Artikel XI.205/2, WER
Art. XI.205/2. [1 Wanneer een uitvoerende kunstenaar zijn exclusieve rechten voor de exploitatie van zijn prestatie overdraagt of in licentie geeft in het kader van een exploitatieovereenkomst, bezorgt de persoon aan wie de rechten werden overgedragen of de licentienemer binnen een redelijke termijn na het plaatsvinden van de betrokken exploitatie, op regelmatige basis en ten minste eenmaal per jaar aan de uitvoerende kunstenaar, rekening houdend met de specifieke kenmerken van elke sector, actuele, relevante en volledige informatie betreffende de exploitatie van zijn prestatie, met name wat betreft de exploitatiewijzen, alle voortgebrachte inkomsten en de verschuldigde vergoeding.
In behoorlijk gemotiveerde gevallen, waarbij de administratieve lasten voortvloeiende uit de transparantieplicht van de persoon aan wie de rechten werden overgedragen of de licentienemer, zoals bedoeld in het eerste lid, onevenredig zijn in het licht van de bij de exploitatie van de prestaties voortgebrachte inkomsten, kan de transparantieplicht bedoeld in het eerste lid beperkt worden tot het soort en niveau van informatie die in dergelijke gevallen redelijkerwijs mag worden verwacht in de desbetreffende sector.
Het eerste en het tweede lid zijn niet van toepassing wanneer de bijdrage van de uitvoerende kunstenaar niet significant is, gelet op het geheel van het werk of de prestaties, tenzij de uitvoerende kunstenaar aantoont dat hij de informatie nodig heeft om zijn rechten uit hoofde van artikel XI.205/3 uit te oefenen en hij met dat doel om de informatie verzoekt.
Teneinde zijn rechten bedoeld in artikel XI.205/3 uit te oefenen, behoudt de uitvoerende kunstenaar evenwel steeds het recht om de in het eerste lid bedoelde informatie op te vragen bij een aangetekende zending met ontvangstbewijs of bij wijze geregeld bij collectieve overeenkomst.
Wanneer de persoon aan wie de rechten werden overgedragen of de licentienemer de bedoelde rechten vervolgens overgedragen heeft of in licentie heeft gegeven aan derden, en hij niet alle informatie bezit die nodig is om te voldoen aan de verplichting bedoeld in het eerste lid, kan de uitvoerende kunstenaar, of zijn vertegenwoordiger, bij een aangetekende zending met ontvangstbewijs aanvullende informatie betreffende de exploitatie van zijn prestaties vragen aan deze derde of aan de persoon aan wie de rechten werden overgedragen of de licentienemer, die het verzoek van de uitvoerende kunstenaar of zijn vertegenwoordiger doorgeeft aan de derde. Wanneer de uitvoerende kunstenaar of zijn vertegenwoordiger rechtstreeks zijn verzoek wil richten aan de derde, bezorgt de persoon aan wie de rechten werden overgedragen of de licentienemer informatie over de identiteit van de derde aan de uitvoerende kunstenaar of zijn vertegenwoordiger.
De collectieve overeenkomsten bedoeld in artikel XI.205/5 kunnen bepalen of de uitvoerende kunstenaar of zijn vertegenwoordiger zich rechtstreeks moet richten tot de derde of hij zich moet richten tot de persoon aan wie de rechten werden overgedragen of de licentienemer.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2022-06-19/03, art. 31, 113; Inwerkingtreding : 01-08-2022>
In behoorlijk gemotiveerde gevallen, waarbij de administratieve lasten voortvloeiende uit de transparantieplicht van de persoon aan wie de rechten werden overgedragen of de licentienemer, zoals bedoeld in het eerste lid, onevenredig zijn in het licht van de bij de exploitatie van de prestaties voortgebrachte inkomsten, kan de transparantieplicht bedoeld in het eerste lid beperkt worden tot het soort en niveau van informatie die in dergelijke gevallen redelijkerwijs mag worden verwacht in de desbetreffende sector.
Het eerste en het tweede lid zijn niet van toepassing wanneer de bijdrage van de uitvoerende kunstenaar niet significant is, gelet op het geheel van het werk of de prestaties, tenzij de uitvoerende kunstenaar aantoont dat hij de informatie nodig heeft om zijn rechten uit hoofde van artikel XI.205/3 uit te oefenen en hij met dat doel om de informatie verzoekt.
Teneinde zijn rechten bedoeld in artikel XI.205/3 uit te oefenen, behoudt de uitvoerende kunstenaar evenwel steeds het recht om de in het eerste lid bedoelde informatie op te vragen bij een aangetekende zending met ontvangstbewijs of bij wijze geregeld bij collectieve overeenkomst.
Wanneer de persoon aan wie de rechten werden overgedragen of de licentienemer de bedoelde rechten vervolgens overgedragen heeft of in licentie heeft gegeven aan derden, en hij niet alle informatie bezit die nodig is om te voldoen aan de verplichting bedoeld in het eerste lid, kan de uitvoerende kunstenaar, of zijn vertegenwoordiger, bij een aangetekende zending met ontvangstbewijs aanvullende informatie betreffende de exploitatie van zijn prestaties vragen aan deze derde of aan de persoon aan wie de rechten werden overgedragen of de licentienemer, die het verzoek van de uitvoerende kunstenaar of zijn vertegenwoordiger doorgeeft aan de derde. Wanneer de uitvoerende kunstenaar of zijn vertegenwoordiger rechtstreeks zijn verzoek wil richten aan de derde, bezorgt de persoon aan wie de rechten werden overgedragen of de licentienemer informatie over de identiteit van de derde aan de uitvoerende kunstenaar of zijn vertegenwoordiger.
De collectieve overeenkomsten bedoeld in artikel XI.205/5 kunnen bepalen of de uitvoerende kunstenaar of zijn vertegenwoordiger zich rechtstreeks moet richten tot de derde of hij zich moet richten tot de persoon aan wie de rechten werden overgedragen of de licentienemer.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2022-06-19/03, art. 31, 113; Inwerkingtreding : 01-08-2022>
Bron: Justel
