Artikel XV.4, WER

Art. XV.4.[1 § 1. Met het oog op het opsporen en vaststellen van de inbreuken bedoeld in artikel XV.2, § 1, hebben de in artikel XV.2 bedoelde ambtenaren tevens de bevoegdheid om vaststellingen te doen door middel van het maken van beeldmateriaal, ongeacht de drager ervan, en geluidsmateriaal van openbare communicatie of telecommunicatie, [2 of van communicatie waaraan de ambtenaar bedoeld in artikel XV.2 zelf deelneemt in de uitoefening van zijn functies]2.
  § 2. In bewoonde ruimten mogen de ambtenaren bedoeld in artikel XV.2 enkel vaststellingen doen door middel van het maken van geluids- en/of beeldmateriaal, ongeacht de drager ervan, op voorwaarde dat zij hiertoe beschikken over een machtiging uitgereikt door de onderzoeksrechter.
  Het verzoek dat de ambtenaar bedoeld in artikel XV.2 aan de onderzoeksrechter richt, bevat minstens :
  1° de identificatie van de personen die er het voorwerp van zijn, voor zover dit mogelijk is;
  2° de toepasselijke wetgeving en de geviseerde inbreuken;
  3° alle bescheiden en inlichtingen waaruit blijkt dat het gebruik van dit middel nodig is.
  § 3. De vaststellingen die de ambtenaren bedoeld in artikel XV.2 hebben gedaan door middel van het door hen gemaakte [2 geluids- en/of beeldmateriaal]2, gelden tot bewijs van het tegendeel, voor zover voldaan is aan de hierna vermelde voorwaarden :
  1° de vaststellingen moeten het voorwerp uitmaken van een proces-verbaal tot vaststelling van een inbreuk door middel van [2 geluids- en/of beeldmateriaal]2, dat volgende gegevens moet bevatten :
  a) de identiteit van de ambtenaar die het [2 geluids- en/of beeldmateriaal]2 heeft gemaakt;
  b) de dag, de datum, het uur waarop en de exacte beschrijving van de plaats waar het [2 geluids- en/of beeldmateriaal]2 is gemaakt;
  c) de volledige identificatie van het technisch hulpmiddel waarmee het [2 geluids- en/of beeldmateriaal]2 is gemaakt;
  d) een beschrijving van wat op dat beeldmateriaal is te zien [2 of op dat geluidsmateriaal is te horen]2, alsmede het verband met de vastgestelde inbreuk;
  e) wanneer het gaat om een detailopname, een aanduiding op het beeldmateriaal waaruit de schaal blijkt;
  f) een afdruk van het beeldmateriaal of, indien dit onmogelijk is, een kopie ervan op een drager als bijlage bij het proces-verbaal, alsmede een volledige opgave van alle nodige technische specificaties om de kopie van dit beeldmateriaal te kunnen bekijken;
  g) wanneer er meerdere afdrukken of meerdere dragers zijn, een nummering van deze afdrukken of deze dragers, die eveneens moet voorkomen in de ermee overeenstemmende beschrijving, in het proces-verbaal, van wat op het beeldmateriaal is te zien [2 of op het geluidsmateriaal is te horen]2;
  2° de originele drager van het [2 geluids- en/of beeldmateriaal]2 moet worden bewaard door de administratie waartoe de ambtenaar behoort die het beeldmateriaal heeft gemaakt tot, al naar gelang het geval :
  a) totdat een rechterlijke beslissing die een einde maakt aan de vervolging van de inbreuk in kracht van gewijsde is gegaan;
  b) totdat werd ingegaan op het voorstel tot transactie bedoeld in artikel XV.61;
  c) tot op het ogenblik dat de ambtenaren bedoeld in artikel XV.2 hebben vastgesteld dat gevolg werd gegeven aan de waarschuwing bedoeld in het artikel XV.31;
  d) [2 totdat]2 de minnelijke schikking bedoeld in artikel 216bis van het Wetboek van Strafvordering volledig werd voldaan;
  [2 e) tot aan de volledige betaling van de administratieve geldboete zoals bedoeld in artikel XV.60/16.]2
  Indien de overtreder niet ingaat op het voorstel tot transactie of indien hij de voorgestelde geldsom niet tijdig betaalt, in welk geval het proces-verbaal aan de procureur des Konings wordt bezorgd, wordt de originele drager van het [2 geluids- en/of beeldmateriaal]2 bewaard tot wanneer de strafvordering verjaard is of voordien, na een uitdrukkelijke beslissing van het openbaar ministerie.
  § 4. De ambtenaren bedoeld in artikel XV.2 kunnen eveneens [2 geluids- en/of beeldmateriaal]2 van derden gebruiken, voor zover deze personen dit materiaal rechtmatig hebben gemaakt of verkregen.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2013-11-20/02, art. 2, 005; Inwerkingtreding : 12-12-2013 (zie KB 2013-12-08/01, art. 6)>
  (2)<W 2023-11-05/07, art. 31, 123; Inwerkingtreding : 21-12-2023>

  
Bron: Justel