Artikel XV.31, WER
Art. XV.31.[1 § 1. Wanneer is vastgesteld dat een handeling een inbreuk bedoeld in artikel XV.2, § 1 vormt, of dat zij aanleiding kan geven tot een vordering tot staking, kunnen de ambtenaren bedoeld in artikel XV.2 een waarschuwing richten tot de overtreder waarbij die tot stopzetting van deze handeling wordt aangemaand.
De waarschuwing wordt de overtreder ter kennis gebracht binnen een termijn van dertig dagen volgend op de dag van de vaststelling van de feiten, bij aangetekende zending met ontvangstmelding of door de overhandiging van een afschrift van het proces-verbaal [4 van waarschuwing]4. De waarschuwing kan ook per fax of elektronische post worden meegedeeld. Indien geen reactie volgt op de waarschuwing per fax of elektronische post wordt deze via aangetekende zending met ontvangstmelding opgestuurd.
Wanneer de overtreder niet kan worden geïdentificeerd op de dag van de inbreuk begint de termijn van dertig dagen te lopen op de dag waarop de ambtenaren bedoeld in artikel XV.2 de vermoedelijke overtreder van de inbreuk met zekerheid konden identificeren.
De waarschuwing vermeldt :
1° de ten laste gelegde feiten en de geschonden wettelijke of reglementaire bepaling of bepalingen bedoeld in artikel XV.2, § 1;
2° de termijn waarbinnen [3 en voor wat betreft de inbreuken op titel 3, hoofdstuk 3, afdeling 8, de mogelijke wijzen waarop]3 voormelde feiten dienen te worden stopgezet;
3° dat, indien aan de waarschuwing geen gevolg wordt gegeven, ofwel een vordering tot staking zal ingesteld worden, ofwel de procureur des Konings zal ingelicht worden ofwel de transactieprocedure bedoeld in titel 2, hoofdstuk 1, zal toegepast worden, ofwel een bestuurlijke sanctie zal opgelegd worden;
4° [6 dat de overtreder kan toezeggen om de inbreuk stop te zetten en, waar relevant, bijkomend kan toezeggen over te gaan tot herstel, dat een toezegging aanvaard kan worden en aanleiding kan geven tot het stopzetten van de handhaving maar verdere bestuurlijke of strafrechtelijke handhaving niet noodzakelijk in de weg staat en dat de toezegging van de overtreder om de inbreuk stop te zetten of, waar relevant, over te gaan tot herstel, openbaar kan worden gemaakt.]6
§ 2. [7 Wanneer aan de waarschuwing, bedoeld in paragraaf 1, geen gevolg is gegeven binnen de in paragraaf 1, vierde lid, 2°, bedoelde termijn, wordt een in artikel XV.60/1, § 2, bedoeld proces-verbaal opgemaakt.]7
§ 3. [8 Onverminderd de andere in dit Wetboek voorgeschreven maatregelen, kunnen de ambtenaren bedoeld in artikel XV.2 openbaar maken dat een onderneming heeft toegezegd om een inbreuk zoals bedoeld in artikel XV.2, § 1, stop te zetten, of om over te gaan tot herstelmaatregelen, overeenkomstig artikel XV.31/2.]8]1
[2 § 4. Dit artikel is niet van toepassing op de inbreuken op de bepalingen van [5 boek VII, titel 4, hoofdstuk 4, met uitzondering van artikel VII.183, § 5, 4°]5.]2
----------
(1)<Ingevoegd bij KB 2013-11-20/02, art. 2, 005; Inwerkingtreding : 12-12-2013 (zie KB 2013-12-08/01, art. 6)>
(2)<W 2014-04-19/39, art. 5, 021; Inwerkingtreding : 01-11-2015 (zie KB2014-04-19/40, art. 3; gewijzigd bij KB 2015-06-28/02, art. 2)>
(3)<W 2014-04-19/60, art. 9, 024; Inwerkingtreding : 01-01-2015>
(4)<W 2015-10-26/06, art. 55, 028; Inwerkingtreding : 09-11-2015>
(5)<W 2018-07-30/47, art. 32, 065; Inwerkingtreding : 15-09-2018>
(6)<W 2020-09-29/05, art. 12, 092; Inwerkingtreding : 30-11-2020>
(7)<W 2022-09-25/14, art. 32, 120; Inwerkingtreding : 26-01-2023>
(8)<W 2023-11-05/07, art. 49, 123; Inwerkingtreding : 21-12-2023>
De waarschuwing wordt de overtreder ter kennis gebracht binnen een termijn van dertig dagen volgend op de dag van de vaststelling van de feiten, bij aangetekende zending met ontvangstmelding of door de overhandiging van een afschrift van het proces-verbaal [4 van waarschuwing]4. De waarschuwing kan ook per fax of elektronische post worden meegedeeld. Indien geen reactie volgt op de waarschuwing per fax of elektronische post wordt deze via aangetekende zending met ontvangstmelding opgestuurd.
