Artikel XX.38, WER

Art. XX.38.[1 § 1. Bij tegensprekelijk verzoekschrift gericht aan de voorzitter van de rechtbank en waarvan kennis is gegeven aan alle bij het akkoord betrokken partijen, kan de schuldenaar of een van de partijen bij het akkoord verzoeken het minnelijk akkoord te homologeren, en in voorkomend geval, er een uitvoerend karakter aan verlenen voor alle of een deel van de erin vermelde schuldvorderingen. De procedure verloopt volgens de bepalingen van de artikelen 1025 tot 1034ter van het Gerechtelijk Wetboek. Het verzoekschrift moet evenwel niet noodzakelijk door een advocaat worden ondertekend. Het wordt neergelegd in de taal van de rechtbank.
   Het verzoekschrift tot homologatie wordt door de verzoeker neergelegd in het register. De verzoeker nodigt de deelnemende partijen uit om kennis te nemen van het verzoek in het register.
   Derden die geen partij zijn bij het akkoord kunnen slechts kennis nemen van het verzoekschrift met uitdrukkelijke toestemming van de schuldenaar.
   De rechter weigert het akkoord te homologeren indien de schuldenaar kennelijk geen economische overlevingskansen heeft of indien het akkoord kennelijk niet kan worden uitgevoerd zonder nadelige effecten voor de rechten van derden op activa van de schuldenaar.
   § 2. De artikelen 8.22 van het Burgerlijk Wetboek, XX.111, 2° en 3°, en XX.112 zijn niet toepasselijk op een minnelijk akkoord noch op de handelingen verricht ter uitvoering ervan, indien dat akkoord wordt gehomologeerd.
   Wanneer het akkoord gehomologeerd wordt, kunnen de schuldeisers die partij zijn bij een minnelijk akkoord niet aansprakelijk worden gesteld door de schuldenaar, een andere schuldeiser of derden enkel en alleen omdat het minnelijk akkoord het niet daadwerkelijk mogelijk heeft gemaakt de continuïteit van het geheel of een gedeelte van de activa of van de activiteiten in stand te houden.
   § 3. Deze beslissing wordt niet bekend gemaakt en er wordt geen kennis van gegeven. Zij is niet vatbaar voor hoger beroep.
   De voorzitter van de rechtbank kan in voorkomend geval op verzoek van de schuldenaar een herstructureringsdeskundige aanstellen teneinde de uitvoering van het minnelijk akkoord te vergemakkelijken.
   § 4. Bij een navolgende samenloop van schuldeisers geniet de kostprijs van de wettelijke formaliteiten die nodig zijn voor de tegenwerpbaarheid aan derden van de door een minnelijk akkoord verleende rechten het voorrecht bedoeld in de artikelen 17 en 19, 1°, van de hypotheekwet van 16 december 1851.]1
  ----------
  (1)<W 2023-06-07/07, art. 46, 122; Inwerkingtreding : 01-09-2023>

  
Bron: Justel