Artikel XV.90, WER
Art. XV.90.[1 Met een sanctie van niveau 5 worden gestraft, zij die :
1° als kredietgever de bepalingen [2 van artikel VII.95, §§ 1, 2 of 3 of artikel VII.147/10, §§ 1, 2 of 3]2 overtreden;
2° aanbiedingen, kredietaanvragen of kredietovereenkomsten bedoeld in boek VII in blanco doet ondertekenen of antidateren;
3° een jaarlijks kostenpercentage of een debetrentevoet hanteren die de maxima, bedoeld [2 in de artikelen VII.94 en VII.147/9]2 en vastgesteld door de Koning, overschrijden;
4° [8 gebruik maken van een van de in de artikelen VII.84 tot VII.88, VII.105, § 2, VII.139, VII.140, VII.144 en VII.147/20, §§ 2, 3 en 4, bedoelde onrechtmatige bedingen of een inbreuk maken op de artikelen VII.105, § 1, VII.108, VII.147/20, § 1, of VII.147/25;]8
5° in het raam [2 van een kredietovereenkomst]2 een wissel of een orderbriefje ter betaling of als zekerheid van de overeenkomst doen ondertekenen of een cheque in ontvangst nemen tot zekerheid van de volledige of gedeeltelijke terugbetaling van het verschuldigde;
6° door de consument of elke andere persoon een overdracht bedoeld [2 in de artikelen VII.89, § 1 en 147/2, § 1]2 en in de artikelen 27 tot en met 35 van de wet van 12 april 1965 betreffende de bescherming van het loon der werknemers doen ondertekenen, waarvan de modaliteiten de bepalingen bedoeld in deze artikelen niet eerbiedigen;
7° enige betaling of vergoeding eisen buiten de gevallen bepaald bij boek VII;
8° in zoverre zulks [2 door de artikelen VII.115 en 147/31]2 verboden is, als schuldbemiddelaar optreden;
9° de bepalingen van de artikelen VII. 67 betreffende het leuren overtreden;
10° de bepalingen van artikel [2 van de artikelen VII.112, § 1 en VII.147/29, § 4, eerste lid,]2 betreffende de kredietbemiddeling overtreden;
11° in strijd met de bepalingen [2 van de artikelen VII.69 en VII.126, § 1]2 in het raam van een kredietovereenkomst als kredietgever of kredietbemiddelaar wetens en willens aan de consument of de zekerheidssteller ongeoorloofde, onjuiste of onvolledige informatie vragen;
12° als kredietgever of kredietbemiddelaar aan de consument niet de SECCI bedoeld in de artikelen VII. 70 en VII. 71, verstrekken of die in strijd met de artikelen VII. 74 en VII. 75, wetens en willens niet de meest aangepaste informatie verstrekt of niet het best aangepaste krediet zoekt;
[7 12° /1 als kredietgever of kredietbemiddelaar de bepalingen van de artikelen VII.70, § 1, vierde lid, of VII.130 overtreden;]7
[8 12° /2 als kredietgever de bepalingen van artikel VII.86, § 7, overtreden;]8
13° de bepalingen van artikel VII. 68 betreffende de promotieaanbiedingen overtreden;
14° de verplichting tot het ter beschikking stellen van de documenten bedoeld [2 bij de artikelen VII.99, VII.106, § 4, VII.147/14 en VII.147/22, § 4]2 niet nakomen;
15° als kredietgever de bepalingen [2 van de artikelen VII.78, VII.81, [7 VII.109, §§ 1 en 2]7, VII.126, § 2 en VII.134]2 overtreden;
[7 15° /1 als kredietgever de bepalingen van de artikelen VII.77, § 1 of VII.133, § 1, betreffende de grondige beoordeling van de kredietwaardigheid van de consument en de persoonlijke zekerheidsstellers overtreden;]7
16° in strijd met de bepalingen [2 van de artikelen VII.77, § 2 [3 ...]3 en VII.133, § 2 [3 ...]3]2, als kredietgever wetens en willens een kredietovereenkomst sluiten waarvan men redelijkerwijze moet aannemen dat de consument niet in staat zal zijn de verplichtingen voortvloeiend uit de overeenkomst na te leven;
17° [2 VII.117 tot VII.122 en VII.147/33 tot VII.147/38]2 overtreden;
