Artikel XV.70, WER

Art. XV.70.[1 § 1. De inbreuken op de bepalingen van dit Wetboek, van zijn uitvoeringsbesluiten, van de wetten en uitvoeringsbesluiten waarvoor dit boek in sancties voorziet en van de verordeningen van de Europese Unie waarvoor dit boek in sancties voorziet, worden bestraft met een sanctie tussen niveau 1 en niveau 6, en dit als volgt:
   1° de sanctie van niveau 1 bestaat uit een strafrechtelijke geldboete van een minimumbedrag van 26 euro tot een maximumbedrag van 5 000 euro of tot 4 % van de totale jaaromzet in het laatst afgesloten boekjaar voorgaand aan het opleggen van de geldboete waarover gegevens beschikbaar zijn die toelaten om de jaaromzet vast te stellen, indien dit een hoger bedrag vertegenwoordigt;
   2° de sanctie van niveau 2 bestaat uit een strafrechtelijke geldboete van een minimumbedrag van 26 euro tot een maximumbedrag van 10 000 euro of tot 4 % van de totale jaaromzet in het laatst afgesloten boekjaar voorgaand aan het opleggen van de geldboete waarover gegevens beschikbaar zijn die toelaten om de jaaromzet vast te stellen, indien dit een hoger bedrag vertegenwoordigt;
   3° de sanctie van niveau 3 bestaat uit een strafrechtelijke geldboete van een minimumbedrag van 26 euro tot een maximumbedrag van 25 000 euro of tot 6 % van de totale jaaromzet in het laatst afgesloten boekjaar voorgaand aan het opleggen van de geldboete waarover gegevens beschikbaar zijn die toelaten om de jaaromzet vast te stellen, indien dit een hoger bedrag vertegenwoordigt;
   4° de sanctie van niveau 4 bestaat uit een strafrechtelijke geldboete van een minimumbedrag van 26 euro tot een maximumbedrag van 50 000 euro of tot 6 % van de totale jaaromzet in het laatst afgesloten boekjaar voorgaand aan het opleggen van de geldboete waarover gegevens beschikbaar zijn die toelaten om de jaaromzet vast te stellen, indien dit een hoger bedrag vertegenwoordigt;
   5° de sanctie van niveau 5 bestaat uit een strafrechtelijke geldboete van een minimumbedrag van 250 euro tot een maximumbedrag van 100 000 euro of tot 6 % van de totale jaaromzet in het laatst afgesloten boekjaar voorgaand aan het opleggen van de geldboete waarover gegevens beschikbaar zijn die toelaten om de jaaromzet vast te stellen, indien dit een hoger bedrag vertegenwoordigt, en een gevangenisstraf van één maand tot één jaar of uit één van die straffen alleen;
   6° de sanctie van niveau 6 bestaat uit een strafrechtelijke geldboete van een minimumbedrag van 500 euro tot een maximumbedrag van 100 000 euro of tot 6 % van de totale jaaromzet in het laatst afgesloten boekjaar voorgaand aan het opleggen van de geldboete waarover gegevens beschikbaar zijn die toelaten om de jaaromzet vast te stellen, indien dit een hoger bedrag vertegenwoordigt, en een gevangenisstraf van één jaar tot vijf jaar of uit één van die straffen alleen.
   § 2. Indien geen informatie beschikbaar is over de totale jaaromzet bedoeld in paragraaf 1, bedraagt het maximumbedrag van de geldboete 2 miljoen euro.
   In geval van een grensoverschrijdende inbreuk, kan de jaaromzet verwezenlijkt in de andere landen waar de inbreuk is begaan, opgenomen worden in de berekening van de jaaromzet voor de bepaling van het maximumbedrag van de geldboete bedoeld in paragraaf 1.
   Wanneer er overeenkomstig artikel 21 van Verordening (EU) 2017/2394 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2017 betreffende samenwerking tussen de nationale autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor handhaving van de wetgeving inzake consumentenbescherming en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 2006/2004 sancties worden opgelegd, wordt de totale jaaromzet verwezenlijkt in de betrokken lidstaten in elk geval opgenomen in de berekening van het maximumbedrag van de geldboete bedoeld in paragraaf 1.
   § 3. Voor het opleggen van de sanctie wordt rekening gehouden met de volgende niet-limitatieve en indicatieve criteria:
   1° de aard, de ernst, de omvang en de duur van de inbreuk;
   2° de door de onderneming genomen maatregelen om de door de consumenten geleden schade te beperken of te verhelpen;
   3° de eerdere inbreuken van de onderneming;
   4° de door de onderneming als gevolg van de inbreuk behaalde financiële voordelen of vermeden verliezen, als daarover relevante informatie beschikbaar is;
   5° de sancties die in grensoverschrijdende zaken in andere lidstaten aan de onderneming zijn opgelegd voor dezelfde inbreuk, wanneer informatie over dergelijke sancties beschikbaar is via het bij Verordening (EU) 2017/2394 van het Europees Parlement en de Raad opgericht mechanisme;
   6° de andere verzwarende of verzachtende omstandigheden die van toepassing zijn op de zaak.]1
  ----------
  (1)<W 2022-05-08/01, art. 36, 107; Inwerkingtreding : 28-05-2022>

  
Bron: Justel