Artikel XV.67/1, WER
Art. XV.67/1.[1 § 1. Wanneer de FSMA vaststelt dat een kredietgever niet werkt overeenkomstig de bepalingen van boek VII, titel 4, hoofdstuk 4 en van de besluiten en reglementen genomen ter uitvoering daarvan, identificeert zij die tekortkomingen en stelt zij de termijn vast waarbinnen deze toestand moet worden verholpen.
Indien de toestand na deze termijn niet is verholpen, kan de FSMA :
1° een bijzonder commissaris aanstellen.
In dat geval is voor alle handelingen en beslissingen van alle organen van de kredietgever, inclusief de algemene vergadering, alsook voor die van de personen die instaan voor het beleid, zijn schriftelijke, algemene of bijzondere toestemming vereist; de FSMA kan evenwel de verrichtingen waarvoor toestemming vereist is, beperken.
De bijzonder commissaris mag elk voorstel dat hij nuttig acht ter beraadslaging voorleggen aan alle organen van de kredietgever, inclusief de algemene vergadering. De bezoldiging van de bijzonder commissaris wordt vastgelegd door de FSMA en gedragen door de kredietgever.
De leden van de bestuurs- en beleidsorganen en de personen die instaan voor het beleid die handelingen stellen of beslissingen nemen zonder de vereiste toestemming van de bijzonder commissaris, zijn hoofdelijk aansprakelijk voor het nadeel dat hieruit voor de kredietgever of voor derden is voortgevloeid.
Indien de FSMA de aanstelling van de bijzonder commissaris in het Belgisch Staatsblad heeft bekendgemaakt, met opgave van de handelingen en beslissingen waarvoor zijn toestemming vereist is, zijn alle handelingen en beslissingen zonder die vereiste toestemming nietig, tenzij de bijzonder commissaris ze bekrachtigt. Onder dezelfde voorwaarden zijn alle beslissingen van de algemene vergadering die werden genomen zonder de vereiste toestemming van de bijzonder commissaris nietig, tenzij hij ze bekrachtigt.
De FSMA kan een plaatsvervangend commissaris aanstellen;
2° voor de termijn die zij bepaalt, de rechtstreekse of onrechtstreekse uitoefening van de activiteit van de kredietgever geheel of gedeeltelijk schorsen dan wel verbieden.
De leden van de bestuurs- en beleidsorganen en de personen die instaan voor het beleid die handelingen stellen of beslissingen nemen in strijd met de schorsing of het verbod, zijn hoofdelijk aansprakelijk voor het nadeel dat hieruit voor de kredietgever of voor derden is voortgevloeid.
Indien de FSMA de schorsing of het verbod in het Belgisch Staatsblad heeft bekendgemaakt, zijn alle hiermee strijdige handelingen en beslissingen nietig;
3° de vervanging gelasten van de bestuurders of zaakvoerders van de kredietgever binnen een termijn die zij bepaalt, en indien binnen die termijn geen vervanging plaatsvindt, in de plaats van de voltallige bestuurs- en beleidsorganen van de kredietgever één of meer voorlopige bestuurders of zaakvoerders aanstellen die alleen of collegiaal, naargelang van het geval, de bevoegdheden hebben van de vervangen personen. De FSMA maakt haar beslissing bekend in het Belgisch Staatsblad.
De bezoldiging van de voorlopige bestuurder(s) of zaakvoerder(s) wordt vastgelegd door de FSMA en gedragen door de kredietgever.
De FSMA kan op elk ogenblik de voorlopige bestuurder(s) of zaakvoerder(s) vervangen, hetzij ambtshalve, hetzij op verzoek van een meerderheid van aandeelhouders of vennoten, wanneer zij aantonen dat het beleid van de betrokkenen niet meer de nodige waarborgen biedt;
4° de vergunning herroepen.
In uiterst spoedeisende gevallen kan de FSMA de in het voorgaande lid bedoelde maatregelen treffen zonder vooraf een hersteltermijn op te leggen.
§ 2. De in § 1 bedoelde beslissingen van de FSMA hebben voor de kredietgever uitwerking vanaf de datum van hun kennisgeving met een ter post aangetekende brief of met een brief met ontvangstbewijs en, voor derden, vanaf de datum van hun bekendmaking overeenkomstig de bepalingen van § 1.
