Artikel VII.134, WER
Art. VII.134.[1 § 1. De kredietovereenkomst wordt gesloten door de handmatige handtekening of de elektronische ondertekening, van alle contracterende partijen en wordt opgesteld op een [3 duurzame gegevensdrager]3 die het geheel van alle contractuele voorwaarden en vermeldingen bedoeld in dit artikel bevat. Elke overeenkomstsluitende partij die een onderscheiden belang heeft, krijgt een exemplaar van de kredietovereenkomst. De kredietbemiddelaar ontvangt een afschrift van het kredietaanbod of, desgevallend, van de kredietovereenkomst.
De elektronische ondertekening bedoeld in het eerste lid gebeurt :
[2 - door een gekwalificeerde elektronische handtekening of een gekwalificeerd elektronisch zegel, bedoeld in respectievelijk artikel 3.12. en 3.27. van verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt en tot intrekking van Richtlijn 1999/93/EG;
- of door een andere elektronische handtekening, die de identiteit van de partijen, hun instemming met de inhoud van de kredietovereenkomst en het behoud van de integriteit van deze overeenkomst verzekert. De Koning kan hiertoe criteria bepalen. In geval van betwisting is het aan de kredietgever om aan te tonen dat deze elektronische handtekening daadwerkelijk deze functies verzekert.]2
Het aflossingsplan bedoeld in § 3, 4°, van dit artikel, maakt integraal deel uit van de kredietovereenkomst.
Bij een kredietopening met een roerende bestemming en onderworpen aan het herroepingsrecht, laat de consument zijn handtekening voorafgaan door de vermelding van het kredietbedrag : "Gelezen en goedgekeurd voor... euro op krediet.". Bij alle overige kredietovereenkomsten met een roerende bestemming en onderworpen aan het herroepingsrecht laat de consument zijn handtekening voorafgaan door de vermelding van het totale door de consument terug te betalen bedrag : "Gelezen en goedgekeurd voor... euro terug te betalen.". In beide gevallen vermeldt de consument de datum en het juiste adres van de ondertekening van het contract.
§ 2. De kredietovereenkomst of, desgevallend, het kredietaanbod, vermeldt op beknopte en duidelijke wijze :
1° het soort krediet;
2° de naam, voornaam, geboorteplaats en -datum alsook de woonplaats van de consument en, desgevallend, de personen die een zekerheid stellen;
3° de identiteit van de kredietgever met inbegrip van zijn ondernemingsnummer, zijn geografisch adres dat relevant is voor de betrekkingen met de consument evenals de benaming en het adres van het bevoegde toezichthoudend bestuur bij de FOD Economie;
4° desgevallend, de identiteit van de kredietbemiddelaar met inbegrip van zijn ondernemingsnummer, zijn geografisch adres dat relevant is voor de betrekkingen met de consument evenals de benaming en het adres van het bevoegde toezichthoudend bestuur bij de FOD Economie;
5° de duur van de kredietovereenkomst;
6° het kredietbedrag en de voorwaarden voor kredietopneming;
7° de periodieke rentevoet, de debetrentevoet, de voorwaarden die de toepassing van deze rentevoeten regelen en, bij veranderlijke rentevoeten de oorspronkelijke waarde van de referte-index of debetrentevoet, en de termijnen, voorwaarden en procedures voor wijziging ervan. Indien naargelang van de verschillende omstandigheden verschillende debetrentevoeten worden toegepast, wordt deze informatie met betrekking tot alle toepasselijke rentevoeten verstrekt;
8° het jaarlijkse kostenpercentage en het totale door de consument te betalen bedrag, berekend bij het sluiten van de kredietovereenkomst. Alle bij de berekening van dit percentage gebruikte veronderstellingen worden vermeld. De vermelding in het door het consument aanvaarde kredietaanbod van het jaarlijkse kostenpercentage met alle veronderstellingen volstaat en dient niet hernieuwd te worden in de authentieke akte die de totstandkoming van de kredietovereenkomst bevestigt;
9° de te volgen procedure om een einde te stellen aan de kredietovereenkomst;
10° de clausule : "Deze overeenkomst maakt het voorwerp uit van registratie in de Centrale voor Kredieten aan Particulieren overeenkomstig artikel VII.148 van boek VII van het Wetboek van economisch recht";
11° de doeleinden van de verwerking in de Centrale;
12° de naam van de Centrale;
13° het bestaan van een recht op toegang, op verbetering en op uitwissing van de gegevens alsook de bewaartermijnen van deze laatste;
14° desgevallend, de dossierkosten.