18° [2 de artikelen VII.137, VII.138, VII.143, VII.146, VII.147 en [7 VII.147/26, §§ 1 en 2]7 overtreden;]2
19° [2 als kredietgever of kredietbemiddelaar aan de consument niet het ESIS bedoeld [5 in artikel VII.127]5 verstrekken of die in strijd met [6 de artikelen VII.129, [7 VII.131]7 en VII.131]6, wetens en willens niet de meest aangepaste informatie verstrekt of niet het best aangepaste krediet zoekt;]2
[8 19° /1 als kredietgever de bepalingen van artikel VII.143, § 8 overtreden;]8
[4 20° : a) wetens en willens een cheque of enig ander door dit Wetboek met de cheque gelijkgesteld waardepapier uitgeven zonder voorafgaand, toereikend en beschikbaar fonds; of
b) dergelijk waardepapier overdragen, wetende dat het fonds niet toereikend en beschikbaar is; of
c) als trekker wetens en willens het fonds van dergelijk waardepapier geheel of ten dele terugnemen tijdens de aanbiedingstermijn; of
d) als trekker, met bedrieglijk opzet of met het oogmerk om te schaden, een dergelijk waardepapier herroepen of het fonds ervan geheel of ten dele onbeschikbaar maakt, of na het verstrijken van de aanbiedingstermijn het fonds geheel of ten dele terugnemen.]4]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2014-04-19/39, art. 13, 021; Inwerkingtreding : 01-04-2015 (zie KB 2014-04-19/40, art. 2)>
(2)<W 2016-04-22/01, art. 39, 038; Inwerkingtreding : 01-12-2016>
(3)<W 2017-04-18/03, art. 27, 046; Inwerkingtreding : 04-05-2017>
(4)<W 2018-04-15/14, art. 207, 059; Inwerkingtreding : 01-11-2018>
(5)<W 2019-05-02/28, art. 33, 077; Inwerkingtreding : 01-06-2019>
(6)<W 2023-11-05/07, art. 61, 123; Inwerkingtreding : 21-12-2023>
(7)<W 2024-02-09/19, art. 54, 129; Inwerkingtreding : 31-03-2024>
(8)<W 2024-12-20/49, art. 54, 139; Inwerkingtreding : 24-01-2025>
1° als kredietgever de bepalingen [2 van artikel VII.95, §§ 1, 2 of 3 of artikel VII.147/10, §§ 1, 2 of 3]2 overtreden;
2° aanbiedingen, kredietaanvragen of kredietovereenkomsten bedoeld in boek VII in blanco doet ondertekenen of antidateren;
3° een jaarlijks kostenpercentage of een debetrentevoet hanteren die de maxima, bedoeld [2 in de artikelen VII.94 en VII.147/9]2 en vastgesteld door de Koning, overschrijden;
4° [8 gebruik maken van een van de in de artikelen VII.84 tot VII.88, VII.105, § 2, VII.139, VII.140, VII.144 en VII.147/20, §§ 2, 3 en 4, bedoelde onrechtmatige bedingen of een inbreuk maken op de artikelen VII.105, § 1, VII.108, VII.147/20, § 1, of VII.147/25;]8
5° in het raam [2 van een kredietovereenkomst]2 een wissel of een orderbriefje ter betaling of als zekerheid van de overeenkomst doen ondertekenen of een cheque in ontvangst nemen tot zekerheid van de volledige of gedeeltelijke terugbetaling van het verschuldigde;
6° door de consument of elke andere persoon een overdracht bedoeld [2 in de artikelen VII.89, § 1 en 147/2, § 1]2 en in de artikelen 27 tot en met 35 van de wet van 12 april 1965 betreffende de bescherming van het loon der werknemers doen ondertekenen, waarvan de modaliteiten de bepalingen bedoeld in deze artikelen niet eerbiedigen;
7° enige betaling of vergoeding eisen buiten de gevallen bepaald bij boek VII;
8° in zoverre zulks [2 door de artikelen VII.115 en 147/31]2 verboden is, als schuldbemiddelaar optreden;
9° de bepalingen van de artikelen VII. 67 betreffende het leuren overtreden;
10° de bepalingen van artikel [2 van de artikelen VII.112, § 1 en VII.147/29, § 4, eerste lid,]2 betreffende de kredietbemiddeling overtreden;
