Artikel VII.148, WER
Art. VII.148.[1 § 1. [5 De Bank is belast met de registratie in de Centrale van:
1° de kredietovereenkomsten die vallen onder het toepassingsgebied van dit boek (positieve luik);
2° de wanbetalingen die uit deze overeenkomsten voortvloeien (negatieve luik) die beantwoorden aan de door de Koning vastgestelde criteria;
3° de niet geoorloofde debetstanden op een betaalrekening waaraan geen kredietovereenkomst verbonden is, bedoeld in artikel VII.100 (negatieve luik).
Het eerste lid is niet van toepassing op de kredietovereenkomsten bedoeld in artikel VII.3, § 3, 2°, met een kredietbedrag lager dan of gelijk aan 1250 euro en op de overschrijdingen, wat betreft het positieve luik.]5
§ 2. De gegevens die in de Centrale worden geregistreerd betreffen :
1° de identiteit van de consument, de kredietgever en, in voorkomend geval, de cessionaris en de zekerheidssteller;
2° de referenties van de kredietovereenkomst;
3° het soort krediet;
4° de kenmerken van de kredietovereenkomst die het mogelijk maken om de debetstand van de overeenkomst en zijn evolutie te bepalen;
5° in voorkomend geval, de reden van de wanbetaling medegedeeld door de consument;
6° in voorkomend geval, de betalingsfaciliteiten toegestaan aan de consument;
[2 7° [6 de wijzigingen bedoeld in artikel VII.147/20, § 1, derde lid, met inbegrip van de nieuwe einddatum van het krediet, alsook de datum van die toekenning;]6]2
[3 8° de tijdelijke opschorting van de terugbetalingsverplichting of de verlenging van de nulstellingstermijn bedoeld in artikel VII.3, § 2, 6° bis en artikel VII.145/2, en de datum van toekenning.]3
De Koning bepaalt de precieze inhoud, de voorwaarden en de nadere regels voor de bijwerking evenals de bewaartermijnen van deze gegevens. Hij kan deze lijst aanvullen met gegevens die nuttig zijn voor de uitoefening van de taken van de Bank als prudentiële toezichthouder.
De Koning kan, bij een in Ministerraad overlegd besluit, eveneens de bijkomende inlichtingen vaststellen die de Bank, met het oog op het opstellen van statistieken met betrekking tot de schuldenlast van gezinnen, kan vragen aan de personen bedoeld in artikel VII. 149.
§ 3. De Bank stelt de administratieve en technische richtlijnen vast die moeten worden nageleefd door de personen die gehouden zijn gegevens aan de Centrale mede te delen of haar te raadplegen.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2014-04-19/39, art. 3, 021; Inwerkingtreding : 01-04-2015 (zie KB 2014-04-19/40, art. 2)>
(2)<KB 2020-04-22/01, art. 2, 081; Inwerkingtreding : 01-04-2020>
(3)<W 2020-05-27/02, art. 4, 084; Inwerkingtreding : 01-05-2020; Opheffing : 31-01-2021>
(4)<W 2020-12-20/10, art. 61, 094; Inwerkingtreding : 01-01-2021>
(5)<W 2023-07-31/04, art. 5, 130; Inwerkingtreding : 01-01-2024>
(6)<W 2024-12-20/49, art. 49, 139; Inwerkingtreding : 24-01-2025>
1° de kredietovereenkomsten die vallen onder het toepassingsgebied van dit boek (positieve luik);
2° de wanbetalingen die uit deze overeenkomsten voortvloeien (negatieve luik) die beantwoorden aan de door de Koning vastgestelde criteria;
3° de niet geoorloofde debetstanden op een betaalrekening waaraan geen kredietovereenkomst verbonden is, bedoeld in artikel VII.100 (negatieve luik).
Het eerste lid is niet van toepassing op de kredietovereenkomsten bedoeld in artikel VII.3, § 3, 2°, met een kredietbedrag lager dan of gelijk aan 1250 euro en op de overschrijdingen, wat betreft het positieve luik.]5
§ 2. De gegevens die in de Centrale worden geregistreerd betreffen :
1° de identiteit van de consument, de kredietgever en, in voorkomend geval, de cessionaris en de zekerheidssteller;
2° de referenties van de kredietovereenkomst;
3° het soort krediet;
4° de kenmerken van de kredietovereenkomst die het mogelijk maken om de debetstand van de overeenkomst en zijn evolutie te bepalen;
5° in voorkomend geval, de reden van de wanbetaling medegedeeld door de consument;
6° in voorkomend geval, de betalingsfaciliteiten toegestaan aan de consument;
[2 7° [6 de wijzigingen bedoeld in artikel VII.147/20, § 1, derde lid, met inbegrip van de nieuwe einddatum van het krediet, alsook de datum van die toekenning;]6]2
[3 8° de tijdelijke opschorting van de terugbetalingsverplichting of de verlenging van de nulstellingstermijn bedoeld in artikel VII.3, § 2, 6° bis en artikel VII.145/2, en de datum van toekenning.]3
De Koning bepaalt de precieze inhoud, de voorwaarden en de nadere regels voor de bijwerking evenals de bewaartermijnen van deze gegevens. Hij kan deze lijst aanvullen met gegevens die nuttig zijn voor de uitoefening van de taken van de Bank als prudentiële toezichthouder.
De Koning kan, bij een in Ministerraad overlegd besluit, eveneens de bijkomende inlichtingen vaststellen die de Bank, met het oog op het opstellen van statistieken met betrekking tot de schuldenlast van gezinnen, kan vragen aan de personen bedoeld in artikel VII. 149.
§ 3. De Bank stelt de administratieve en technische richtlijnen vast die moeten worden nageleefd door de personen die gehouden zijn gegevens aan de Centrale mede te delen of haar te raadplegen.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2014-04-19/39, art. 3, 021; Inwerkingtreding : 01-04-2015 (zie KB 2014-04-19/40, art. 2)>
(2)<KB 2020-04-22/01, art. 2, 081; Inwerkingtreding : 01-04-2020>
(3)<W 2020-05-27/02, art. 4, 084; Inwerkingtreding : 01-05-2020; Opheffing : 31-01-2021>
(4)<W 2020-12-20/10, art. 61, 094; Inwerkingtreding : 01-01-2021>
(5)<W 2023-07-31/04, art. 5, 130; Inwerkingtreding : 01-01-2024>
(6)<W 2024-12-20/49, art. 49, 139; Inwerkingtreding : 24-01-2025>
Bron: Justel
