Artikel XI.299, WER
Art. XI.299.[1 § 1. Tenzij bij overeenkomst uitdrukkelijk anders is bepaald, is voor de in artikel XI.298, a) en b), genoemde handelingen, geen toestemming van de rechthebbende vereist wanneer deze handelingen voor de rechtmatige gebruiker noodzakelijk zijn om het computerprogramma te kunnen gebruiken voor het beoogde doel, met inbegrip van het verbeteren van fouten.
§ 2. De reproductie in de vorm van een reservekopie door de rechtmatige gebruiker van het computerprogramma mag niet worden verboden, voor zover die kopie noodzakelijk is om het programma te kunnen gebruiken.
§ 3. De rechtmatige gebruiker van een kopie van een computerprogramma is gemachtigd om zonder toestemming van de rechthebbende de werking van het programma te observeren, te bestuderen en uit te testen, ten einde vast te stellen welke ideeën en beginselen aan een element van het programma ten grondslag liggen, indien hij dit doet bij het rechtmatig laden of in beeld brengen, de uitvoering, transmissie of opslag van het computerprogramma.]1
[2 § 4. Er is geen toestemming van de rechthebbende vereist voor:
1° een handeling die noodzakelijk is voor de vervaardiging van een exemplaar in toegankelijke vorm van een werk of prestatie waartoe de begunstigde rechtmatige toegang heeft, door een begunstigde of een namens hem optredende persoon, voor exclusief gebruik door de begunstigde, voor zover hierdoor geen afbreuk wordt gedaan aan de normale exploitatie van het computerprogramma en geen onredelijke schade wordt berokkend aan de wettige belangen van de rechthebbende. Een in België gevestigde begunstigde kan een exemplaar in toegankelijke vorm verkrijgen van of er toegang toe hebben bij een toegelaten entiteit die in een lidstaat van de Europese Unie gevestigd is;
2° een handeling die noodzakelijk is voor de vervaardiging, de mededeling, de beschikbaarstelling of de distributie van een exemplaar in toegankelijke vorm van een werk of prestatie waartoe zij rechtmatige toegang heeft, door een in België gevestigde toegelaten entiteit aan een begunstigde of een andere toegelaten entiteit gevestigd in een lidstaat van de Europese Unie. Een in België gevestigde toegelaten entiteit kan eveneens een exemplaar in toegankelijke vorm verkrijgen van of er toegang toe hebben bij een toegelaten entiteit die in een lidstaat van de Europese Unie gevestigd is. De in de twee voorgaande zinnen bedoelde handelingen worden uitgevoerd zonder winstoogmerk, met het oog op exclusief gebruik door een begunstigde, voor zover hierdoor geen afbreuk wordt gedaan aan de normale exploitatie van het computerprogramma en geen onredelijke schade wordt berokkend aan de wettige belangen van de rechthebbende.
De bepalingen van titel 5, hoofdstuk 8/2, zijn mutatis mutandis van toepassing op de bepalingen onder 1° en 2°.]2
[3 § 5. Er is geen toestemming van de rechthebbende vereist voor reproducties in de zin van artikel XI.298, a) en b), van rechtmatig toegankelijke werken met het oog op tekst- en datamining, op voorwaarde dat het gebruik van die werken door de rechthebbende ervan niet op passende wijze uitdrukkelijk is voorbehouden.
Bij content die online voor het publiek beschikbaar wordt gesteld, wordt het voorbehoud enkel als passend beschouwd indien hierbij machinaal leesbare middelen worden gebruikt.
Deze reproducties mogen worden bewaard zolang dit nodig is voor tekst- en datamining.
§ 6. Er is geen toestemming van de rechthebbende vereist voor de handelingen bedoeld in artikel XI.298 wanneer deze handelingen plaatsvinden in het kader van het digitaal gebruik van werken ter illustratie bij onderwijs, voor zover het gebruik verantwoord is door de nagestreefde, niet-winstgevende doelstelling en op voorwaarde dat het gebruik:
a) plaatsvindt onder de verantwoordelijkheid van een onderwijsinstelling, in haar gebouwen of elders, of door middel van een beveiligde elektronische omgeving die alleen toegankelijk is voor de leerlingen of studenten en het onderwijzend personeel van de onderwijsinstelling; en
b) vergezeld gaat van de vermelding van de bron, tenzij dit niet mogelijk blijkt.
Het in het eerste lid bedoelde gebruik van werken ter illustratie bij onderwijs via beveiligde elektronische omgevingen, wordt geacht uitsluitend plaats te vinden in de lidstaat waar de onderwijsinstelling is gevestigd.
§ 7. Er is geen toestemming van de rechthebbende vereist voor de handelingen bedoeld in artikel XI.298, a), wanneer deze handelingen, in welke vorm of welk medium ook, worden uitgevoerd door voor het publiek toegankelijke bibliotheken, door voor het publiek toegankelijke musea, door archieven of door instellingen voor cinematografisch of audio(visueel) erfgoed met betrekking tot werken die permanent deel uitmaken van hun collecties en wanneer de handelingen plaatsvinden met het oog op het behoud van dergelijke werken en voor zover de handeling noodzakelijk is voor dergelijk behoud.]3
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2014-04-19/60, art. 3, 024; Inwerkingtreding : 01-01-2015>
(2)<W 2018-11-25/04, art. 14, 068; Inwerkingtreding : 22-12-2018>
(3)<W 2022-06-19/03, art. 78, 113; Inwerkingtreding : 01-08-2022>
§ 2. De reproductie in de vorm van een reservekopie door de rechtmatige gebruiker van het computerprogramma mag niet worden verboden, voor zover die kopie noodzakelijk is om het programma te kunnen gebruiken.