§ 3. Naast de informatie bedoeld in § 2, vermeldt de kredietovereenkomst of, desgevallend het kredietaanbod, op beknopte en duidelijke wijze :
1° indien over het krediet door middel van een betaalinstrument kan worden beschikt, de regelen toepasselijk krachtens de wetgeving op de betalingsdiensten in geval van verlies, diefstal of onrechtmatig gebruik van de kaart of titel, evenals, desgevallend, het maximum bedrag ten belope waarvan de consument het risico draagt voortvloeiend uit onrechtmatig gebruik ervan door een derde;
2° in geval van een krediet in de vorm van uitstel van betaling voor een goed of een dienst of van gelieerde kredietovereenkomsten, het goed of de dienst en de contante prijs daarvan;
3° de termijnbedragen, de betalingstermijnen en het aantal van de door de consument te verrichten betalingen, met inbegrip van een eventueel voorschot en, in voorkomend geval, de volgorde waarin de betalingen aan de verschillende openstaande saldi tegen verschillende debetrentevoeten worden toegerekend met het oog op aflossing;
4° in geval van aflossing van kapitaal, de termijnbedragen bestaande uit de aflossingsstorting en de intresten evenals de tijdstippen waarop en de voorwaarden waaronder deze bedragen moeten worden betaald. Het bijgevoegde aflossingsplan geeft de samenstelling van ieder termijnbedrag aan, alsook het verschuldigd blijvend saldo na iedere betaling.
Wanneer een vermindering van de periodieke rentevoet wordt toegestaan, geeft het aflossingsplan de te betalen termijnbedragen evenals de verschuldigde saldi aan, rekening houdend met die vermindering. Wijzigt de vermindering, dan wordt een nieuw aflossingsplan medegedeeld, dat met de wijzigingen rekening houdt;
5° bij wedersamenstelling van het kapitaal, de tijdstippen waarop en de voorwaarden waaronder de intresten dienen betaald en de wedersamenstellende betalingen dienen uitgevoerd te worden en de verbintenis dat het kapitaal van het toegevoegd contract zal aangewend worden voor de terugbetaling van het opgenomen kredietbedrag.
Indien voor eenzelfde kapitaal meerdere wijzen van aflossing of wedersamenstelling worden gebruikt, duidt de kredietovereenkomst aan op welk gedeelte van het kapitaal elke wijze betrekking heeft.
