Artikel XX.59/1, WER
Art. XX.59/1. [1 Op verzoek van een schuldeiser die kennelijk wordt benadeeld door de opschorting van de tenuitvoerlegging of wiens eigen continuïteit door de opschorting kennelijk hierdoor wordt bedreigd, kan de rechtbank de gevolgen van de opschorting bedoeld in artikel XX.50, eerste lid, ten aanzien van deze schuldeiser opheffen. De rechtbank gaat daartoe slechts over voor zover de continuïteit van het geheel of een gedeelte van de activa of van de activiteiten van de schuldenaar daardoor niet in gevaar komt.
De rechtbank oordeelt op verslag van de gedelegeerd rechter en na de verzoeker en schuldenaar te hebben gehoord.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2023-06-07/07, art. 81, 122; Inwerkingtreding : 01-09-2023>
De rechtbank oordeelt op verslag van de gedelegeerd rechter en na de verzoeker en schuldenaar te hebben gehoord.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2023-06-07/07, art. 81, 122; Inwerkingtreding : 01-09-2023>
Bron: Justel