§ 3. § 1, eerste lid en § 2 zijn niet van toepassing bij schrapping van de vergunning van een kredietgever die failliet is verklaard.
§ 4. De [4 ondernemingsrechtbank]4 spreekt op verzoek van elke belanghebbende de nietigverklaringen uit zoals bedoeld in § 1, tweede lid, 1° en 2°.
De nietigheidsvordering wordt ingesteld tegen de kredietgever. Indien verantwoord om ernstige redenen kan de eiser in kort geding de voorlopige schorsing vorderen van de gewraakte handelingen of beslissingen. Het schorsingsbevel en het vonnis van nietigverklaring hebben uitwerking ten aanzien van iedereen. Indien de geschorste of vernietigde handeling of beslissing is bekendgemaakt, worden het schorsingsbevel en het vonnis van nietigverklaring bij uittreksel op dezelfde wijze bekendgemaakt.
Wanneer de nietigheid afbreuk kan doen aan de rechten die een derde te goeder trouw ten aanzien van de kredietgever heeft verworven, kan de rechtbank verklaren dat die nietigheid geen uitwerking heeft ten aanzien van de betrokken rechten, onder voorbehoud van het eventuele recht van de eiser op schadevergoeding.
De nietigheidsvordering kan niet meer worden ingesteld na afloop van een termijn van zes maanden vanaf de datum waarop de betrokken handelingen of beslissingen kunnen worden tegengeworpen aan wie hun nietigheid inroept, dan wel hem bekend zijn.
§ 5. Wanneer de FOD Economie aan de FSMA bij gemotiveerde kennisgeving meedeelt, na betrokkene te hebben gehoord, dat een kredietgever de bepalingen van boek VII [3 , titels 1 tot 6]3, behalve de bepalingen van titel 4, hoofdstuk 4, of van de besluiten en reglementen genomen ter uitvoering hiervan heeft geschonden of ernstig schendt, schrapt de FSMA ambtshalve de vergunning van de kredietgever zonder een nieuw onderzoek ten gronde van het dossier.
De FSMA informeert de FOD Economie onverwijld over de uitgesproken schrapping.
§ 6. Wanneer de kredietgever een kredietinstelling, een verzekeringsonderneming, een instelling voor elektronisch geld of een betalingsinstelling is, houdt de FSMA de Bank op de hoogte van de beslissingen die zij neemt met toepassing van paragraaf 1, tweede lid, 1°, 2° en 4°.
Wanneer de FSMA voornemens is om de in paragraaf 1, tweede lid, 3°, bedoelde maatregel te treffen ten aanzien van diezelfde instellingen, is de in artikel 36bis, §§ 3 en 4 van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten, bedoelde procedure van toepassing.
§ 7. De kredietgevers waarvan de vergunning werd geschrapt of herroepen op grond van de artikelen XV. 67 en XV.67/1 blijven onderworpen aan de bepalingen van boek VII [3 , titels 1 tot 6]3 en zijn uitvoeringsbesluiten en reglementen tot de volledige uitdoving van hun verbintenissen voortvloeiend uit boek VII, tenzij de FSMA hen vrijstelt van sommige bepalingen, in voorkomend geval na advies van de FOD Economie.]1
[2 Het eerste lid is eveneens van toepassing op de kredietgevers waarvan de voorlopige vergunning van rechtswege is vervallen op grond van artikel 54, § 5, tweede lid van de wet van 19 april 2014, houdende invoeging van boek VII "Betalings-en Kredietdiensten" in het wetboek van economisch recht, houdende invoeging van de definities eigen aan Boek VII en van de straffen voor de inbreuken op Boek VII, in de Boeken I en XV van het wetboek van economisch recht en houdende diverse andere bepalingen.]2
[2 § 8. De FSMA kan de maatregelen die zij heeft genomen jegens een kredietgever op diens kosten laten publiceren in de kranten en tijdschriften die zij kiest of op plaatsen en voor de duur die zij bepaalt. De FSMA kan die maatregelen eveneens op haar website publiceren.]2
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2014-04-19/39, art. 12, 021; Inwerkingtreding : 01-11-2015 (zie KB 2014-04-19/40, art. 3; gewijzigd bij KB 2015-06-28/02, art. 2)>
(2)<W 2018-07-30/47, art. 36, 065; Inwerkingtreding : 15-09-2018>
(3)<W 2018-04-15/14, art. 201, 059; Inwerkingtreding : 01-11-2018>
(4)<W 2018-04-15/14, art. 252, 059; Inwerkingtreding : 01-11-2018>
Indien de toestand na deze termijn niet is verholpen, kan de FSMA :
1° een bijzonder commissaris aanstellen.
