Artikel XV.91, WER

Art. XV.91.[1 Met een sanctie van niveau 5 worden gestraft :
  1° zij die de activiteit van kredietgever uitoefenen zonder de vergunning of registratie te hebben verkregen als bedoeld in artikel VII.160, § 6, en VII. 174, § 4;
  2° zij die de activiteit van kredietbemiddelaar uitoefenen zonder de inschrijving te hebben verkregen voorzien in de artikelen VII.180 en VII.184, of zonder desgevallend het voorwerp te hebben uitgemaakt van een regelmatige kennisgeving van een andere bevoegde autoriteit van de Europese Economische Ruimte;
  3° zij die in strijd met artikel VII. 159, de activiteit van kredietbemiddelaar uitoefenen en activiteiten verrichten met kredietgevers die niet erkend of geregistreerd zijn conform artikel VII. 160, § 5, en VII. 174, § 4;
  4° zij die geen gevolg geven aan een schorsing, een verbod, een schrapping of een herroeping uitgesproken krachtens de artikelen XV.67, XV.67/1, XV.67/2, XV.67/3 en XV.68;
  5° zij die, in rechte of feitelijk, functies blijven uitoefenen van effectieve leider bij een kredietgever, terwijl de FSMA heeft geoordeeld dat zij niet over de vereiste professionele betrouwbaarheid en passende deskundigheid beschikten om hun taken waar te nemen, of van effectieve leider bij een kredietbemiddelaar of van verantwoordelijke voor de distributie bij een kredietgever of een kredietbemiddelaar, terwijl de FSMA heeft geoordeeld dat zij niet over een voldoende [3 passende deskundigheid]3 en professionele betrouwbaarheid beschikten om hun taken waar te nemen;
  6° de kredietgever of kredietbemiddelaar die een tewerkgestelde persoon de opdracht geeft kredietovereenkomsten aan te bieden, terwijl deze niet voldoet aan de voorwaarden bepaald door de artikelen VII.180, § 2, 2° en 3°, VII.183, § 5, 3° en [2 VII.184, § 1, tweede lid, 3°]2 ;
  7° de kredietgever die een kredietovereenkomst aanvaardt, aangeboden door een kredietbemiddelaar die niet is ingeschreven overeenkomstig de artikelen VII.182, § 3, en VII.188, § 3;
  8° de kredietgever die een agentuurovereenkomst aanbiedt aan een kredietbemiddelaar die niet is ingeschreven overeenkomstig de artikelen VII. 182, § 3, en VII. 188, § 3;
  9° zij die de bepalingen van de artikelen VII.159, § 1, VII.180, § 3, en VII.184, § 2 niet naleven ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij W 2014-04-19/39, art. 13, 021; Inwerkingtreding : 01-11-2015 (zie KB 2014-04-19/40, art. 3; gewijzigd bij KB 2015-06-28/02, art. 2)>
  (2)<W 2019-05-02/28, art. 34, 077; Inwerkingtreding : 01-06-2019>
  (3)<W 2022-05-08/03, art. 18, 112; Inwerkingtreding : 03-07-2022>

  
Bron: Justel