten van notaris en gerechtsdeurwaarder, met de militaire status en met de functie van bedienaar van een erkende eredienst.
§ 3. Van de eerste paragraaf mag worden afgeweken ingeval het de uitoefening betreft van het ambt van professor, docent, lector of assistent in de instellingen voor hoger onderwijs, voor zover dat ambt niet wordt uitgeoefend gedurende meer dan twee halve dagen per week.
Van de eerste en tweede paragraaf mag worden afgeweken:
1° ingeval het de uitoefening betreft van de functie van lid van een examencommissie;
2° ingeval het de deelname betreft aan een commissie, een raad of een adviescomité, voor zover het aantal opdrachten of functies beperkt is tot twee en het gaat om opdrachten of functies die onbezoldigd worden uitgeoefend;
[2 3° ingeval het gaat om een bezoldigde functie of openbaar ambt van administratieve aard dat niet rechtstreeks of onrechtstreeks voordeel haalt uit de beslissingen en standpunten die de Belgische Mededingingsautoriteit kan innemen, voor zover dat die functie of dat ambt niet wordt uitgeoefend gedurende meer dan twee halve dagen per week.]2
De afwijkingen bedoeld in het eerste en tweede lid worden toegekend door de voorzitter, en ingeval het hem betreft, door de minister.]1
----------
(1)<W 2019-05-02/34, art. 3, 078; Inwerkingtreding : 03-06-2019>
(2)<W 2022-02-28/02, art. 12, 104; Inwerkingtreding : 17-03-2022>
(3)<W 2024-03-29/39, art. 23, 131; Inwerkingtreding : 13-05-2024>
§ 2. De functies van assessor-ondervoorzitter en assessor zijn onverenigbaar met de uitoefening van een openbaar mandaat toegekend door verkiezing op een ander niveau dan het lokale of provinciale niveau, met elke bezoldigde functie of openbaar ambt van politieke of administratieve aard, met uitzondering van ambten in instellingen van hoger onderwijs, met de ambten van notaris en gerechtsdeurwaarder, met de militaire status en met de functie van bedienaar van een erkende eredienst.
§ 3. Van de eerste paragraaf mag worden afgeweken ingeval het de uitoefening betreft van het ambt van professor, docent, lector of assistent in de instellingen voor hoger onderwijs, voor zover dat ambt niet wordt uitgeoefend gedurende meer dan twee halve dagen per week.
Van de eerste en tweede paragraaf mag worden afgeweken:
1° ingeval het de uitoefening betreft van de functie van lid van een examencommissie;
2° ingeval het de deelname betreft aan een commissie, een raad of een adviescomité, voor zover het aantal opdrachten of functies beperkt is tot twee en het gaat om opdrachten of functies die onbezoldigd worden uitgeoefend;
[2 3° ingeval het gaat om een bezoldigde functie of openbaar ambt van administratieve aard dat niet rechtstreeks of onrechtstreeks voordeel haalt uit de beslissingen en standpunten die de Belgische Mededingingsautoriteit kan innemen, voor zover dat die functie of dat ambt niet wordt uitgeoefend gedurende meer dan twee halve dagen per week.]2
De afwijkingen bedoeld in het eerste en tweede lid worden toegekend door de voorzitter, en ingeval het hem betreft, door de minister.]1
----------
(1)<W 2019-05-02/34, art. 3, 078; Inwerkingtreding : 03-06-2019>
(2)<W 2022-02-28/02, art. 12, 104; Inwerkingtreding : 17-03-2022>
(3)<W 2024-03-29/39, art. 23, 131; Inwerkingtreding : 13-05-2024>
Bron: Justel
