Artikel XX.162, WER
Art. XX.162. [1 De gefailleerde en de schuldeisers kunnen tegen de verrichte en te verrichten verificaties bezwaren inbrengen binnen een maand na de uiterste datum zoals bepaald in artikel XX.161 voor de neerlegging van het proces verbaal van verificatie.
Legt de curator het proces-verbaal van verificatie later neer dan de datum zoals bepaald in artikel XX.161, dan neemt de termijn pas een aanvang vanaf de datum van neerlegging van het proces-verbaal.
Het bezwaar wordt aan de curatoren en aan de schuldeiser wiens vordering wordt tegengesproken betekend bij een deurwaardersexploot. Hierbij worden de curatoren en de schuldeiser, alsmede de gefailleerde voor de rechtbank gedaagd teneinde uitspraak te horen doen over de schuldvordering waartegen bezwaar is ingebracht. De gefailleerde wordt door de curatoren verwittigd met uitnodiging om te verschijnen.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2017-08-11/14, art. 3, 058; Inwerkingtreding : 01-05-2018>
Legt de curator het proces-verbaal van verificatie later neer dan de datum zoals bepaald in artikel XX.161, dan neemt de termijn pas een aanvang vanaf de datum van neerlegging van het proces-verbaal.
Het bezwaar wordt aan de curatoren en aan de schuldeiser wiens vordering wordt tegengesproken betekend bij een deurwaardersexploot. Hierbij worden de curatoren en de schuldeiser, alsmede de gefailleerde voor de rechtbank gedaagd teneinde uitspraak te horen doen over de schuldvordering waartegen bezwaar is ingebracht. De gefailleerde wordt door de curatoren verwittigd met uitnodiging om te verschijnen.]1
----------
(1)<Ingevoegd bij W 2017-08-11/14, art. 3, 058; Inwerkingtreding : 01-05-2018>
Bron: Justel
