Artikel XI.151, WER
Art. XI.151.[1 § 1. Met het oog op de instandhouding van het kwekersrecht, rekent de Dienst jaartaksen aan gedurende de duur van het recht.
§ 2. De jaartaks is vooraf te betalen. De betaling vervalt op de laatste dag van de maand van de verjaardag van de verlening van het kwekersrecht. [2 De jaartaks kan niet geldig worden gekweten meer dan zes maanden vóór de vervaldatum.]2
De jaartaks voor het eerste jaar wordt betaald vóór het einde van de maand volgend op de maand waarin het kwekersrecht wordt verleend.
Wanneer de betaling van de jaartaks niet op de vervaldatum werd gekweten, kan deze taks alsnog betaald worden vermeerderd met een toeslag, binnen een termijn van [2 zes]2 maanden te rekenen vanaf de vervaldag van de jaartaks.
§ 3. De Koning bepaalt het bedrag en de modaliteiten van inning van de jaartaks en de toeslag.
§ 4. De jaartaks is niet terugbetaalbaar.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2014-04-19/60, art. 3, 024; Inwerkingtreding : 01-01-2015>
(2)<W 2022-09-25/06, art. 26, 119; Inwerkingtreding : 01-12-2022>
§ 2. De jaartaks is vooraf te betalen. De betaling vervalt op de laatste dag van de maand van de verjaardag van de verlening van het kwekersrecht. [2 De jaartaks kan niet geldig worden gekweten meer dan zes maanden vóór de vervaldatum.]2
De jaartaks voor het eerste jaar wordt betaald vóór het einde van de maand volgend op de maand waarin het kwekersrecht wordt verleend.
Wanneer de betaling van de jaartaks niet op de vervaldatum werd gekweten, kan deze taks alsnog betaald worden vermeerderd met een toeslag, binnen een termijn van [2 zes]2 maanden te rekenen vanaf de vervaldag van de jaartaks.
§ 3. De Koning bepaalt het bedrag en de modaliteiten van inning van de jaartaks en de toeslag.
§ 4. De jaartaks is niet terugbetaalbaar.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2014-04-19/60, art. 3, 024; Inwerkingtreding : 01-01-2015>
(2)<W 2022-09-25/06, art. 26, 119; Inwerkingtreding : 01-12-2022>
Bron: Justel