In dat geval is voor alle handelingen en beslissingen van alle organen van de kredietgever, inclusief de algemene vergadering, alsook voor die van de personen die instaan voor het beleid, zijn schriftelijke, algemene of bijzondere toestemming vereist; de FSMA kan evenwel de verrichtingen waarvoor toestemming vereist is, beperken.
De bijzonder commissaris mag elk voorstel dat hij nuttig acht ter beraadslaging voorleggen aan alle organen van de kredietgever, inclusief de algemene vergadering. De bezoldiging van de bijzonder commissaris wordt vastgelegd door de FSMA en gedragen door de kredietgever.
De leden van de bestuurs- en beleidsorganen en de personen die instaan voor het beleid die handelingen stellen of beslissingen nemen zonder de vereiste toestemming van de bijzonder commissaris, zijn hoofdelijk aansprakelijk voor het nadeel dat hieruit voor de kredietgever of voor derden is voortgevloeid.
Indien de FSMA de aanstelling van de bijzonder commissaris in het Belgisch Staatsblad heeft bekendgemaakt, met opgave van de handelingen en beslissingen waarvoor zijn toestemming vereist is, zijn alle handelingen en beslissingen zonder die vereiste toestemming nietig, tenzij de bijzonder commissaris ze bekrachtigt. Onder dezelfde voorwaarden zijn alle beslissingen van de algemene vergadering die werden genomen zonder de vereiste toestemming van de bijzonder commissaris nietig, tenzij hij ze bekrachtigt.
De FSMA kan een plaatsvervangend commissaris aanstellen;
2° voor de termijn die zij bepaalt, de rechtstreekse of onrechtstreekse uitoefening van de activiteit van de kredietgever geheel of gedeeltelijk schorsen dan wel verbieden.
De leden van de bestuurs- en beleidsorganen en de personen die instaan voor het beleid die handelingen stellen of beslissingen nemen in strijd met de schorsing of het verbod, zijn hoofdelijk aansprakelijk voor het nadeel dat hieruit voor de kredietgever of voor derden is voortgevloeid.
Indien de FSMA de schorsing of het verbod in het Belgisch Staatsblad heeft bekendgemaakt, zijn alle hiermee strijdige handelingen en beslissingen nietig;
3° de vervanging gelasten van de bestuurders of zaakvoerders van de kredietgever binnen een termijn die zij bepaalt, en indien binnen die termijn geen vervanging plaatsvindt, in de plaats van de voltallige bestuurs- en beleidsorganen van de kredietgever één of meer voorlopige bestuurders of zaakvoerders aanstellen die alleen of collegiaal, naargelang van het geval, de bevoegdheden hebben van de vervangen personen. De FSMA maakt haar beslissing bekend in het Belgisch Staatsblad.
De bezoldiging van de voorlopige bestuurder(s) of zaakvoerder(s) wordt vastgelegd door de FSMA en gedragen door de kredietgever.
De FSMA kan op elk ogenblik de voorlopige bestuurder(s) of zaakvoerder(s) vervangen, hetzij ambtshalve, hetzij op verzoek van een meerderheid van aandeelhouders of vennoten, wanneer zij aantonen dat het beleid van de betrokkenen niet meer de nodige waarborgen biedt;
4° de vergunning herroepen.
In uiterst spoedeisende gevallen kan de FSMA de in het voorgaande lid bedoelde maatregelen treffen zonder vooraf een hersteltermijn op te leggen.
§ 2. De in § 1 bedoelde beslissingen van de FSMA hebben voor de kredietgever uitwerking vanaf de datum van hun kennisgeving met een ter post aangetekende brief of met een brief met ontvangstbewijs en, voor derden, vanaf de datum van hun bekendmaking overeenkomstig de bepalingen van § 1.
§ 3. § 1, eerste lid en § 2 zijn niet van toepassing bij schrapping van de vergunning van een kredietgever die failliet is verklaard.
