Artikel XVII.34/4, WER

Art. XVII.34/4.[1 De in uitvoering van artikel XVII.34/1 bevolen voorlopige maatregelen worden herroepen op verzoek van elke persoon aan wie de beschikking werd betekend ter uitvoering, indien de eiser niet binnen een redelijke termijn een procedure instelt die leidt tot een beslissing ten gronde bij een bevoegde rechterlijke instantie. Het verzoek tot herroeping wordt gedaan voor de voorzitter van de ondernemingsrechtbank die de voorlopige maatregelen bevolen [2 in geval van inbreuk op het auteursrecht, op een naburig recht of op het recht van een producent van databanken]2 heeft.
   Behoudens andersluidende beslissing door de voorzitter van de ondernemingsrechtbank, bedraagt de termijn bedoeld in het eerste lid ten hoogste twintig werkdagen of eenendertig dagen, naar gelang van welke van beide termijnen de langste is, vanaf de betekening van de beschikking of vanaf de beslissing van de Dienst bedoeld in artikel XVII.34/3 waarin de nadere toepassingsregels van de voorlopige maatregelen werden vastgelegd.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij W 2022-06-19/03, art. 92, 113; Inwerkingtreding : 01-06-2024>
  (2)<W 2023-12-22/06, art. 86, 126; Inwerkingtreding : 01-06-2024>

  
Bron: Justel