Artikel IV.40/1, WER
Art. IV.40/1.[1 Onverminderd de bevoegdheden van de politieambtenaren van de lokale en federale politie zijn de auditeur en de door de minister gemachtigde personeelsleden van de Belgische Mededingingsautoriteit bevoegd om inbreuken op dit boek op te sporen en om deze inbreuken vast te stellen bij processen-verbaal waarvan die feitelijke vaststellingen gelden als bewijs tot het tegendeel is bewezen.
Zij zijn eveneens bevoegd om alle nuttige inlichtingen op te sporen en om alle noodzakelijke vaststellingen te doen met het oog op de toepassing van de artikelen IV.6, IV.7, IV.9, IV.10 en IV.11.
[2 Inbegrepen voorafgaandelijk aan de opening van een onderzoek bedoeld in artikel IV.39, verzamelen zij alle inlichtingen, ontbieden zij iedere vertegenwoordiger van een onderneming of een ondernemingsvereniging en iedere natuurlijke persoon, wanneer deze vertegenwoordiger of persoon mogelijk in het bezit is van relevante informatie om te verschijnen voor een verhoor, nemen zij alle geschreven of mondelinge verklaringen of getuigenissen af, doen zij zich, met naleving van artikel IV.40, alle documenten, gegevens, of inlichtingen meedelen, wat ook de vorm, drager en wie ook de houder ervan is, die zij nodig achten ter vervulling van hun opdracht en waarvan zij kopie mogen nemen, en doen zij ter plaatse de nodige vaststellingen.]2]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2022-02-28/02, art. 16, 104; Inwerkingtreding : 17-03-2022>
(2)<W 2023-11-05/07, art. 7, 123; Inwerkingtreding : 21-12-2023>
Zij zijn eveneens bevoegd om alle nuttige inlichtingen op te sporen en om alle noodzakelijke vaststellingen te doen met het oog op de toepassing van de artikelen IV.6, IV.7, IV.9, IV.10 en IV.11.
[2 Inbegrepen voorafgaandelijk aan de opening van een onderzoek bedoeld in artikel IV.39, verzamelen zij alle inlichtingen, ontbieden zij iedere vertegenwoordiger van een onderneming of een ondernemingsvereniging en iedere natuurlijke persoon, wanneer deze vertegenwoordiger of persoon mogelijk in het bezit is van relevante informatie om te verschijnen voor een verhoor, nemen zij alle geschreven of mondelinge verklaringen of getuigenissen af, doen zij zich, met naleving van artikel IV.40, alle documenten, gegevens, of inlichtingen meedelen, wat ook de vorm, drager en wie ook de houder ervan is, die zij nodig achten ter vervulling van hun opdracht en waarvan zij kopie mogen nemen, en doen zij ter plaatse de nodige vaststellingen.]2]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2022-02-28/02, art. 16, 104; Inwerkingtreding : 17-03-2022>
(2)<W 2023-11-05/07, art. 7, 123; Inwerkingtreding : 21-12-2023>
Bron: Justel
