Artikel XI.239, WER

Art. XI.239.[1 De Koning bepaalt bij een koninklijk besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de in de artikel XI.236 bedoelde vergoeding.
   Deze vergoeding kan worden aangepast naar gelang van de betrokken sectoren.
   De Koning bepaalt de nadere regels voor de inning en de verdeling van en de controle op die vergoeding, alsmede het tijdstip waarop ze verschuldigd is.
   Onverminderd de internationale overeenkomsten, wordt de in artikel XI.236 bedoelde vergoeding toegewezen aan de auteurs. Deze bepaling is van dwingend recht.
   De in artikel XI.236 bedoelde vergoeding waarop de auteurs recht hebben, is onoverdraagbaar.
   Overeenkomstig de door Hem gestelde voorwaarden en de nadere regels, belast de Koning een [2 beheersvennootschap die representatief is voor alle beheersvennootschappen en collectieve beheersorganisaties die in België de in artikel XI.235 en XI.236 bedoelde vergoeding beheren]2, met de inning en de verdeling van de vergoeding.
   Het bedrag van deze vergoeding kan om de drie jaar worden herzien.
   Indien de omstandigheden die het bepalen van het bedrag hebben gerechtvaardigd, kennelijk en duurzaam gewijzigd zijn, kan dit bedrag voor het verstrijken van de termijn van drie jaar worden herzien.
   Indien de Koning het bedrag binnen de termijn van drie jaar herziet, motiveert Hij zijn beslissing door de wijziging van de initiële omstandigheden.]1
  ----------
  (1)<W 2016-12-22/03, art. 30, 045; Inwerkingtreding : 10-03-2017 (KB 2017-03-05/01, art. 21)>
  (2)<W 2017-06-08/13, art. 15, 049; Inwerkingtreding : 01-01-2018>

  
Bron: Justel