§ 4. De [4 ondernemingsrechtbank]4 spreekt op verzoek van elke belanghebbende de nietigverklaringen uit zoals bedoeld in § 1, tweede lid, 1° en 2°.
De nietigheidsvordering wordt ingesteld tegen de kredietgever. Indien verantwoord om ernstige redenen kan de eiser in kort geding de voorlopige schorsing vorderen van de gewraakte handelingen of beslissingen. Het schorsingsbevel en het vonnis van nietigverklaring hebben uitwerking ten aanzien van iedereen. Indien de geschorste of vernietigde handeling of beslissing is bekendgemaakt, worden het schorsingsbevel en het vonnis van nietigverklaring bij uittreksel op dezelfde wijze bekendgemaakt.
Wanneer de nietigheid afbreuk kan doen aan de rechten die een derde te goeder trouw ten aanzien van de kredietgever heeft verworven, kan de rechtbank verklaren dat die nietigheid geen uitwerking heeft ten aanzien van de betrokken rechten, onder voorbehoud van het eventuele recht van de eiser op schadevergoeding.
De nietigheidsvordering kan niet meer worden ingesteld na afloop van een termijn van zes maanden vanaf de datum waarop de betrokken handelingen of beslissingen kunnen worden tegengeworpen aan wie hun nietigheid inroept, dan wel hem bekend zijn.
§ 5. Wanneer de FOD Economie aan de FSMA bij gemotiveerde kennisgeving meedeelt, na betrokkene te hebben gehoord, dat een kredietgever de bepalingen van boek VII [3 , titels 1 tot 6]3, behalve de bepalingen van titel 4, hoofdstuk 4, of van de besluiten en reglementen genomen ter uitvoering hiervan heeft geschonden of ernstig schendt, schrapt de FSMA ambtshalve de vergunning van de kredietgever zonder een nieuw onderzoek ten gronde van het dossier.
De FSMA informeert de FOD Economie onverwijld over de uitgesproken schrapping.
§ 6. Wanneer de kredietgever een kredietinstelling, een verzekeringsonderneming, een instelling voor elektronisch geld of een betalingsinstelling is, houdt de FSMA de Bank op de hoogte van de beslissingen die zij neemt met toepassing van paragraaf 1, tweede lid, 1°, 2° en 4°.
Wanneer de FSMA voornemens is om de in paragraaf 1, tweede lid, 3°, bedoelde maatregel te treffen ten aanzien van diezelfde instellingen, is de in artikel 36bis, §§ 3 en 4 van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten, bedoelde procedure van toepassing.
§ 7. De kredietgevers waarvan de vergunning werd geschrapt of herroepen op grond van de artikelen XV. 67 en XV.67/1 blijven onderworpen aan de bepalingen van boek VII [3 , titels 1 tot 6]3 en zijn uitvoeringsbesluiten en reglementen tot de volledige uitdoving van hun verbintenissen voortvloeiend uit boek VII, tenzij de FSMA hen vrijstelt van sommige bepalingen, in voorkomend geval na advies van de FOD Economie.]1
[2 Het eerste lid is eveneens van toepassing op de kredietgevers waarvan de voorlopige vergunning van rechtswege is vervallen op grond van artikel 54, § 5, tweede lid van de wet van 19 april 2014, houdende invoeging van boek VII "Betalings-en Kredietdiensten" in het wetboek van economisch recht, houdende invoeging van de definities eigen aan Boek VII en van de straffen voor de inbreuken op Boek VII, in de Boeken I en XV van het wetboek van economisch recht en houdende diverse andere bepalingen.]2
[2 § 8. De FSMA kan de maatregelen die zij heeft genomen jegens een kredietgever op diens kosten laten publiceren in de kranten en tijdschriften die zij kiest of op plaatsen en voor de duur die zij bepaalt. De FSMA kan die maatregelen eveneens op haar website publiceren.]2
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2014-04-19/39, art. 12, 021; Inwerkingtreding : 01-11-2015 (zie KB 2014-04-19/40, art. 3; gewijzigd bij KB 2015-06-28/02, art. 2)>
(2)<W 2018-07-30/47, art. 36, 065; Inwerkingtreding : 15-09-2018>
(3)<W 2018-04-15/14, art. 201, 059; Inwerkingtreding : 01-11-2018>
(4)<W 2018-04-15/14, art. 252, 059; Inwerkingtreding : 01-11-2018>
Bron: Justel