11° in strijd met de bepalingen [2 van de artikelen VII.69 en VII.126, § 1]2 in het raam van een kredietovereenkomst als kredietgever of kredietbemiddelaar wetens en willens aan de consument of de zekerheidssteller ongeoorloofde, onjuiste of onvolledige informatie vragen;
12° als kredietgever of kredietbemiddelaar aan de consument niet de SECCI bedoeld in de artikelen VII. 70 en VII. 71, verstrekken of die in strijd met de artikelen VII. 74 en VII. 75, wetens en willens niet de meest aangepaste informatie verstrekt of niet het best aangepaste krediet zoekt;
[7 12° /1 als kredietgever of kredietbemiddelaar de bepalingen van de artikelen VII.70, § 1, vierde lid, of VII.130 overtreden;]7
[8 12° /2 als kredietgever de bepalingen van artikel VII.86, § 7, overtreden;]8
13° de bepalingen van artikel VII. 68 betreffende de promotieaanbiedingen overtreden;
14° de verplichting tot het ter beschikking stellen van de documenten bedoeld [2 bij de artikelen VII.99, VII.106, § 4, VII.147/14 en VII.147/22, § 4]2 niet nakomen;
15° als kredietgever de bepalingen [2 van de artikelen VII.78, VII.81, [7 VII.109, §§ 1 en 2]7, VII.126, § 2 en VII.134]2 overtreden;
[7 15° /1 als kredietgever de bepalingen van de artikelen VII.77, § 1 of VII.133, § 1, betreffende de grondige beoordeling van de kredietwaardigheid van de consument en de persoonlijke zekerheidsstellers overtreden;]7
16° in strijd met de bepalingen [2 van de artikelen VII.77, § 2 [3 ...]3 en VII.133, § 2 [3 ...]3]2, als kredietgever wetens en willens een kredietovereenkomst sluiten waarvan men redelijkerwijze moet aannemen dat de consument niet in staat zal zijn de verplichtingen voortvloeiend uit de overeenkomst na te leven;
17° [2 VII.117 tot VII.122 en VII.147/33 tot VII.147/38]2 overtreden;
18° [2 de artikelen VII.137, VII.138, VII.143, VII.146, VII.147 en [7 VII.147/26, §§ 1 en 2]7 overtreden;]2
19° [2 als kredietgever of kredietbemiddelaar aan de consument niet het ESIS bedoeld [5 in artikel VII.127]5 verstrekken of die in strijd met [6 de artikelen VII.129, [7 VII.131]7 en VII.131]6, wetens en willens niet de meest aangepaste informatie verstrekt of niet het best aangepaste krediet zoekt;]2
[8 19° /1 als kredietgever de bepalingen van artikel VII.143, § 8 overtreden;]8
[4 20° : a) wetens en willens een cheque of enig ander door dit Wetboek met de cheque gelijkgesteld waardepapier uitgeven zonder voorafgaand, toereikend en beschikbaar fonds; of
b) dergelijk waardepapier overdragen, wetende dat het fonds niet toereikend en beschikbaar is; of
c) als trekker wetens en willens het fonds van dergelijk waardepapier geheel of ten dele terugnemen tijdens de aanbiedingstermijn; of
d) als trekker, met bedrieglijk opzet of met het oogmerk om te schaden, een dergelijk waardepapier herroepen of het fonds ervan geheel of ten dele onbeschikbaar maakt, of na het verstrijken van de aanbiedingstermijn het fonds geheel of ten dele terugnemen.]4]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2014-04-19/39, art. 13, 021; Inwerkingtreding : 01-04-2015 (zie KB 2014-04-19/40, art. 2)>
(2)<W 2016-04-22/01, art. 39, 038; Inwerkingtreding : 01-12-2016>
(3)<W 2017-04-18/03, art. 27, 046; Inwerkingtreding : 04-05-2017>
(4)<W 2018-04-15/14, art. 207, 059; Inwerkingtreding : 01-11-2018>
(5)<W 2019-05-02/28, art. 33, 077; Inwerkingtreding : 01-06-2019>
(6)<W 2023-11-05/07, art. 61, 123; Inwerkingtreding : 21-12-2023>
(7)<W 2024-02-09/19, art. 54, 129; Inwerkingtreding : 31-03-2024>
(8)<W 2024-12-20/49, art. 54, 139; Inwerkingtreding : 24-01-2025>
Bron: Justel