§ 3. De rechtmatige gebruiker van een kopie van een computerprogramma is gemachtigd om zonder toestemming van de rechthebbende de werking van het programma te observeren, te bestuderen en uit te testen, ten einde vast te stellen welke ideeën en beginselen aan een element van het programma ten grondslag liggen, indien hij dit doet bij het rechtmatig laden of in beeld brengen, de uitvoering, transmissie of opslag van het computerprogramma.]1
[2 § 4. Er is geen toestemming van de rechthebbende vereist voor:
1° een handeling die noodzakelijk is voor de vervaardiging van een exemplaar in toegankelijke vorm van een werk of prestatie waartoe de begunstigde rechtmatige toegang heeft, door een begunstigde of een namens hem optredende persoon, voor exclusief gebruik door de begunstigde, voor zover hierdoor geen afbreuk wordt gedaan aan de normale exploitatie van het computerprogramma en geen onredelijke schade wordt berokkend aan de wettige belangen van de rechthebbende. Een in België gevestigde begunstigde kan een exemplaar in toegankelijke vorm verkrijgen van of er toegang toe hebben bij een toegelaten entiteit die in een lidstaat van de Europese Unie gevestigd is;
2° een handeling die noodzakelijk is voor de vervaardiging, de mededeling, de beschikbaarstelling of de distributie van een exemplaar in toegankelijke vorm van een werk of prestatie waartoe zij rechtmatige toegang heeft, door een in België gevestigde toegelaten entiteit aan een begunstigde of een andere toegelaten entiteit gevestigd in een lidstaat van de Europese Unie. Een in België gevestigde toegelaten entiteit kan eveneens een exemplaar in toegankelijke vorm verkrijgen van of er toegang toe hebben bij een toegelaten entiteit die in een lidstaat van de Europese Unie gevestigd is. De in de twee voorgaande zinnen bedoelde handelingen worden uitgevoerd zonder winstoogmerk, met het oog op exclusief gebruik door een begunstigde, voor zover hierdoor geen afbreuk wordt gedaan aan de normale exploitatie van het computerprogramma en geen onredelijke schade wordt berokkend aan de wettige belangen van de rechthebbende.
De bepalingen van titel 5, hoofdstuk 8/2, zijn mutatis mutandis van toepassing op de bepalingen onder 1° en 2°.]2
[3 § 5. Er is geen toestemming van de rechthebbende vereist voor reproducties in de zin van artikel XI.298, a) en b), van rechtmatig toegankelijke werken met het oog op tekst- en datamining, op voorwaarde dat het gebruik van die werken door de rechthebbende ervan niet op passende wijze uitdrukkelijk is voorbehouden.
Bij content die online voor het publiek beschikbaar wordt gesteld, wordt het voorbehoud enkel als passend beschouwd indien hierbij machinaal leesbare middelen worden gebruikt.
Deze reproducties mogen worden bewaard zolang dit nodig is voor tekst- en datamining.
§ 6. Er is geen toestemming van de rechthebbende vereist voor de handelingen bedoeld in artikel XI.298 wanneer deze handelingen plaatsvinden in het kader van het digitaal gebruik van werken ter illustratie bij onderwijs, voor zover het gebruik verantwoord is door de nagestreefde, niet-winstgevende doelstelling en op voorwaarde dat het gebruik:
a) plaatsvindt onder de verantwoordelijkheid van een onderwijsinstelling, in haar gebouwen of elders, of door middel van een beveiligde elektronische omgeving die alleen toegankelijk is voor de leerlingen of studenten en het onderwijzend personeel van de onderwijsinstelling; en
b) vergezeld gaat van de vermelding van de bron, tenzij dit niet mogelijk blijkt.
Het in het eerste lid bedoelde gebruik van werken ter illustratie bij onderwijs via beveiligde elektronische omgevingen, wordt geacht uitsluitend plaats te vinden in de lidstaat waar de onderwijsinstelling is gevestigd.
§ 7. Er is geen toestemming van de rechthebbende vereist voor de handelingen bedoeld in artikel XI.298, a), wanneer deze handelingen, in welke vorm of welk medium ook, worden uitgevoerd door voor het publiek toegankelijke bibliotheken, door voor het publiek toegankelijke musea, door archieven of door instellingen voor cinematografisch of audio(visueel) erfgoed met betrekking tot werken die permanent deel uitmaken van hun collecties en wanneer de handelingen plaatsvinden met het oog op het behoud van dergelijke werken en voor zover de handeling noodzakelijk is voor dergelijk behoud.]3
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2014-04-19/60, art. 3, 024; Inwerkingtreding : 01-01-2015>
(2)<W 2018-11-25/04, art. 14, 068; Inwerkingtreding : 22-12-2018>
(3)<W 2022-06-19/03, art. 78, 113; Inwerkingtreding : 01-08-2022>
Bron: Justel
