Artikel IV.82, WER

Art. IV.82.[1 § 1. Het Mededingingscollege kan aan ondernemingen of ondernemingsverenigingen geldboeten opleggen tot belope van 1 % van de omzet ingeval zij opzettelijk of uit onachtzaamheid:
   1° bij een aanmelding of een verzoek om inlichtingen onjuiste, verdraaide of onvolledige gegevens verstrekken;
   2° de inlichtingen niet verstrekken binnen de termijn gesteld in de beslissing tot het eisen van inlichtingen;
   3° [2 de onderzoeken bedoeld in de artikelen IV.39, IV.40 tot IV.40/2 en IV.47 beletten of hinderen;]2
  [2 4° nalaten te verschijnen voor een verhoor bedoeld in artikel IV.40/1, derde lid.]2
  [2 Het Mededingingscollege kan aan ondernemingen of ondernemingsverenigingen dwangsommen opleggen ten belope van maximum 1 % van de gemiddelde dagelijkse omzet gerealiseerd in het voorgaande boekjaar per dag vertraging te rekenen vanaf de datum die het in de beslissing bepaalt, om hen ertoe te verplichten:
   1° volledige en juiste gegevens te verstrekken, gevraagd ter gelegenheid van een aanmelding of vraag om inlichtingen;
   2° om inlichtingen te verschaffen in geval van niet-naleving van de termijn bepaald in de beslissing met eis om inlichtingen;
   3° zich te onderwerpen aan de onderzoeksmaatregelen bedoeld in de artikelen IV.39, IV.40 tot IV.40/2 en IV.47;
   4° te verschijnen voor een verhoor bedoeld in artikel IV.40/1, derde lid.]2
   § 2. Het Mededingingscollege kan op de gronden vermeld in paragraaf 1, aan de natuurlijke personen bedoeld in artikel IV.1, § 4, geldboeten opleggen van 50 tot 2000 euro.]1
  [2 § 3. De in de eerste paragraaf bedoelde geldboete kan worden opgelegd wanneer een onderneming is overgegaan tot een concentratie zonder deze vooraf aan te melden overeenkomstig artikel IV.10, zelfs indien zou blijken dat de concentratie toelaatbaar is.]2
  ----------
  (1)<W 2019-05-02/34, art. 3, 078; Inwerkingtreding : 03-06-2019>
  (2)<W 2022-02-28/02, art. 69, 104; Inwerkingtreding : 17-03-2022>

  
Bron: Justel