Wanneer de overtreder niet kan worden geïdentificeerd op de dag van de inbreuk begint de termijn van dertig dagen te lopen op de dag waarop de ambtenaren bedoeld in artikel XV.2 de vermoedelijke overtreder van de inbreuk met zekerheid konden identificeren.
De waarschuwing vermeldt :
1° de ten laste gelegde feiten en de geschonden wettelijke of reglementaire bepaling of bepalingen bedoeld in artikel XV.2, § 1;
2° de termijn waarbinnen [3 en voor wat betreft de inbreuken op titel 3, hoofdstuk 3, afdeling 8, de mogelijke wijzen waarop]3 voormelde feiten dienen te worden stopgezet;
3° dat, indien aan de waarschuwing geen gevolg wordt gegeven, ofwel een vordering tot staking zal ingesteld worden, ofwel de procureur des Konings zal ingelicht worden ofwel de transactieprocedure bedoeld in titel 2, hoofdstuk 1, zal toegepast worden, ofwel een bestuurlijke sanctie zal opgelegd worden;
4° [6 dat de overtreder kan toezeggen om de inbreuk stop te zetten en, waar relevant, bijkomend kan toezeggen over te gaan tot herstel, dat een toezegging aanvaard kan worden en aanleiding kan geven tot het stopzetten van de handhaving maar verdere bestuurlijke of strafrechtelijke handhaving niet noodzakelijk in de weg staat en dat de toezegging van de overtreder om de inbreuk stop te zetten of, waar relevant, over te gaan tot herstel, openbaar kan worden gemaakt.]6
§ 2. [7 Wanneer aan de waarschuwing, bedoeld in paragraaf 1, geen gevolg is gegeven binnen de in paragraaf 1, vierde lid, 2°, bedoelde termijn, wordt een in artikel XV.60/1, § 2, bedoeld proces-verbaal opgemaakt.]7
§ 3. [8 Onverminderd de andere in dit Wetboek voorgeschreven maatregelen, kunnen de ambtenaren bedoeld in artikel XV.2 openbaar maken dat een onderneming heeft toegezegd om een inbreuk zoals bedoeld in artikel XV.2, § 1, stop te zetten, of om over te gaan tot herstelmaatregelen, overeenkomstig artikel XV.31/2.]8]1
[2 § 4. Dit artikel is niet van toepassing op de inbreuken op de bepalingen van [5 boek VII, titel 4, hoofdstuk 4, met uitzondering van artikel VII.183, § 5, 4°]5.]2
----------
(1)<Ingevoegd bij KB 2013-11-20/02, art. 2, 005; Inwerkingtreding : 12-12-2013 (zie KB 2013-12-08/01, art. 6)>
(2)<W 2014-04-19/39, art. 5, 021; Inwerkingtreding : 01-11-2015 (zie KB2014-04-19/40, art. 3; gewijzigd bij KB 2015-06-28/02, art. 2)>
(3)<W 2014-04-19/60, art. 9, 024; Inwerkingtreding : 01-01-2015>
(4)<W 2015-10-26/06, art. 55, 028; Inwerkingtreding : 09-11-2015>
(5)<W 2018-07-30/47, art. 32, 065; Inwerkingtreding : 15-09-2018>
(6)<W 2020-09-29/05, art. 12, 092; Inwerkingtreding : 30-11-2020>
(7)<W 2022-09-25/14, art. 32, 120; Inwerkingtreding : 26-01-2023>
(8)<W 2023-11-05/07, art. 49, 123; Inwerkingtreding : 21-12-2023>
Bron: Justel
