Artikel VII.216/90, WER

Art. VII.216/90. [1 Indien hij die onvrijwillig en toevallig buiten bezit van een al dan niet geaccepteerde wisselbrief gesteld is, het tweede, derde, vierde exemplaar, enz., niet kan vertonen, kan hij de betaling van de vermiste wisselbrief vragen en ze verkrijgen krachtens een beschikking van de voorzitter van de ondernemingsrechtbank, mits hij van zijn eigendom doet blijken en tegen borgstelling.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij W 2018-04-15/14, art. 142, 059; Inwerkingtreding : 01-11-2018>
  

  
Bron: Justel