Artikel VII.160, WER

Art. VII.160.[1 § 1. Elke vergunningsaanvraag wordt aan de FSMA gericht overeenkomstig de door de Koning vastgestelde vormen en voorwaarden.
  § 2. Er kan een vergunning worden aangevraagd :
  1° hetzij als kredietgever inzake hypothecair krediet;
  2° hetzij als kredietgever inzake consumentenkrediet.
  De aanvrager verduidelijkt in zijn aanvraag welk soort vergunning hij wenst te verkrijgen.
  Beide vergunningen kunnen door dezelfde rechtspersoon worden gecumuleerd.
  § 3. Wanneer de aanvraag een vergunning als kredietgever inzake consumentenkrediet betreft, verduidelijkt de aanvrager :
  1° of hij voornemens is verkopen of leningen op afbetaling of financieringshuurovereenkomsten aan te bieden, alsook of hij voornemens is als onmiddellijke overnemer of in de plaats gestelde schuldeiser voor deze kredietovereenkomsten op te treden;
  2° of hij voornemens is om eveneens kredietopeningen of kredietovereenkomsten aan te bieden waarvoor door of krachtens dit boek in geen enkele bijzondere regel is voorzien, alsook of hij voornemens is als onmiddellijk overnemer of in de plaats gestelde schuldeiser voor deze kredietovereenkomsten op te treden.
  § 4. Bij de vergunningsaanvraag wordt een dossier gevoegd dat beantwoordt aan de door de FSMA gestelde voorwaarden en waarin met name de aard en de omvang van de voorgenomen verrichtingen, alsook de organisatiestructuur van de instelling en haar nauwe banden met andere personen worden vermeld. De aanvrager verstrekt de FSMA alle voor de beoordeling van zijn aanvraag vereiste inlichtingen.
  Elke wijziging van de in het vergunningsdossier vermelde gegevens wordt onverwijld aan de FSMA meegedeeld, onverminderd het recht van de FSMA om bij de betrokkene informatie in te winnen of bewijskrachtige documenten op te vragen.
  Het vergunningsdossier bevat ook het bewijs dat de modelkredietovereenkomsten, met inbegrip van de aflossingstabellen, die de kredietgever voornemens is te gebruiken, door de FOD Economie voorafgaandelijk zijn goedgekeurd.
  [3 De FOD Economie doet uitspraak over de voorgelegde modelkredietovereenkomsten binnen een termijn van vier maanden na de dag waarop alle documenten en gegevens zijn ontvangen [4 , en uiterlijk binnen zes maanden na de ontvangst van de goedkeuringsaanvraag]4.
   Voor de kredietgevers bedoeld in artikel 54, §§ 4 en 5, van de wet van 19 april 2014 houdende invoeging van boek VII "Betalings- en kredietdiensten" in het Wetboek van economisch recht, houdende invoeging van de definities eigen aan boek VII en van de straffen voor de inbreuken op boek VII, in de boeken I en XV van het Wetboek van economisch recht en houdende diverse andere bepalingen, volstaat het bewijs dat de modelkredietovereenkomsten, met inbegrip van de aflossingstabellen, ter goedkeuring werden voorgelegd aan de FOD Economie, onverminderd de toepassing van paragraaf 5, tweede lid.]3
  § 5. De FOD Economie onderzoekt of de modelcontracten beantwoorden aan alle bepalingen van dit boek en van boek VI en hun uitvoeringsbesluiten. De modellen worden voorafgaandelijk ingevuld teneinde onder meer het nazicht van de berekening van het jaarlijkse kostenpercentage mogelijk te maken.
  [3 Wanneer de FOD Economie aan de FSMA bij gemotiveerde kennisgeving meedeelt, na betrokkene te hebben gehoord, dat de modelcontracten van een kredietgever bedoeld in paragraaf 4, vijfde lid, werden afgekeurd, is artikel XV.67/1, § 5, overeenkomstig van toepassing.]3
  Elke wijziging van de modelcontracten wordt ter voorafgaandelijke goedkeuring voorgelegd aan de FOD Economie. [4 De FOD Economie spreekt zich over de voorgelegde wijzigingen uit binnen een termijn van vier maanden na de dag van ontvangst van alle documenten en gegevens, en uiterlijk binnen zes maanden na de ontvangst van de goedkeuringsaanvraag.]4
  § 6. De FSMA verleent een vergunning aan de kredietgevers die voldoen aan de in deze onderafdeling vastgestelde voorwaarden. [5 Binnen zestig dagen na ontvangst van de aanvraag en van alle vereiste documenten doet zij uitspraak.]5
  De beslissingen over de vergunning worden [2 bij een aangetekende zending]2 meegedeeld aan de aanvrager.
  De FSMA kan haar beslissing tot vergunning of tot weigering van een vergunning, alsook haar beslissing tot ingebrekestelling, tot verbod, tot schorsing en tot intrekking van de vergunning rechtsgeldig ter kennis brengen van de aanvrager aan de hand van voorgedrukte formulieren voorzien van een door middel van een mecanografisch procedé gereproduceerde handtekening.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij W 2014-04-19/39, art. 3, 021; Inwerkingtreding : 01-11-2015 (zie KB 2014-04-19/40, art. 3; gewijzigd bij KB 2015-06-28/02, art. 2)>
  (2)<W 2016-04-22/01, art. 28, 038; Inwerkingtreding : 01-12-2016>
  (3)<W 2017-04-18/03, art. 15, 046; Inwerkingtreding : 04-05-2017>
  (4)<W 2019-05-02/28, art. 9, 077; Inwerkingtreding : 01-06-2019>
  (5)<W 2022-05-08/03, art. 15, 112; Inwerkingtreding : 03-07-2022>

  
Bron: Justel