Artikel VII.216/30, WER

Art. VII.216/30. [1 Indien de betrokkene zijn op de wisselbrief gestelde acceptatie heeft doorgehaald vóór de teruggave van de wisselbrief, wordt de acceptatie geacht te zijn geweigerd. Behoudens tegenbewijs wordt de doorhaling geacht te zijn geschied vóór de teruggave van de wisselbrief.
   Indien echter de betrokkene zijn acceptatie schriftelijk kenbaar heeft gemaakt aan de houder of aan iemand wiens handtekening op de wisselbrief voorkomt, is hij tegenover dezen gehouden overeenkomstig de inhoud van zijn acceptatie.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij W 2018-04-15/14, art. 109, 059; Inwerkingtreding : 01-11-2018>
  

  
Bron: Justel