Artikel XVII.34/1, WER

Art. XVII.34/1.[1 § 1. In het geval van duidelijke en aanzienlijke inbreuk op het auteursrecht, op een naburig recht of op het recht van een producent van databanken, gepleegd op het internet [2 , of in het geval van de exploitatie van een onwettig onlinekansspel]2, kan de voorzitter van de ondernemingsrechtbank te Brussel, ten aanzien van de vermeende inbreukmaker, alsook ten aanzien van elke tussenpersoon wiens diensten worden gebruikt, een beschikking in kort geding verlenen tot stopzetting van de vermeende inbreuken.
   § 2. In geval van inbreuk op het auteursrecht of op een naburig recht, wordt de vordering ingesteld op initiatief van elke belanghebbende, van een beheersvennootschap of collectieve beheersorganisatie of van een professionele of interprofessionele vereniging die over rechtspersoonlijkheid beschikt.
   In geval van inbreuk op het recht van een producent van databanken wordt de vordering ingesteld op initiatief van de personen die, volgens de bepalingen inzake het recht van de producent van databanken, een vordering inzake namaak kunnen instellen.
  [2 In geval van de exploitatie van een onwettig onlinekansspel, wordt de vordering ingesteld op initiatief van elke belanghebbende.]2
   § 3. De vordering, bedoeld in paragraaf 2, wordt op eenzijdig verzoekschrift of door dagvaarding ingesteld.
   § 4. Behoudens in bijzondere omstandigheden, doet de voorzitter van de ondernemingsrechtbank uitspraak binnen de kortst mogelijke termijn, te rekenen van de inschrijving van het verzoekschrift of de dagvaarding op de rol. Deze termijn bedraagt hoogstens acht werkdagen te rekenen vanaf de inschrijving van het verzoekschrift of dagvaarding op de rol.
   § 5. De voorzitter van de ondernemingsrechtbank kan, alvorens uitspraak te doen over de vordering tot voorlopige maatregelen, de vermeende inbreukmaker of elke door deze maatregelen betrokken persoon in raadkamer horen, in aanwezigheid van de eiser, ook indien de procedure op tegenspraak wordt gevoerd.
   De persoon die de rechter wenst te horen wordt per gerechtsbrief of per elektronische post opgeroepen waarbij een afschrift van het verzoekschrift of de dagvaarding wordt gevoegd. Deze laatste wordt niet geacht daardoor partij in het geding of tussenkomende partij te worden. De partijen bij de zaak hebben het recht te concluderen na kennis te hebben genomen van de hoorzitting waar de door de voorzitter van de ondernemingsrechtbank opgeroepen personen gehoord zijn.
   De eiser, of zijn raadsman, wordt opgeroepen bij gewone brief of per elektronische post.
   § 6. De voorzitter van de ondernemingsrechtbank willigt de vordering in als:
   1° het auteursrecht, het naburig recht of het recht van de producent van databanken waarvan de bescherming wordt ingeroepen, ogenschijnlijk geldig is;
   2° de inbreuk duidelijk en aanzienlijk lijkt;
   3° na de betrokken belangen, rechten en vrijheden, waaronder het algemeen belang, te hebben afgewogen, de feiten en, in voorkomend geval, de stukken waarop de eiser zich baseert van dien aard zijn dat ze de verzochte voorlopige maatregelen redelijkerwijze verantwoorden.
   De voorzitter beoordeelt in het bijzonder de eventuele gevolgen die de gevraagde maatregelen zouden kunnen hebben op de toegang van het publiek tot informatie of enige andere inhoud die geen inbreuk maakt op de rechten waarop de eiser zich beroept.
   Voor de vorderingen die op eenzijdig verzoekschrift ingesteld worden, geldt een vermoeden van spoedeisendheid zoals bedoeld in artikel 584, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek of van volstrekte noodzakelijkheid zoals bedoeld in artikel 584, vierde lid, van het Gerechtelijk Wetboek.
  [2 § 6/1. De voorzitter van de ondernemingsrechtbank willigt de vordering in als hij het bestaan van een exploitatie van een onwettig onlinekansspel vaststelt.
