Artikel VI.45/2, WER
Art. VI.45/2. [1 § 1. Onverminderd de overige verplichtingen die worden opgelegd door deze afdeling biedt de onderneming aan de consument, voordat de consument door een overeenkomst op afstand gebonden is, minstens twee verschillende leveringswijzen voor de goederen die hij te koop aanbiedt.
Deze bepaling is enkel van toepassing op overeenkomsten waarbij de levering van de bestelde goederen op Belgisch grondgebied plaatsvindt.
§ 2. Paragraaf 1 is niet van toepassing indien er objectieve redenen eigen aan de aangekochte goederen of eigen aan de plaats waar de aangekochte goederen geleverd of gebruikt zijn om slechts één leveringswijze aan te bieden. In dat geval verstrekt de onderneming objectieve informatie over de reden waarom aan de consument geen tweede leveringswijze wordt aangeboden.
Paragraaf 1 is niet van toepassing indien de enige aangeboden leveringswijze bestaat in het ophalen van het bestelde goed in een vestigingseenheid van de onderneming.
Paragraaf 1 is niet van toepassing op ondernemingen die minder dan drie jaar geleden zijn opgericht.
De Koning kan na beraadslaging in Ministerraad de goederen of de categorieën van goederen aanwijzen waarvoor paragraaf 1 niet van toepassing is.
§ 3. Vier jaar na de datum van inwerkingtreding evalueert de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie de toepassing van deze bepaling. Het verslag van deze evaluatie wordt overgemaakt aan de minister, de minister bevoegd voor Middenstand, de minister bevoegd voor Consumenten, en de minister bevoegd voor Post.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2024-02-09/19, art. 18, 129; Inwerkingtreding : 31-03-2024>
Deze bepaling is enkel van toepassing op overeenkomsten waarbij de levering van de bestelde goederen op Belgisch grondgebied plaatsvindt.
§ 2. Paragraaf 1 is niet van toepassing indien er objectieve redenen eigen aan de aangekochte goederen of eigen aan de plaats waar de aangekochte goederen geleverd of gebruikt zijn om slechts één leveringswijze aan te bieden. In dat geval verstrekt de onderneming objectieve informatie over de reden waarom aan de consument geen tweede leveringswijze wordt aangeboden.
Paragraaf 1 is niet van toepassing indien de enige aangeboden leveringswijze bestaat in het ophalen van het bestelde goed in een vestigingseenheid van de onderneming.
Paragraaf 1 is niet van toepassing op ondernemingen die minder dan drie jaar geleden zijn opgericht.
De Koning kan na beraadslaging in Ministerraad de goederen of de categorieën van goederen aanwijzen waarvoor paragraaf 1 niet van toepassing is.
§ 3. Vier jaar na de datum van inwerkingtreding evalueert de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie de toepassing van deze bepaling. Het verslag van deze evaluatie wordt overgemaakt aan de minister, de minister bevoegd voor Middenstand, de minister bevoegd voor Consumenten, en de minister bevoegd voor Post.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2024-02-09/19, art. 18, 129; Inwerkingtreding : 31-03-2024>
Bron: Justel
