Artikel VII.216/64, WER

Art. VII.216/64. [1 Hij die bij tussenkomst betaalt, verkrijgt de rechten, uit de wisselbrief voortvloeiende, tegen degene voor wie hij heeft betaald, en tegen degenen die tegenover deze laatste krachtens de wisselbrief verbonden zijn. Hij mag echter de wisselbrief niet opnieuw endosseren.
   De endossanten, volgende op degene voor wie de betaling heeft plaatsgehad, zijn bevrijd.
   Indien zich meer personen tot de betaling bij tussenkomst aanbieden, heeft die betaling de voorkeur welke het grootste aantal bevrijdingen teweegbrengt. De interveniënt die desbewust in strijd hiermede handelt, verliest zijn recht van regres tegen hen die anders zouden zijn bevrijd.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij W 2018-04-15/14, art. 124, 059; Inwerkingtreding : 01-11-2018>
  

  
Bron: Justel