Artikel XV.16, WER

Art. XV.16.[1 De minister of de ambtenaar bedoeld in artikel XV.2 kan een onderneming vragen dat zij de bewijzen levert betreffende de materiële juistheid van de feitelijke gegevens die zij meedeelt in het kader van een handelspraktijk.
  De onderneming moet binnen een termijn van maximum één maand het bewijs van de materiële juistheid van die gegevens leveren.
  Wanneer de bewijzen vereist krachtens het eerste lid niet worden geleverd of onvoldoende worden geacht, kan de minister of de [2 ambtenaar bedoeld in artikel XV.2]2 oordelen dat de handelspraktijk in strijd is met de bepalingen van boek VI, titel 4. ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij W 2013-12-21/23, art. 4, 009; Inwerkingtreding : 31-05-2014>
  (2)<W 2024-05-03/21, art. 28, 135; Inwerkingtreding : 10-06-2024>

  
Bron: Justel