Artikel VII.176, WER

Art. VII.176.[1 § 1. Deze onderafdeling beoogt de andere vennootschappen naar buitenlands recht dan bedoeld in onderafdeling 1.
  De door deze onderafdeling beoogde vennootschappen die ressorteren onder het recht van een derde staat, mogen de activiteit van kredietgever niet uitoefenen in België, tenzij ze er zijn gevestigd.
  § 2.[4 Afdelingen 1 en 2 en de artikelen VII.180, § 2, en VII.184, § 1, tweede lid, zijn van toepassing op de in deze onderafdeling bedoelde kredietgevers, met uitzondering van artikel VII.165, § 2.
   Artikel VII.164 en VII.169 zijn van toepassing op hun effectieve leiding in België en artikel VII.165, § 1 geldt voor hun Belgische vestiging.
   Kredietgevers die ressorteren onder het recht van andere lidstaten van de Europese Economische Ruimte en die in België hun bedrijf van kredietgever uitoefenen in het kader van de vrijheid van vestiging, alsook kredietgevers die ressorteren onder het recht van een derde Staat, vestigen hun hoofdbestuur in België voor de verrichtingen die zij op Belgisch grondgebied uitvoeren.
   Artikel VII.170 is niet van toepassing op de bijkantoren van vennootschappen naar buitenlands recht.]4
  § 3. [2 De artikelen VII. 161 tot VII. 164, en VII. 167 tot VII. 169 zijn niet van toepassing op de volgende kredietgevers als bedoeld in deze onderafdeling :
   1° de bijkantoren van kredietinstellingen die ressorteren onder het recht van een derde Staat en zijn ingeschreven op de in artikel 14 van de wet van 25 april 2014 bedoelde lijst;
   2° de bijkantoren van beleggingsondernemingen die ressorteren onder het recht van een derde Staat en zijn ingeschreven op de in [3 artikel 13, § 3, van de wet van 25 oktober 2016]3 bedoelde lijst;
   3° de verzekeringsondernemingen die ressorteren onder het recht van een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte, actief zijn in België via een bijkantoor of in het kader van het vrij verrichten van diensten en zijn ingeschreven op de in artikel 66 van de wet van 9 juli 1975 betreffende de controle der verzekeringsondernemingen bedoelde lijst;
   4° de bijkantoren van verzekeringsondernemingen die ressorteren onder het recht van een derde Staat en zijn ingeschreven op de in artikel 4 van de wet van 9 juli 1975 betreffende de controle der verzekeringsondernemingen bedoelde lijst;
   5° de instellingen voor elektronisch geld die ressorteren onder het recht van een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte, actief zijn in België via een bijkantoor of in het kader van het vrij verrichten van diensten en zijn ingeschreven op de in artikel 91 van de wet van 21 december 2009 bedoelde lijst;
   6° de bijkantoren van instellingen voor elektronisch geld die ressorteren onder het recht van een derde Staat en zijn ingeschreven op de in artikel 64 van de wet van 21 december 2009 bedoelde lijst;
   7° de betalingsinstellingen die ressorteren onder het recht van een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte, actief zijn in België via een bijkantoor of in het kader van het vrij verrichten van diensten en zijn ingeschreven op de in artikel 39 van de wet van 21 december 2009 bedoelde lijst.]2]1
  
  (NOTA : De wijziging aangebracht bij W 2016-03-13/07, art. 752, 033; Inwerkingtreding : 23-03-2016, kan niet worden uitgevoerd, aangezien de wetgever geen rekening heeft gehouden met de wijziging aangebracht bij W 2015-10-26/06, art. 31, 028; Inwerkingtreding : 01-11-2015)
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij W 2014-04-19/39, art. 3, 021; Inwerkingtreding : 01-11-2015 (zie KB 2014-04-19/40, art. 3; gewijzigd bij KB 2015-06-28/02, art. 2)>
  (2)<W 2015-10-26/06, art. 31, 028; Inwerkingtreding : 01-11-2015>
  (3)<W 2016-10-25/04, art. 175, 039; Inwerkingtreding : 28-11-2016>
  (4)<W 2021-06-27/09, art. 368, 099; Inwerkingtreding : 19-07-2021>

  
Bron: Justel