Artikel XV.33, WER

Art. XV.33.[1 De ambtenaren bedoeld in artikel XV.2 kunnen de bijstand vorderen van politieambtenaren van de lokale en federale politie, van gerechtelijke deskundigen, of van deskundigen die door de minister erkend werden in bijzondere materies, om de tenuitvoerlegging van de door de overheid voorgeschreven maatregelen te waarborgen of te controleren of om de aard en de omstandigheden van een inbreuk te beoordelen.
  De ambtenaren van de Administratie van de ondernemings- en inkomensfiscaliteit, van de Administratie van het kadaster, de registratie en de domeinen, van de Administratie van de bijzondere belastinginspectie en de in artikel 17 van het Sociaal Strafwetboek genoemde ambtenaren zijn gemachtigd om de in artikel XV.2 bedoelde ambtenaren in het raam van hun bezoeken te vergezellen, teneinde de inbreuken op de wetten en de reglementen vast te stellen in de materies die tot hun bevoegdheden behoren en, in voorkomend geval, ervan proces-verbaal op te maken.]1
  [2 De ambtenaren bedoeld in artikel XV. 2 en de Nationale Bank van België en/of de FSMA kunnen in gemeenschappelijk overleg de praktische samenwerkingsmodaliteiten vastleggen voor de gebieden die zij bepalen en die ressorteren onder hun respectieve bevoegdheid.]2
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2013-11-20/02, art. 2, 005; Inwerkingtreding : 12-12-2013 (zie KB 2013-12-08/01, art. 6)>
  (2)<W 2014-04-19/39, art. 8, 021; Inwerkingtreding : 29-05-2014 (zie KB 2014-04-19/40, art. 1)>

  
Bron: Justel