Artikel IV.8, WER

Art. IV.8.[1 § 1. De omzet bedoeld in artikel IV.7 omvat de bedragen met betrekking tot de verkoop van producten door de betrokken ondernemingen tijdens het laatste boekjaar in het kader van de normale bedrijfsuitoefening, onder aftrek van kortingen, van belasting over de toegevoegde waarde en van andere rechtstreeks met de omzet samenhangende belastingen. Bij de omzet wordt geen rekening gehouden met transacties tussen de in paragraaf 4 bedoelde ondernemingen.
   § 2. Als een concentratie bestaat in de verwerving van delen - die al dan niet rechtspersoonlijkheid bezitten - van een of meer ondernemingen of van een groep ondernemingen, wordt in afwijking van paragraaf 1 alleen het omzetcijfer dat betrekking heeft op de delen, die aldus het voorwerp van de concentratie zijn, in hoofde van de vervreemder of vervreemders, in aanmerking genomen.
   Twee of meer transacties bedoeld in het eerste lid, die binnen een periode van twee jaar plaatsvinden tussen dezelfde personen of ondernemingen, moeten evenwel worden beschouwd als één concentratie die plaatsvindt op de datum van de laatste transactie.
   § 3. De omzet wordt vervangen:
   1° bij kredietinstellingen en andere financiële instellingen, door de som van de onderstaande batenposten, omschreven in het koninklijk besluit van 23 september 1992 op de jaarrekening van de kredietinstellingen, de beleggingsondernemingen en de beheervennootschappen van instellingen voor collectieve belegging, in voorkomend geval na aftrek van de belasting over de toegevoegde waarde en van andere rechtstreeks met de betrokken baten samenhangende belastingen:
   a) rente en soortgelijke baten;
   b) opbrengsten uit effecten:
   - opbrengsten uit aandelen en andere niet-vastrentende effecten;
   - opbrengsten uit deelnemingen;
   - opbrengsten uit aandelen in verbonden ondernemingen;
   c) ontvangen provisies;
   d) nettobaten uit financiële transacties;
   e) overige bedrijfsopbrengsten.
   De omzet in België van een kredietinstelling of een financiële instelling omvat de hierboven omschreven batenposten van het bijkantoor of de afdeling van deze in België gevestigde instelling.
   2° bij verzekeringsmaatschappijen, door de waarde van de bruto geboekte premies, die alle uit hoofde van de door of namens de verzekeringsonderneming gesloten verzekeringsovereenkomsten ontvangen en te ontvangen bedragen omvatten, met inbegrip van de aan herverzekering afgestane premies en na aftrek van belastingen en parafiscale bijdragen of heffingen over het bedrag van de afzonderlijke premies of het totale premievolume. Er wordt rekening gehouden met de brutopremies gestort door de ingezetenen in België.
   § 4. Onverminderd paragraaf 2, moeten voor de berekening van de totale omzet van een betrokken onderneming de omzetten van de volgende ondernemingen worden opgeteld:
   1° de betrokken onderneming;
   2° de ondernemingen waarin de betrokken onderneming, rechtstreeks of middellijk:
   a) hetzij meer dan de helft van het kapitaal of de bedrijfsactiva bezit;
   b) hetzij de bevoegdheid heeft om meer dan de helft van de stemrechten uit te oefenen;
   c) hetzij de bevoegdheid heeft om meer dan de helft van de leden van de raad van toezicht of van bestuur of de krachtens de wet tot vertegenwoordiging bevoegde organen te benoemen;
   d) hetzij het recht heeft de zaken van de onderneming te leiden;
   3° ondernemingen die in de betrokken onderneming over de onder 2° genoemde rechten of bevoegdheden beschikken;
   4° ondernemingen waarin een onderneming zoals bedoeld onder 3° over de onder 2° genoemde rechten of bevoegdheden beschikt;
   5° ondernemingen waarin twee of meer ondernemingen zoals bedoeld onder 1° tot en met 4°, gezamenlijk over de onder 2° genoemde rechten of bevoegdheden beschikken.
   Ingeval bij de concentratie betrokken ondernemingen gezamenlijk beschikken over de in het eerste lid, 2°, genoemde rechten of bevoegdheden, dient bij de berekening van de totale omzet van de betrokken ondernemingen:
   1° geen rekening te worden gehouden met de omzet die het resultaat is van de verkoop van producten tussen de gemeenschappelijke onderneming en elk van de betrokken ondernemingen of enige andere met een van die ondernemingen verbonden onderneming in de zin van het eerste lid onder 2° tot en met 5° ;
   2° rekening te worden gehouden met de omzet die het resultaat is van de verkoop van producten tussen de gemeenschappelijke onderneming en derde ondernemingen. Deze omzet wordt in gelijke delen aan de betrokken ondernemingen toegerekend.
   § 5. Voor de openbare ondernemingen is de in aanmerking te nemen omzet deze van alle ondernemingen die een economisch geheel vormen met een zelfstandige beslissingsbevoegdheid, ongeacht de vraag wie het kapitaal ervan bezit of welke regels van bestuurlijk toezicht daarop van toepassing zijn.]1
  ----------
  (1)<W 2019-05-02/34, art. 3, 078; Inwerkingtreding : 03-06-2019>

  
Bron: Justel