Artikel XI.245/7/5, WER

Art. XI.245/7/5. [1 De bepalingen van de artikelen XI.192/2, XI.218/2, XI.299/1 en XI.310/1 en van dit hoofdstuk zijn niet van toepassing op reeksen van niet of niet meer in de handel zijnde werken of prestaties, als er, op basis van de in artikel I.13, 12°, bedoelde redelijke inspanning, bewijs is dat deze reeksen hoofdzakelijk bestaan uit:
   1° werken of prestaties die voor het eerst zijn uitgegeven buiten de Europese Unie of de Europese Economische Ruimte;
   2° cinematografische of audiovisuele werken waarvan de producenten hun zetel of gewone verblijfplaats hebben buiten de Europese Unie of de Europese Economische Ruimte; of
   3° werken of prestaties van onderdanen van landen die geen lidstaat zijn van de Europese Unie of de Europese Economische Ruimte, wanneer het na een redelijke inspanning niet mogelijk was op grond van de bepalingen onder 1° en 2° een lidstaat van de Europese Unie of de Europese Economische Ruimte of een land van buiten de Europese Unie of de Europese Economische Ruimte te bepalen.
   Het eerste lid is niet van toepassing indien de in artikel XI.245/7/2, § 2, bedoelde beheersvennootschap voldoende representatief is voor de auteurs, houders van naburige rechten of producenten van databanken van het land buiten de Europese Unie of de Europese Economische Ruimte.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij W 2022-06-19/03, art. 71, 113; Inwerkingtreding : 01-08-2022>
  

  
Bron: Justel