Artikel XX.84, WER
Art. XX.84.[1 § 1. [3 De overdracht onder gerechtelijk gezag van het geheel of een gedeelte van de activiteiten van een onderneming kan door de rechtbank bevolen worden teneinde een efficiënte vereffening van de rechtspersoon of van het patrimonium van de onderneming bedoeld in artikel I.1.1°, a), te verzekeren. De schuldenaar kan deze overdracht vragen, ofwel in het initieel verzoekschrift, ofwel later op elk ogenblik in de loop van de procedure.]3
Als de schuldenaar in de loop van de procedure [3 ...]3 een overdracht onder gerechtelijk gezag [3 vraagt]3, worden de vertegenwoordigers van het personeel in de ondernemingsraad of, indien er geen is, in het comité voor preventie en bescherming op het werk, of, indien er geen is, de vakbondsafvaardiging, of, indien er geen is, een werknemersafvaardiging gehoord.
§ 2. Dezelfde overdracht kan op dagvaarding van de procureur des Konings, van een schuldeiser of van eenieder die een belang heeft om het geheel of een gedeelte van de onderneming te verwerven, bevolen worden:
1° wanneer de schuldenaar zich in staat van faillissement bevindt zonder een procedure van gerechtelijke reorganisatie te hebben aangevraagd;
2° wanneer de rechtbank de vordering tot het openen van de procedure met toepassing van artikel XX.46 verwerpt, er de vroegtijdige beëindiging van beveelt met toepassing van artikel XX.62 of het reorganisatieplan intrekt met toepassing van [3 artikelen XX.83, XX.83/21 of XX.83/41]3;
3° wanneer de schuldeisers het reorganisatieplan niet goedkeuren met toepassing van [3 artikelen XX.78, XX.83/12 of XX.83/34]3;
4° wanneer de rechtbank de homologatie van het reorganisatieplan weigert met toepassing van [3 artikelen XX.79, XX.83/15 of XX.83/35]3.
De vordering tot overdracht kan ingesteld worden in de dagvaarding die strekt tot de voortijdige beëindiging van de procedure tot reorganisatie of de intrekking van het reorganisatieplan, of in een afzonderlijk exploot gericht tegen de schuldenaar.
§ 3. Wanneer zij de overdracht beveelt in hetzelfde vonnis als dit waarin zij het verzoek tot opening van de procedure van gerechtelijke reorganisatie verwerpt, de voortijdige beëindiging ervan beveelt, het reorganisatieplan intrekt of de homologatie weigert, oordeelt de rechtbank op verslag van de gedelegeerd rechter en gelast zij hem verslag uit te brengen over de uitvoering van de overdracht.
Wanneer hij de overdracht beveelt in een ander vonnis dan dit waarbij de opschorting wordt beëindigd, wijst de rechtbank een rechter in de rechtbank, de voorzitter uitgezonderd, of een [2 rechter in ondernemingszaken]2 aan om verslag uit te brengen over de uitvoering van de overdracht.
§ 4. [3 ...]3]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2017-08-11/14, art. 3, 058; Inwerkingtreding : 01-05-2018>
(2)<W 2018-04-15/14, art. 253, 059; Inwerkingtreding : 01-11-2018>
(3)<W 2023-06-07/07, art. 181, 122; Inwerkingtreding : 01-09-2023>
Als de schuldenaar in de loop van de procedure [3 ...]3 een overdracht onder gerechtelijk gezag [3 vraagt]3, worden de vertegenwoordigers van het personeel in de ondernemingsraad of, indien er geen is, in het comité voor preventie en bescherming op het werk, of, indien er geen is, de vakbondsafvaardiging, of, indien er geen is, een werknemersafvaardiging gehoord.
§ 2. Dezelfde overdracht kan op dagvaarding van de procureur des Konings, van een schuldeiser of van eenieder die een belang heeft om het geheel of een gedeelte van de onderneming te verwerven, bevolen worden:
1° wanneer de schuldenaar zich in staat van faillissement bevindt zonder een procedure van gerechtelijke reorganisatie te hebben aangevraagd;
2° wanneer de rechtbank de vordering tot het openen van de procedure met toepassing van artikel XX.46 verwerpt, er de vroegtijdige beëindiging van beveelt met toepassing van artikel XX.62 of het reorganisatieplan intrekt met toepassing van [3 artikelen XX.83, XX.83/21 of XX.83/41]3;
3° wanneer de schuldeisers het reorganisatieplan niet goedkeuren met toepassing van [3 artikelen XX.78, XX.83/12 of XX.83/34]3;
4° wanneer de rechtbank de homologatie van het reorganisatieplan weigert met toepassing van [3 artikelen XX.79, XX.83/15 of XX.83/35]3.
De vordering tot overdracht kan ingesteld worden in de dagvaarding die strekt tot de voortijdige beëindiging van de procedure tot reorganisatie of de intrekking van het reorganisatieplan, of in een afzonderlijk exploot gericht tegen de schuldenaar.
§ 3. Wanneer zij de overdracht beveelt in hetzelfde vonnis als dit waarin zij het verzoek tot opening van de procedure van gerechtelijke reorganisatie verwerpt, de voortijdige beëindiging ervan beveelt, het reorganisatieplan intrekt of de homologatie weigert, oordeelt de rechtbank op verslag van de gedelegeerd rechter en gelast zij hem verslag uit te brengen over de uitvoering van de overdracht.
Wanneer hij de overdracht beveelt in een ander vonnis dan dit waarbij de opschorting wordt beëindigd, wijst de rechtbank een rechter in de rechtbank, de voorzitter uitgezonderd, of een [2 rechter in ondernemingszaken]2 aan om verslag uit te brengen over de uitvoering van de overdracht.
§ 4. [3 ...]3]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2017-08-11/14, art. 3, 058; Inwerkingtreding : 01-05-2018>
(2)<W 2018-04-15/14, art. 253, 059; Inwerkingtreding : 01-11-2018>
(3)<W 2023-06-07/07, art. 181, 122; Inwerkingtreding : 01-09-2023>
Bron: Justel
