Artikel X.49, WER

Art. X.49.[1 Alle rechtsvorderingen, ontstaan uit de overeenkomst van goederenvervoer, met uitzondering van het ziekenvervoer en van die welke volgen uit een strafbaar feit, verjaren door verloop van zes maanden ten aanzien van binnenlands vervoer en door verloop van een jaar ten aanzien van internationaal vervoer.
   De verjaring loopt, in geval van totaal verlies of van vertraging, van de dag waarop het vervoer had moeten plaatshebben, en in geval van gedeeltelijk verlies of van beschadiging, van de dag der afgifte van de goederen. In geval van onregelmatige toepassing van het tarief of van fouten in de berekening van de vervoerkosten en bijkomende kosten, loopt de verjaring van de dag der betaling.
   De rechtsvorderingen ontstaan uit de overeenkomst van personenvervoer, met uitzondering van die welke volgen uit een strafbaar feit, verjaren door verloop van [2 twee jaren]2.
   De verjaring loopt van de dag waarop het feit dat tot de rechtsvordering aanleiding geeft, zich heeft voorgedaan.
   Regresvorderingen moeten, op straffe van verval, worden ingesteld binnen de termijn van een maand, te rekenen van de dagvaarding die tot het regres aanleiding geeft.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij W 2018-04-15/14, art. 182, 059; Inwerkingtreding : 01-11-2018>
  (2)<W 2023-11-05/07, art. 25, 123; Inwerkingtreding : 21-12-2023>

  
Bron: Justel