Artikel VII.216/19, WER
Art. VII.216/19. [1 Wanneer het endossement e vermelding bevat "waarde ter incassering", "ter incasso", "in lastgeving" of enige andere vermelding die niets meer dan een opdracht tot inning in zich sluit, kan de houder alle uit de wisselbrief voortvloeiende rechten uitoefenen, maar hij kan hem niet anders endosseren dan als lastgeving.
De wisselschuldenaars kunnen in dat geval aan de houder slechts de verweermiddelen tegenwerpen welke aan de endossant zouden kunnen worden tegengeworpen.
De opdracht, vervat in een incasso-endossement, eindigt niet door de dood of door de latere onbekwaamheid van de lastgever.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2018-04-15/14, art. 107, 059; Inwerkingtreding : 01-11-2018>
De wisselschuldenaars kunnen in dat geval aan de houder slechts de verweermiddelen tegenwerpen welke aan de endossant zouden kunnen worden tegengeworpen.
De opdracht, vervat in een incasso-endossement, eindigt niet door de dood of door de latere onbekwaamheid van de lastgever.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2018-04-15/14, art. 107, 059; Inwerkingtreding : 01-11-2018>
Bron: Justel
