Artikel IV.85, WER
Art. IV.85. [1 § 1. De Koning stelt de termijnen en de nadere regels inzake de betaling van de geldboeten en dwangsommen vast.
§ 2. Ingeval de betrokkene in gebreke blijft de geldboete of de dwangsom te betalen, wordt de beslissing van het Mededingingscollege, van de auditeur, of de in kracht van gewijsde gegane beslissing van het Marktenhof, toegezonden aan de FOD Financiën, met het oog op de inning van het verschuldigde bedrag.
De vervolgingen die de voornoemde administratie instelt, gebeuren overeenkomstig artikel 3 van de domaniale wet van 22 december 1949.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2019-05-02/34, art. 3, 078; Inwerkingtreding : 03-06-2019>
§ 2. Ingeval de betrokkene in gebreke blijft de geldboete of de dwangsom te betalen, wordt de beslissing van het Mededingingscollege, van de auditeur, of de in kracht van gewijsde gegane beslissing van het Marktenhof, toegezonden aan de FOD Financiën, met het oog op de inning van het verschuldigde bedrag.
De vervolgingen die de voornoemde administratie instelt, gebeuren overeenkomstig artikel 3 van de domaniale wet van 22 december 1949.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2019-05-02/34, art. 3, 078; Inwerkingtreding : 03-06-2019>
Bron: Justel