Wanneer noch aflossing noch wedersamenstelling van het kapitaal is bedongen, vermeldt de kredietovereenkomst de tijdstippen en de voorwaarden van betaling van de intresten en terugkerende en niet terugkerende kosten;
6° de eventuele kosten voor het aanhouden van een of meer rekeningen voor de boeking van zowel betalingen als kredietopnemingen, tenzij het openen van een rekening facultatief is, tezamen met de kosten voor het gebruik van een betaalmiddel voor zowel betalingen als kredietopnemingen, andere uit de kredietovereenkomst voortvloeiende kosten, alsmede de voorwaarden waaronder die kosten kunnen worden gewijzigd overeenkomstig artikel VII.145;
7° de op het tijdstip van het sluiten van de kredietovereenkomst geldende nalatigheidsintrestvoet ingeval van betalingsachterstand, de wijzigingsmodaliteiten van deze rentevoet en, in voorkomend geval, de kosten van niet-nakoming;
8° een waarschuwing betreffende de gevolgen van wanbetaling;
9° desgevallend, dat notariskosten in rekening worden gebracht;
10° desgevallend, de gevraagde zekerheden en verzekeringen;
11° het al dan niet bestaan van een herroepingsrecht en de termijn voor de uitoefening daarvan, alsmede andere uitoefeningsvoorwaarden, zoals informatie over de verplichting voor de consument om overeenkomstig artikel VII.138, het opgenomen kapitaal en de rente terug te betalen en het bedrag van de rente per dag;
12° informatie over de uit artikel VII.147/6 voortvloeiende rechten en de voorwaarden voor de uitoefening daarvan;
13° het recht op vervroegde terugbetaling, de te volgen procedure alsmede, in voorkomend geval, informatie over het recht van de kredietgever op een vergoeding en de wijze waarop deze vergoeding wordt bepaald met inbegrip van de modaliteiten bedoeld in artikel VII.147/11, § 3, in geval van wedersamenstelling van het kapitaal;
14° de klachten- en de buitengerechtelijke beroepsprocedures die voor de consument overeenkomstig boek XVI openstaan met inbegrip van het geografisch adres van de instelling waartoe de consument zijn klachten kan richten, waaronder de benaming en het adres van de Algemene Directie Economische Inspectie bij de FOD Economie;
15° in voorkomend geval, de overige bedingen en contractvoorwaarden.
De bepalingen onder 1° tot 3° en 6° tot 7° gelden enkel voor het hypothecair krediet met een roerende bestemming.
§ 4. De oorzaken van vervroegde eisbaarheid of ontbinding van de kredietovereenkomst worden hernomen in de kredietovereenkomst door een afzonderlijk beding.
§ 5. Wanneer een kredietovereenkomst in vreemde valuta is uitgedrukt zorgt de kredietgever ervoor dat :
1° de consument het recht heeft de overeenkomst om te zetten in een andere valuta, of
2° een beroep kan worden gedaan op andere regelingen op grond waarvan het wisselkoersrisico waaraan de consument in het kader van de overeenkomst blootstaat, wordt beperkt.
De onder het eerste lid, 1°, bedoelde andere valuta zijn :
1° de valuta waarin de consument hoofdzakelijk zijn inkomen ontvangt of de activa aanhoudt waaruit het krediet moet worden afgelost, zoals aangegeven op het tijdstip waarop ten behoeve van de kredietovereenkomst de recentste kredietwaardigheidsbeoordeling werd opgemaakt; of
2° de valuta van de lidstaat waar de consument op het tijdstip van sluiting van de kredietovereenkomst zijn verblijfplaats had of waar hij thans zijn verblijfplaats heeft.
Wanneer de consument het recht heeft de overeenkomst in een alternatieve valuta om te zetten, zal de omrekening geschieden tegen de wisselkoers van de markt die van toepassing is op de dag waarop de omzetting wordt aangevraagd, tenzij anders in de kredietovereenkomst is bepaald.
