Artikel XX.59, WER
Art. XX.59.[1 § 1. Op verzoek van de schuldenaar [2 , van de herstructureringsdeskundige of van de vereffeningsdeskundige]2 [2 ...]2 kan de rechtbank de overeenkomstig artikel XX.46, § 2, of overeenkomstig dit artikel verleende opschorting verlengen voor de duur die de rechtbank bepaalt [2 als dit verantwoord is in het licht van de omstandigheden en het doel van de procedure en voor zover de belangen van de betrokken partijen het toelaten]2.
De rechtbank oordeelt op verslag van de gedelegeerd rechter. [2 ...]2
De [2 totale]2 duur van de verlengde opschorting bedraagt niet meer dan twaalf maanden vanaf het vonnis dat de opschorting toestaat.
Op straffe van onontvankelijkheid, dient het verzoekschrift uiterlijk vijftien dagen voor het einde van de toegekende termijn te worden neergelegd.
§ 2. [2 Het vonnis dat de verlenging toestaat omschrijft de omstandigheden die de duur van de toegekende verlenging verantwoorden en geeft de redenen aan waarom de betrokken verlenging de rechten en belangen van de betrokken partijen niet overmatig aantast.
Kunnen met name als dergelijke omstandigheden beschouwd worden: de grootte van de onderneming, de complexiteit van de zaak, de omvang van de werkgelegenheid die kan gered worden of de noodzaak om te voorzien in een langere termijn voor de onderhandelingen.]2
§ 3. Tegen de beslissingen gewezen op grond van dit artikel is geen verzet of hoger beroep toegelaten.
§ 4. Het vonnis dat de verlenging toestaat, wordt door toedoen van de griffier binnen een termijn van vijf dagen na de dagtekening ervan bekendgemaakt bij uittreksel in het Belgisch Staatsblad.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2017-08-11/14, art. 3, 058; Inwerkingtreding : 01-05-2018>
(2)<W 2023-06-07/07, art. 80, 122; Inwerkingtreding : 01-09-2023>
De rechtbank oordeelt op verslag van de gedelegeerd rechter. [2 ...]2
De [2 totale]2 duur van de verlengde opschorting bedraagt niet meer dan twaalf maanden vanaf het vonnis dat de opschorting toestaat.
Op straffe van onontvankelijkheid, dient het verzoekschrift uiterlijk vijftien dagen voor het einde van de toegekende termijn te worden neergelegd.
§ 2. [2 Het vonnis dat de verlenging toestaat omschrijft de omstandigheden die de duur van de toegekende verlenging verantwoorden en geeft de redenen aan waarom de betrokken verlenging de rechten en belangen van de betrokken partijen niet overmatig aantast.
Kunnen met name als dergelijke omstandigheden beschouwd worden: de grootte van de onderneming, de complexiteit van de zaak, de omvang van de werkgelegenheid die kan gered worden of de noodzaak om te voorzien in een langere termijn voor de onderhandelingen.]2
§ 3. Tegen de beslissingen gewezen op grond van dit artikel is geen verzet of hoger beroep toegelaten.
§ 4. Het vonnis dat de verlenging toestaat, wordt door toedoen van de griffier binnen een termijn van vijf dagen na de dagtekening ervan bekendgemaakt bij uittreksel in het Belgisch Staatsblad.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2017-08-11/14, art. 3, 058; Inwerkingtreding : 01-05-2018>
(2)<W 2023-06-07/07, art. 80, 122; Inwerkingtreding : 01-09-2023>
Bron: Justel