   Voor de vorderingen die op eenzijdig verzoekschrift ingesteld worden, geldt een vermoeden van spoedeisendheid zoals bedoeld in artikel 584, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek of van volstrekte noodzakelijkheid zoals bedoeld in artikel 584, vierde lid, van het Gerechtelijk Wetboek.]2
   § 7. De voorzitter van de ondernemingsrechtbank kan aan de voorlopige maatregelen de voorwaarde verbinden dat de eiser een passende zekerheid of een gelijkwaardige garantie stelt voor de eventuele schadeloosstelling van alle schade geleden door de vermeende inbreukmaker, de betrokken tussenpersonen of elk ander persoon voor wie de voorlopige maatregelen gevolgen hebben.
   § 8. De voorzitter van de ondernemingsrechtbank kan de specifieke maatregelen bepalen die door de bestemmeling(en) van zijn beschikking moeten worden genomen om de aangeklaagde inbreuk te doen stopzetten of om de gevolgen ervan te beperken.
   De voorzitter van de ondernemingsrechtbank kan onder meer beslissen om de voorlopige maatregelen uit te breiden tot een website of een gedeelte ervan die een replica is van de in de beschikking bepaalde website en die het voorwerp uitmaakt van de voorlopige maatregelen, of tot elk adres dat hier rechtstreeks toegang toe verschaft.
   De voorzitter van de ondernemingsrechtbank kan de Dienst bedoeld in artikel XVII.34/3 opdragen om de in het tweede lid bedoelde websites te identificeren en een geactualiseerde lijst ervan mee te delen aan de bestemmeling(en) van de maatregelen.
   § 9. De voorzitter van de ondernemingsrechtbank kan de in artikel XVII.34/3 bedoelde Dienst machtigen om de voorlopige maatregelen uit te voeren om hun doeltreffendheid te garanderen in overeenstemming met artikel XVII.34/3. De Dienst mag de draagwijdte van de beschikking niet uitbreiden, beperken of wijzigen.
   Behoudens bijzondere omstandigheden en behoudens de toepassing van artikel XVII.34/3, § 2, derde lid, stelt de Dienst de nadere toepassingsregels vast binnen een termijn van maximum drie werkdagen na ontvangst van de beschikking.
   De nadere toepassingsregels van de voorlopige maatregelen zoals gepreciseerd door de Dienst, in voorkomend geval aangepast om hun doeltreffendheid te garanderen, maken integraal deel uit van deze maatregelen, en de schending van deze nadere toepassingsregels wordt, in zoverre de beslissing van de Dienst werd betekend aan de bestemmeling(en), gesanctioneerd met dezelfde sancties als deze die gelden bij niet-naleving van de voorlopige maatregelen, zoals eventuele dwangsommen waarvan ze vergezeld zijn en waarvan de voorzitter van de ondernemingsrechtbank het tijdstip vanaf wanneer deze verschuldigd zijn heeft vastgelegd rekening houdend met de nadere toepassingsregels zoals te preciseren door de Dienst.
   § 10. De beschikking wordt binnen twee werkdagen en door toedoen van de griffier van het bevoegde rechtscollege per elektronische post ter kennis gegeven aan de Dienst bedoeld in artikel XVII.34/3. De betekening aan de eiser en aan eventuele tussenkomende partijen, bedoeld in artikel 1030 van het Gerechtelijk Wetboek, en, in voorkomend geval, aan de betrokken personen gehoord in de raadkamer, geschiedt binnen dezelfde termijn. Die kennisgeving doet de termijn om een rechtsmiddel aan te wenden niet lopen. Zij gebeurt op elektronische wijze aan het professioneel elektronisch adres van de advocaat of, indien het een partij betreft die zonder advocaat is verschenen, aan het gerechtelijk elektronisch adres van die partij, of, bij gebreke daaraan, aan het laatste elektronisch adres dat die partij heeft verstrekt in het kader van de rechtspleging. Indien bij de griffier geen elektronisch adres gekend is, of indien de kennisgeving aan het elektronisch adres kennelijk niet is geslaagd, gebeurt de kennisgeving bij gewone brief.
   § 11. De voorzitter van de ondernemingsrechtbank kan de publicatie van de beschikking, van een samenvatting ervan of van een bericht op het internet bevelen gedurende de termijn die hij bepaalt.
   De voorzitter van de ondernemingsrechtbank bepaalt in zijn beschikking wie de kosten verbonden aan deze publicatiemaatregel zal dragen.
   § 12. Dit artikel doet geen afbreuk aan artikel XV.5.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij W 2022-06-19/03, art. 89, 113; Inwerkingtreding : 01-06-2024>
  (2)<W 2023-12-22/06, art. 84, 126; Inwerkingtreding : 01-06-2024>

  
Bron: Justel