Artikel V.7, WER

Art. V.7.[1 § 1. De minister kan met individuele of gegroepeerde ondernemingen programmaovereenkomsten sluiten die met name op het vlak van de toegepaste prijzen verplichtingen inhouden.
  Deze overeenkomsten worden gesloten voor een bepaalde termijn en kunnen door de partijen worden opgezegd met inachtneming van de daarbij bepaalde opzeggingstermijn.
  Deze overeenkomsten bevatten een clausule waarbij in geval van niet-uitvoering voorzien wordt in de betaling van een vergoeding. De krachtens deze clausule verschuldigde sommen worden door de minister of door zijn afgevaardigde bij gemotiveerde beslissing ingeschreven.
  De gemotiveerde beslissing wordt aan de schuldenaar ter kennis gebracht. Na ontvangst van deze beslissing beschikt de schuldenaar over een termijn van vijftien dagen om bij de burgerlijke rechtbanken beroep aan te tekenen. Dit beroep heeft opschortende werking en de beslissing is vatbaar voor hoger beroep.
  Bij ontstentenis van een beroep evenals in geval van verwerping van het beroep wordt de vergoeding, die niet vrijwillig betaald is, ingevorderd zoals inzake directe belastingen.
  § 2. De minister kan eveneens een programmaovereenkomst sluiten met beroepsverenigingen die actief zijn in de raffinage, de invoer of de distributie van aardolieproducten.
  Indien de beroepsvereniging of meerdere beroepsverenigingen waarmee een programmaovereenkomst wordt gesloten representatief zijn voor ten minste 60 % van de in verbruik gestelde hoeveelheden aardolieproducten in België, is de programmaovereenkomst bindend voor de hele sector. Wanneer een beroepsvereniging van de sector in naam van haar leden bij een ter post aangetekende brief een gemotiveerd bezwaar bij de minister indient tegen één of meer elementen die deel uitmaken van de van kracht zijnde programmaovereenkomst, dan neemt de minister dit bezwaar in overweging. Hij start binnen de maand na ontvangst van het gemotiveerde bezwaar een nieuwe onderhandeling over dit bezwaar binnen het kader van de programmaovereenkomst. De minister brengt binnen drie maanden na ontvangst van het bezwaar de betrokken beroepsvereniging bij een ter post aangetekende brief op de hoogte van het resultaat van de onderhandeling. Het gemotiveerde bezwaar heeft geen schorsende werking op de van kracht zijnde programmaovereenkomst.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij W 2013-04-03/18, art. 5,002; Inwerkingtreding : 12-12-2013 (zie KB 2013-12-08/01, art. 2)>

  
Bron: Justel