De kredietgever waarschuwt regelmatig de consument die een kredietovereenkomst in vreemde valuta is aangegaan, middels een [3 duurzame gegevensdrager]3 en minstens wanneer de waarde van het totale uitstaande, nog door de consument te betalen bedrag of de waarde van de afbetalingstermijnen meer dan 20 % afwijkt van de waarde die zou gelden indien de wisselkoers van de valuta van de kredietovereenkomst en de euro zou worden toegepast, die gold op het tijdstip waarop de overeenkomst werd gesloten. De waarschuwing licht de consument in over de stijging van het totale, door de consument te betalen bedrag, zet in voorkomend geval uiteen dat hij het recht heeft om de overeenkomst in een alternatieve valuta om te zetten en de daartoe geldende voorwaarden, en geeft uitleg over elk ander toepasselijk mechanisme ter beperking van het wisselkoersrisico waaraan hij is blootgesteld.]1
----------
(1)<W 2016-04-22/01, art. 24, 038; Inwerkingtreding : 01-12-2016>
(2)<W 2017-04-18/03, art. 11, 046; Inwerkingtreding : 04-05-2017>
(3)<W 2018-09-20/14, art. 12, 067; Inwerkingtreding : 20-10-2018>
De elektronische ondertekening bedoeld in het eerste lid gebeurt :
[2 - door een gekwalificeerde elektronische handtekening of een gekwalificeerd elektronisch zegel, bedoeld in respectievelijk artikel 3.12. en 3.27. van verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt en tot intrekking van Richtlijn 1999/93/EG;
- of door een andere elektronische handtekening, die de identiteit van de partijen, hun instemming met de inhoud van de kredietovereenkomst en het behoud van de integriteit van deze overeenkomst verzekert. De Koning kan hiertoe criteria bepalen. In geval van betwisting is het aan de kredietgever om aan te tonen dat deze elektronische handtekening daadwerkelijk deze functies verzekert.]2
Het aflossingsplan bedoeld in § 3, 4°, van dit artikel, maakt integraal deel uit van de kredietovereenkomst.
Bij een kredietopening met een roerende bestemming en onderworpen aan het herroepingsrecht, laat de consument zijn handtekening voorafgaan door de vermelding van het kredietbedrag : "Gelezen en goedgekeurd voor... euro op krediet.". Bij alle overige kredietovereenkomsten met een roerende bestemming en onderworpen aan het herroepingsrecht laat de consument zijn handtekening voorafgaan door de vermelding van het totale door de consument terug te betalen bedrag : "Gelezen en goedgekeurd voor... euro terug te betalen.". In beide gevallen vermeldt de consument de datum en het juiste adres van de ondertekening van het contract.
§ 2. De kredietovereenkomst of, desgevallend, het kredietaanbod, vermeldt op beknopte en duidelijke wijze :
1° het soort krediet;
2° de naam, voornaam, geboorteplaats en -datum alsook de woonplaats van de consument en, desgevallend, de personen die een zekerheid stellen;
3° de identiteit van de kredietgever met inbegrip van zijn ondernemingsnummer, zijn geografisch adres dat relevant is voor de betrekkingen met de consument evenals de benaming en het adres van het bevoegde toezichthoudend bestuur bij de FOD Economie;
4° desgevallend, de identiteit van de kredietbemiddelaar met inbegrip van zijn ondernemingsnummer, zijn geografisch adres dat relevant is voor de betrekkingen met de consument evenals de benaming en het adres van het bevoegde toezichthoudend bestuur bij de FOD Economie;
5° de duur van de kredietovereenkomst;
6° het kredietbedrag en de voorwaarden voor kredietopneming;
7° de periodieke rentevoet, de debetrentevoet, de voorwaarden die de toepassing van deze rentevoeten regelen en, bij veranderlijke rentevoeten de oorspronkelijke waarde van de referte-index of debetrentevoet, en de termijnen, voorwaarden en procedures voor wijziging ervan. Indien naargelang van de verschillende omstandigheden verschillende debetrentevoeten worden toegepast, wordt deze informatie met betrekking tot alle toepasselijke rentevoeten verstrekt;
8° het jaarlijkse kostenpercentage en het totale door de consument te betalen bedrag, berekend bij het sluiten van de kredietovereenkomst. Alle bij de berekening van dit percentage gebruikte veronderstellingen worden vermeld. De vermelding in het door het consument aanvaarde kredietaanbod van het jaarlijkse kostenpercentage met alle veronderstellingen volstaat en dient niet hernieuwd te worden in de authentieke akte die de totstandkoming van de kredietovereenkomst bevestigt;
9° de te volgen procedure om een einde te stellen aan de kredietovereenkomst;
10° de clausule : "Deze overeenkomst maakt het voorwerp uit van registratie in de Centrale voor Kredieten aan Particulieren overeenkomstig artikel VII.148 van boek VII van het Wetboek van economisch recht";
11° de doeleinden van de verwerking in de Centrale;
12° de naam van de Centrale;
13° het bestaan van een recht op toegang, op verbetering en op uitwissing van de gegevens alsook de bewaartermijnen van deze laatste;
14° desgevallend, de dossierkosten.
