Artikel XV.47, WER

Art. XV.47. [1 § 1. De bevoegde Belgische autoriteit, die in toepassing van artikel XV.46, § 1, voornemens is maatregelen te nemen om de veiligheid van diensten die in België worden verricht te waarborgen, stuurt via het elektronische systeem voor de uitwisseling van informatie een aanvraag om maatregelen te nemen aan de lidstaat van vestiging, met verstrekking van alle relevante informatie over de betrokken dienst en de omstandigheden ter zake.
  § 2. In voorkomend geval stelt de bevoegde Belgische autoriteit, na ontvangst van het antwoord van de lidstaat van vestiging of bij gebrek van antwoord binnen een redelijke termijn, de Europese Commissie en de lidstaat van vestiging via het elektronische systeem voor de uitwisseling van informatie in kennis van zijn voornemen om maatregelen te nemen, evenals de federale coördinator.
  De mededeling vermeldt :
  1° de redenen waarom de door de lidstaat van vestiging genomen of beoogde maatregelen naar het oordeel van de bevoegde autoriteit ongepast zijn;
  2° de reden waarom de door hem beoogde maatregelen naar zijn oordeel aan de in artikel XV.46, § 1 bedoelde voorwaarden voldoen.
  § 3. De maatregelen kunnen niet eerder dan vijftien werkdagen na het sturen van een kennisgeving, conform paragraaf 2, aan de lidstaat van vestiging en aan de Europese Commissie genomen worden.
  § 4. In spoedeisende gevallen kan de bevoegde Belgische autoriteit van de paragrafen 1, 2 en 3 afwijken. In dit geval worden de Europese Commissie en de lidstaat van vestiging van de genomen maatregelen in kennis gesteld, met opgave van de redenen waarom er volgens de autoriteit sprake is van een spoedeisend karakter.
  § 5. De hierboven beschreven procedure geldt onverminderd gerechtelijke procedures.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij W 2013-07-17/32, art. 5, 007; Inwerkingtreding : 09-05-2014>

  
Bron: Justel