Artikel XX.120, WER

Art. XX.120.[1 § 1. Alle beslagen gelegd vóór het vonnis van faillietverklaring worden geschorst.
   Indien evenwel de dag van de gedwongen verkoop van de in beslag genomen roerende goederen voor dat vonnis was bepaald en door aanplakking bekendgemaakt, geschiedt die verkoop voor rekening van de boedel. Wanneer het belang van de boedel het vereist, kan de [3 rechtbank]3 op verzoek van de curatoren, en na de oproeping van [2 de ingeschreven of geregistreerde hypothecaire en bevoorrechte schuldeisers, de beslagleggende schuldeiser]2 bij gerechtsbrief ten minste acht dagen voor de zitting, uitstel of afstel van de verkoop toestaan.
   Indien voorafgaand aan dit vonnis, de beschikking gewezen overeenkomstig de artikelen 1580, 1580bis en 1580ter van het Gerechtelijk Wetboek, niet langer vatbaar is voor het verzet bedoeld in de artikelen 1033 en 1034 van hetzelfde Wetboek, kunnen de verkoopverrichtingen na uitvoerend onroerend beslag eveneens voor rekening van de boedel worden voortgezet.
   Wanneer het belang van de boedel het vereist, kan de rechter-commissaris op verzoek van de curator, en na de oproeping van [2 de ingeschreven [4 hypothecaire schuldeisers, de ingeschreven bevoorrechte schuldeisers, desgevallend de in het Pandregister geregistreerde schuldeisers, de beslagleggende schuldeiser en de schuldeisers die een vordering ingesteld krachtens artikel 5.243 van het Burgerlijk Wetboek hebben laten kantmelden]4]2 bij gerechtsbrief ten minste acht dagen voor de zitting, uitstel of afstel van de verkoop toestaan. De curator dient de notaris belast met de verkoop van het goed schriftelijk te informeren van zijn verzoek tot uitstel of afstel. Dit verzoek tot uitstel of afstel van de verkoop is niet langer ontvankelijk na de aanmaning gedaan aan de beslagene overeenkomstig artikel 1582 van het Gerechtelijk Wetboek.
   De werkelijke kosten waaraan de notaris werd blootgesteld in het kader van de gedwongen verkoop, tussen zijn aanstelling en het neerleggen van het verzoekschrift tot uitstel of afstel, zijn [3 bevoorrecht als gerechtskosten, indien de rechtbank het]3 uitstel of het afstel van de verkoop toelaat. [3 ...]3
  [3 ...]3
   § 2. In geval van beslag gevoerd tegen meerdere schuldenaren waarvan slechts één failliet werd verklaard, wordt de gedwongen verkoop van de roerende of onroerende goederen voortgezet overeenkomstig de regels van het roerend of onroerend beslag naargelang het geval. Na betaling van de hypothecaire en bijzonder bevoorrechte schuldeisers, stort [3 de gerechtsdeurwaarder of]3 de notaris het saldo van het gedeelte van de verkoopprijs dat aan de gefailleerde toekomt, aan de curator. Deze storting is bevrijdend net zoals de storting gedaan door de koper overeenkomstig artikel 1641 van het Gerechtelijk Wetboek.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij W 2017-08-11/14, art. 3, 058; Inwerkingtreding : 01-05-2018>
  (2)<W 2018-04-15/14, art. 234, 059; Inwerkingtreding : 01-05-2018>
  (3)<W 2023-06-07/07, art. 213, 122; Inwerkingtreding : 01-09-2023>
  (4)<W 2023-12-19/05, art. 80, 125; Inwerkingtreding : 06-01-2024>

  
Bron: Justel