§ 3. Naast de informatie bedoeld in § 2, vermeldt de kredietovereenkomst of, desgevallend het kredietaanbod, op beknopte en duidelijke wijze :
1° indien over het krediet door middel van een betaalinstrument kan worden beschikt, de regelen toepasselijk krachtens de wetgeving op de betalingsdiensten in geval van verlies, diefstal of onrechtmatig gebruik van de kaart of titel, evenals, desgevallend, het maximum bedrag ten belope waarvan de consument het risico draagt voortvloeiend uit onrechtmatig gebruik ervan door een derde;
2° in geval van een krediet in de vorm van uitstel van betaling voor een goed of een dienst of van gelieerde kredietovereenkomsten, het goed of de dienst en de contante prijs daarvan;
3° de termijnbedragen, de betalingstermijnen en het aantal van de door de consument te verrichten betalingen, met inbegrip van een eventueel voorschot en, in voorkomend geval, de volgorde waarin de betalingen aan de verschillende openstaande saldi tegen verschillende debetrentevoeten worden toegerekend met het oog op aflossing;
4° in geval van aflossing van kapitaal, de termijnbedragen bestaande uit de aflossingsstorting en de intresten evenals de tijdstippen waarop en de voorwaarden waaronder deze bedragen moeten worden betaald. Het bijgevoegde aflossingsplan geeft de samenstelling van ieder termijnbedrag aan, alsook het verschuldigd blijvend saldo na iedere betaling.
Wanneer een vermindering van de periodieke rentevoet wordt toegestaan, geeft het aflossingsplan de te betalen termijnbedragen evenals de verschuldigde saldi aan, rekening houdend met die vermindering. Wijzigt de vermindering, dan wordt een nieuw aflossingsplan medegedeeld, dat met de wijzigingen rekening houdt;
5° bij wedersamenstelling van het kapitaal, de tijdstippen waarop en de voorwaarden waaronder de intresten dienen betaald en de wedersamenstellende betalingen dienen uitgevoerd te worden en de verbintenis dat het kapitaal van het toegevoegd contract zal aangewend worden voor de terugbetaling van het opgenomen kredietbedrag.
Indien voor eenzelfde kapitaal meerdere wijzen van aflossing of wedersamenstelling worden gebruikt, duidt de kredietovereenkomst aan op welk gedeelte van het kapitaal elke wijze betrekking heeft.
Wanneer noch aflossing noch wedersamenstelling van het kapitaal is bedongen, vermeldt de kredietovereenkomst de tijdstippen en de voorwaarden van betaling van de intresten en terugkerende en niet terugkerende kosten;
6° de eventuele kosten voor het aanhouden van een of meer rekeningen voor de boeking van zowel betalingen als kredietopnemingen, tenzij het openen van een rekening facultatief is, tezamen met de kosten voor het gebruik van een betaalmiddel voor zowel betalingen als kredietopnemingen, andere uit de kredietovereenkomst voortvloeiende kosten, alsmede de voorwaarden waaronder die kosten kunnen worden gewijzigd overeenkomstig artikel VII.145;
7° de op het tijdstip van het sluiten van de kredietovereenkomst geldende nalatigheidsintrestvoet ingeval van betalingsachterstand, de wijzigingsmodaliteiten van deze rentevoet en, in voorkomend geval, de kosten van niet-nakoming;
8° een waarschuwing betreffende de gevolgen van wanbetaling;
9° desgevallend, dat notariskosten in rekening worden gebracht;
10° desgevallend, de gevraagde zekerheden en verzekeringen;
11° het al dan niet bestaan van een herroepingsrecht en de termijn voor de uitoefening daarvan, alsmede andere uitoefeningsvoorwaarden, zoals informatie over de verplichting voor de consument om overeenkomstig artikel VII.138, het opgenomen kapitaal en de rente terug te betalen en het bedrag van de rente per dag;
12° informatie over de uit artikel VII.147/6 voortvloeiende rechten en de voorwaarden voor de uitoefening daarvan;
13° het recht op vervroegde terugbetaling, de te volgen procedure alsmede, in voorkomend geval, informatie over het recht van de kredietgever op een vergoeding en de wijze waarop deze vergoeding wordt bepaald met inbegrip van de modaliteiten bedoeld in artikel VII.147/11, § 3, in geval van wedersamenstelling van het kapitaal;
14° de klachten- en de buitengerechtelijke beroepsprocedures die voor de consument overeenkomstig boek XVI openstaan met inbegrip van het geografisch adres van de instelling waartoe de consument zijn klachten kan richten, waaronder de benaming en het adres van de Algemene Directie Economische Inspectie bij de FOD Economie;
15° in voorkomend geval, de overige bedingen en contractvoorwaarden.
