Artikel VII.78, WER

Art. VII.78.[1 § 1. De kredietovereenkomst wordt gesloten door de handmatige handtekening of de elektronische ondertekening, [2 ...]2 van alle contracterende partijen en wordt opgesteld op een [6 duurzame gegevensdrager]6 die het geheel van alle contractuele voorwaarden en vermeldingen bedoeld in dit artikel bevat. Elke overeenkomstsluitende partij die een onderscheiden belang heeft evenals de kredietbemiddelaar krijgt een exemplaar van de kredietovereenkomst.
  Behalve voor de kredietopening is geen enkele kredietovereenkomst van bepaalde duur met aflossing van kapitaal voltrokken zolang er geen aflossingstabel, bedoeld in § 3, 4° van dit artikel, werd overhandigd aan iedere overeenkomstsluitende partij met een onderscheiden belang.
  Bij een kredietopening laat de consument zijn handtekening voorafgaan door de vermelding van het kredietbedrag : "Gelezen en goedgekeurd voor... euro op krediet.". Bij alle overige kredietovereenkomsten laat de consument zijn handtekening voorafgaan door de vermelding van het totale door de consument terug te betalen bedrag : "Gelezen en goedgekeurd voor... euro terug te betalen.". In beide gevallen vermeldt de consument de datum en het juiste adres van de ondertekening van het contract.
  [2 De elektronische ondertekening bedoeld in het eerste lid gebeurt :
   -door een [3 gekwalificeerde elektronische handtekening of een gekwalificeerd elektronisch zegel, bedoeld in respectievelijk artikel 3.12. en 3.27. van verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt en tot intrekking van Richtlijn 1999/93/EG.]3,
   [5 - of door een andere elektronische handtekening die de identiteit van de partijen, hun instemming met de inhoud van de kredietovereenkomst en het behoud van de integriteit van deze overeenkomst verzekert. De Koning kan hiertoe criteria bepalen. In geval van betwisting is het aan de kredietgever om aan te tonen dat deze elektronische handtekening daadwerkelijk deze functies verzekert.]5]2
  § 2. De kredietovereenkomst vermeldt op beknopte en duidelijke wijze :
  1° het soort krediet;
  2° de naam, voornaam, geboorteplaats e. datum alsook de woonplaats van de consument en, desgevallend, de personen die een zekerheid stellen;
  3° de identiteit van de kredietgever met inbegrip van zijn ondernemingsnummer, zijn geografisch adres dat relevant is voor de betrekkingen met de consument evenals de benaming en het adres van het bevoegde toezichthoudend bestuur bij de FOD Economie;
  4° desgevallend, de identiteit van de kredietbemiddelaar met inbegrip van zijn ondernemingsnummer, zijn geografisch adres dat relevant is voor de betrekkingen met de consument evenals de benaming en het adres van het bevoegde toezichthoudend bestuur bij de FOD Economie;
  5° de duur van de kredietovereenkomst;
  6° het kredietbedrag en de voorwaarden voor kredietopneming;
  7° de debetrentevoet, de voorwaarden die de toepassing van deze rentevoet regelen en, voor zover beschikbaar, indices of referentierentevoeten die betrekking hebben op de aanvankelijke debetrentevoet, en de termijnen, voorwaarden en procedures voor wijziging ervan. Indien naargelang van de verschillende omstandigheden verschillende debetrentevoeten worden toegepast, wordt deze informatie met betrekking tot alle toepasselijke rentevoeten verstrekt;
  8° het jaarlijkse kostenpercentage en het totale door de consument te betalen bedrag, berekend bij het sluiten van de kredietovereenkomst. Alle bij de berekening van dit percentage gebruikte veronderstellingen worden vermeld;
  9° de te volgen procedure om een einde te stellen aan de kredietovereenkomst;
  10° de clausule : "Deze overeenkomst maakt het voorwerp uit van registratie in de Centrale voor Kredieten aan Particulieren overeenkomstig artikel VII. 148 van het Wetboek van economisch recht";
  11° de doeleinden van de verwerking in de Centrale;
  12° de naam van de Centrale;
  13° het bestaan van een recht op toegang, op verbetering en op uitwissing van de gegevens alsook de bewaartermijnen van deze laatste.
