Artikel XI.318/1, WER

Art. XI.318/1. [1 Zonder afbreuk te doen aan het recht op vergoeding bepaald in artikel XI.239, hebben de uitgevers een recht op vergoeding voor de reproductie op papier of op een soortgelijke drager van hun uitgaven op papier, in geval van een gedeeltelijke of integrale reproductie van artikelen, van beeldende of grafische kunst, of van korte fragmenten uit andere uitgaven, met behulp van ongeacht welke fotografische techniek of enige andere werkwijze die een soortgelijk resultaat oplevert, wanneer die reproductie wordt gemaakt door een rechtspersoon voor intern gebruik dan wel door een natuurlijk persoon voor intern gebruik in het kader van zijn professionele activiteiten, met uitzondering van de reproducties die worden gemaakt ter illustratie van het onderwijs of voor wetenschappelijk onderzoek.
   De duur van het recht op vergoeding bedoeld in het eerste lid bedraagt vijftig jaar vanaf de eerste uitgave op papier. Deze termijn wordt berekend vanaf 1 januari van het jaar dat volgt op de eerste uitgave op papier.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij W 2016-12-22/03, art. 36, 045; Inwerkingtreding : 10-03-2017 (KB 2017-03-05/01, art. 21)>
  

  
Bron: Justel