De bepalingen onder 1° tot 3° en 6° tot 7° gelden enkel voor het hypothecair krediet met een roerende bestemming.
§ 4. De oorzaken van vervroegde eisbaarheid of ontbinding van de kredietovereenkomst worden hernomen in de kredietovereenkomst door een afzonderlijk beding.
§ 5. Wanneer een kredietovereenkomst in vreemde valuta is uitgedrukt zorgt de kredietgever ervoor dat :
1° de consument het recht heeft de overeenkomst om te zetten in een andere valuta, of
2° een beroep kan worden gedaan op andere regelingen op grond waarvan het wisselkoersrisico waaraan de consument in het kader van de overeenkomst blootstaat, wordt beperkt.
De onder het eerste lid, 1°, bedoelde andere valuta zijn :
1° de valuta waarin de consument hoofdzakelijk zijn inkomen ontvangt of de activa aanhoudt waaruit het krediet moet worden afgelost, zoals aangegeven op het tijdstip waarop ten behoeve van de kredietovereenkomst de recentste kredietwaardigheidsbeoordeling werd opgemaakt; of
2° de valuta van de lidstaat waar de consument op het tijdstip van sluiting van de kredietovereenkomst zijn verblijfplaats had of waar hij thans zijn verblijfplaats heeft.
Wanneer de consument het recht heeft de overeenkomst in een alternatieve valuta om te zetten, zal de omrekening geschieden tegen de wisselkoers van de markt die van toepassing is op de dag waarop de omzetting wordt aangevraagd, tenzij anders in de kredietovereenkomst is bepaald.
De kredietgever waarschuwt regelmatig de consument die een kredietovereenkomst in vreemde valuta is aangegaan, middels een [3 duurzame gegevensdrager]3 en minstens wanneer de waarde van het totale uitstaande, nog door de consument te betalen bedrag of de waarde van de afbetalingstermijnen meer dan 20 % afwijkt van de waarde die zou gelden indien de wisselkoers van de valuta van de kredietovereenkomst en de euro zou worden toegepast, die gold op het tijdstip waarop de overeenkomst werd gesloten. De waarschuwing licht de consument in over de stijging van het totale, door de consument te betalen bedrag, zet in voorkomend geval uiteen dat hij het recht heeft om de overeenkomst in een alternatieve valuta om te zetten en de daartoe geldende voorwaarden, en geeft uitleg over elk ander toepasselijk mechanisme ter beperking van het wisselkoersrisico waaraan hij is blootgesteld.]1
----------
(1)<W 2016-04-22/01, art. 24, 038; Inwerkingtreding : 01-12-2016>
(2)<W 2017-04-18/03, art. 11, 046; Inwerkingtreding : 04-05-2017>
(3)<W 2018-09-20/14, art. 12, 067; Inwerkingtreding : 20-10-2018>
Bron: Justel
