Artikel XV.31/2, WER

Art. XV.31/2.[1 § 1. De in artikel XV.2 bedoelde ambtenaren hebben de bevoegdheid om toezeggingen tot het beëindigen van inbreuken te verkrijgen of te aanvaarden van de onderneming die verantwoordelijk is voor de inbreuken bedoeld in artikel XV.2, § 1.
   § 2. De in artikel XV.2 bedoelde ambtenaren hebben de bevoegdheid om van de onderneming, op haar initiatief, aanvullende toezeggingen tot herstel te verkrijgen in het belang van consumenten [3 en/of ondernemingen]3 die nadeel hebben ondervonden van de vermoede inbreuken bedoeld in artikel XV.2, § 1, of, waar passend, toezeggingen van de onderneming trachten te verkrijgen die adequaat herstel bieden aan consumenten [3 en/of ondernemingen]3 die nadeel ondervinden van de inbreuken.
   § 3. Het verkrijgen of aanvaarden van een toezegging staat verdere administratieve of strafrechtelijke handhaving niet in de weg.
   De toezegging en aanvaarding ervan door de in artikel XV.2 bedoelde ambtenaren kan tot gevolg hebben dat de handhaving wordt beëindigd voor zover de inbreuken bedoeld in artikel XV.2, § 1, werden stopgezet en in voorkomend geval de schade aan consumenten [3 en/of ondernemingen]3 werd vergoed.
   § 4. [2 De toezeggingen bedoeld in paragrafen 1 en 2 kunnen openbaar worden gemaakt, voor zover zij aanvaard werden door de in artikel XV.2 bedoelde ambtenaren, met het oog op het verwittigen of informeren van consumenten en ondernemingen over de toegepaste praktijken van de overtreder of om toekomstige inbreuken door de onderneming te vermijden. In dit verband kunnen de in artikel XV.2 bedoelde ambtenaren ook overgaan tot de publicatie van de identificatiegegevens van de overtreder en de gegevens met betrekking tot de vastgestelde inbreuken, de onderliggende praktijken, en de middelen die gebruikt werden om de inbreuken te begaan. De adressen kunnen maar bekendgemaakt worden voor zover de overtreder er niet gedomicilieerd is.
   Vooraleer over te kunnen gaan tot de publicatie, brengen de in artikel XV.2 bedoelde ambtenaren de onderneming op de hoogte van het voornemen om over te gaan tot de publicatie van de toezeggingen bedoeld in paragrafen 1 en 2 en van de mogelijkheid voor de onderneming om zich daartegen te verzetten. Er kan enkel overgegaan worden tot de in het eerste lid bedoelde publicatie als binnen twee werkdagen geen enkele reactie van de onderneming ontvangen werd of als de onderneming geen afdoende verantwoording heeft gegeven om zich tegen de publicatie te verzetten.
   De publicatie gebeurt op de website van de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie, die voor elke burger toegankelijk is. De publicatie wordt ingetrokken zodra de onderneming het bewijs levert dat ze haar toezegging zoals bedoeld in de paragrafen 1 en 2 is nagekomen.]2]1
  ----------
  (1)<W 2020-09-29/05, art. 14, 092; Inwerkingtreding : 30-11-2020>
  (2)<W 2023-11-05/07, art. 50, 123; Inwerkingtreding : 21-12-2023>
  (3)<W 2024-05-03/21, art. 31, 135; Inwerkingtreding : 10-06-2024>

  
Bron: Justel