  § 3. Naast de informatie bedoeld in § 2, vermeldt de kredietovereenkomst, met uitzondering van de kredietovereenkomsten bedoeld in § 4, op beknopte en duidelijke wijze :
  1° indien over het krediet door middel van een betaalinstrument kan worden beschikt, de regelen toepasselijk krachtens de wetgeving op de betalingsdiensten in geval van verlies, diefstal of onrechtmatig gebruik van de kaart of titel, evenals, desgevallend, het maximum bedrag ten belope waarvan de consument het risico draagt voortvloeiend uit onrechtmatig gebruik ervan door een derde;
  2° in geval van een krediet in de vorm van uitstel van betaling voor een goed of een dienst of van gelieerde kredietovereenkomsten, het goed of de dienst en de contante prijs daarvan;
  3° [4 de termijnbedragen, de betalingstermijnen en het aantal van de door de consument te verrichten betalingen]4, met inbegrip van een eventueel voorschot en, in voorkomend geval, de volgorde waarin de betalingen aan de verschillende openstaande saldi tegen verschillende debetrentevoeten worden toegerekend met het oog op aflossing;
  4° in geval van aflossing van het kapitaal van een kredietovereenkomst met bepaalde duur, het recht van de consument om gratis en op verzoek op elk ogenblik tijdens de loop van de kredietovereenkomst een overzicht van de rekening in de vorm van een aflossingstabel te ontvangen. Deze geeft aan :
  a) de te betalen bedragen en de betalingstermijnen en voorwaarden;
  b) elke periodieke betaling uitgesplitst in afgelost kapitaal, op basis van de debetrentevoet berekende rente en, in voorkomend geval, bijkomende kosten;
  c) indien krachtens de kredietovereenkomst de debetrentevoet niet vast is, een duidelijke en beknopte vermelding dat de gegevens van de tabel alleen gelden tot de wijziging van de debetrentevoet of van de bijkomende kosten overeenkomstig de kredietovereenkomst;
  5° indien kosten en interesten worden betaald zonder aflossing van het kapitaal, een overzicht van de betalingstermijnen e. voorwaarden voor de betaling van de rente en terugkerende en niet-terugkerende kosten;
  6° de eventuele kosten voor het aanhouden van een of meer rekeningen voor de boeking van zowel betalingen als kredietopnemingen, tenzij het openen van een rekening facultatief is, tezamen met de kosten voor het gebruik van een betaalmiddel voor zowel betalingen als kredietopnemingen, andere uit de kredietovereenkomst voortvloeiende kosten, alsmede de voorwaarden waaronder die kosten kunnen worden gewijzigd overeenkomstig artikel VII. 86;
  7° de op het tijdstip van het sluiten van de kredietovereenkomst geldende nalatigheidsintrestvoet ingeval van betalingsachterstand, de wijzigingsmodaliteiten van deze rentevoet en, in voorkomend geval, de kosten van niet-nakoming;
  8° een waarschuwing betreffende de gevolgen van wanbetaling;
  9° desgevallend, dat notariskosten in rekening worden gebracht;
  10° desgevallend, de gevraagde zekerheden en verzekeringen;
  11° het al dan niet bestaan van een herroepingsrecht en de termijn voor de uitoefening daarvan, alsmede andere uitoefeningsvoorwaarden, zoals informatie over de verplichting voor de consument om overeenkomstig artikel VII. 83, het opgenomen kapitaal en de rente terug te betalen en het bedrag van de rente per dag;
  12° informatie over de uit artikel VII. 92 voortvloeiende rechten en de voorwaarden voor de uitoefening daarvan;
  13° het recht op vervroegde terugbetaling, de te volgen procedure alsmede, in voorkomend geval, informatie over het recht van de kredietgever op een vergoeding en de wijze waarop deze vergoeding wordt bepaald;
  14° de klachten- en de buitengerechtelijke beroepsprocedures die voor de consument overeenkomstig boek XVI openstaan met inbegrip van het geografisch adres van de instelling waartoe de consument zijn klachten kan richten, waaronder de benaming en het adres van de Algemene Directie Economische Inspectie bij de FOD Economie;
  15° in voorkomend geval, de overige bedingen en contractvoorwaarden.
  § 4. Naast de informatie bedoeld in § 2, vermelden de geoorloofde debetstanden op een rekening terugbetaalbaar op verzoek van de kredietgever of binnen een termijn van drie maanden, op een duidelijke en beknopte wijze :
  1° in voorkomend geval, de vermelding dat de consument te allen tijde gevraagd kan worden het kredietbedrag volledig terug te betalen;
  2° de informatie over de vanaf het sluiten van de kredietovereenkomst verschuldigde kosten en de voorwaarden waaronder deze kosten kunnen gewijzigd worden overeenkomstig artikel VII. 86.
  § 5. In afwijking van hetgeen voorzien is in paragraaf 1, indien de kredietovereenkomst gesloten wordt met gebruikmaking van een middel voor communicatie via spraaktelephonie op verzoek van de consument, wordt onverwijld een door de kredietgever getekend exemplaar van de kredietovereenkomst overgemaakt aan de consument.
  § 6. De oorzaken van vervroegde eisbaarheid of ontbinding van de kredietovereenkomst worden hernomen in de kredietovereenkomst door een afzonderlijk beding..]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij W 2014-04-19/39, art. 3, 021; Inwerkingtreding : 01-04-2015 (zie KB 2014-04-19/40, art. 2)>
  (2)<W 2015-10-26/06, art. 17, 028; Inwerkingtreding : 09-11-2015>
  (3)<W 2016-07-21/40, art. 29, 037; Inwerkingtreding : 28-09-2016 (KB 2016-09-14/06, art. 1)>
  (4)<W 2016-04-22/01, art. 8, 038; Inwerkingtreding : 01-12-2016>
  (5)<W 2017-04-18/03, art. 9, 046; Inwerkingtreding : 04-05-2017>
  (6)<W 2018-09-20/14, art. 12, 067; Inwerkingtreding : 20-10-2018>

  
Bron: Justel