Artikel VII.58, WER
Art. VII.58.[1 De aanvraag tot opening van een basisbankdienst gebeurt door het overmaken aan de kredietinstelling van een formulier dat op [3 elektronische wijze en, in voorkomend geval, wanneer de kredietinstelling beschikt over een fysiek kantoor waar de consument een aanvraagformulier kan indienen, op papier]3 ter beschikking wordt gesteld door de kredietinstelling.
Het aanvraagformulier bevat een bevestiging van de consument dat hij niet reeds beschikt over een basisbankdienst of een betaalrekening bij een in België gevestigde kredietinstelling heeft waarmee hij gebruik kan maken van de in artikel VII.57, § 1, bedoelde diensten, of dat hij ervan in kennis werd gesteld dat deze rekeningen zullen worden opgeheven.
De Koning kan de vermeldingen bepalen die op het aanvraagformulier moeten voorkomen.
De kredietinstelling opent de basisbankdienst of weigert die te openen, onverwijld en uiterlijk binnen tien werkdagen na ontvangst van een volledig aanvraagformulier.]1
[3 Het formulier wordt te allen tijde beschikbaar gesteld en is vlot toegankelijk voor de consumenten, ook voor niet-klanten, in elektronische vorm op de website van de kredietinstelling.
In voorkomend geval, wanneer de kredietinstelling beschikt over een fysiek kantoor waar de consument een aanvraagformulier kan indienen, wordt het formulier ook verstrekt aan consumenten, met inbegrip van niet-klanten en die geen afspraak hebben, in de lokalen van de kredietinstelling die toegankelijk zijn voor consumenten, en binnen de openingsuren van de kredietinstelling. Op eenvoudig verzoek van een consument wordt het formulier kosteloos op papier of een andere duurzame drager verstrekt.
Op eenvoudig verzoek van de consument staat de kredietinstelling de consument bij in het invullen van het aanvraagformulier.]3
----------
(1)<W 2017-12-22/14, art. 14, 057; Inwerkingtreding : 01-02-2018>
(2)<W 2018-09-20/14, art. 12, 067; Inwerkingtreding : 20-10-2018>
(3)<W 2024-05-03/21, art. 9, 135; Inwerkingtreding : 10-06-2024>
Het aanvraagformulier bevat een bevestiging van de consument dat hij niet reeds beschikt over een basisbankdienst of een betaalrekening bij een in België gevestigde kredietinstelling heeft waarmee hij gebruik kan maken van de in artikel VII.57, § 1, bedoelde diensten, of dat hij ervan in kennis werd gesteld dat deze rekeningen zullen worden opgeheven.
De Koning kan de vermeldingen bepalen die op het aanvraagformulier moeten voorkomen.
De kredietinstelling opent de basisbankdienst of weigert die te openen, onverwijld en uiterlijk binnen tien werkdagen na ontvangst van een volledig aanvraagformulier.]1
[3 Het formulier wordt te allen tijde beschikbaar gesteld en is vlot toegankelijk voor de consumenten, ook voor niet-klanten, in elektronische vorm op de website van de kredietinstelling.
In voorkomend geval, wanneer de kredietinstelling beschikt over een fysiek kantoor waar de consument een aanvraagformulier kan indienen, wordt het formulier ook verstrekt aan consumenten, met inbegrip van niet-klanten en die geen afspraak hebben, in de lokalen van de kredietinstelling die toegankelijk zijn voor consumenten, en binnen de openingsuren van de kredietinstelling. Op eenvoudig verzoek van een consument wordt het formulier kosteloos op papier of een andere duurzame drager verstrekt.
Op eenvoudig verzoek van de consument staat de kredietinstelling de consument bij in het invullen van het aanvraagformulier.]3
----------
(1)<W 2017-12-22/14, art. 14, 057; Inwerkingtreding : 01-02-2018>
(2)<W 2018-09-20/14, art. 12, 067; Inwerkingtreding : 20-10-2018>
(3)<W 2024-05-03/21, art. 9, 135; Inwerkingtreding : 10-06-2024>
Bron: Justel
