Artikel VII.216/143, WER

Art. VII.216/143. [1 De houder kan zijn recht van regres uitoefenen op de endossanten, de trekker en de andere chequeschuldenaars, indien de cheque, tijdig aangeboden, niet wordt betaald en indien de weigering van betaling wordt vastgesteld :
   1°. hetzij door een authentieke akte (protest);
   2°. hetzij door een verklaring van de betrokkene, gedagtekend en geschreven op de cheque onder vermelding van de dag van aanbieding;
   3°. hetzij door een gedagtekende en op de cheque geschreven verklaring van een verrekeningskamer, waarbij vastgesteld wordt dat de cheque tijdig aangeboden en niet betaald is.
   De houder kan zijn recht van regres nog uitoefenen op de trekker, wanneer de cheque te laat is aangeboden of de weigering van betaling te laat is vastgesteld, behalve indien het beschikbare fonds na het einde van de aanbiedingstermijn mocht zijn verdwenen ten gevolge van een feit waaraan de trekker vreemd is.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij W 2018-04-15/14, art. 159, 059; Inwerkingtreding : 01-11-2018>
  

  
Bron: Justel